Categorie archief: Start to run

Van couch potato naar slowrunner

Ik postte gisteren een blog met mijn nabeschouwing over den Elewijtse Halve. Mijn zoon merkte op dat ook hij nu heel goed zag dat ik heel veel afgevallen ben. Maar dat hem dat er ook niet van weerhouden had om met onnozele commentaar te reageren op de link op Facebook – zijn eigen woorden h√©! ūüėČ

Enfin, dat kan en dat mag allemaal… maar daardoor kreeg ik toch weer even een moment van reflectie.

Spot the difference… ik kan het zelf nog altijd niet helemaal bevatten, maar geloof mij maar op mijn woord: dit leven is duuzend keer beter dan het leven van een paar jaar terug, zelfs al was ik toen jonger. Het was tot op heden al een hele reis, maar wel eentje die ontzettend de moeite waard is. Ik kan het iedereen die wat kilootjes kwijt wilt aanraden.

En noteer ook dit: nooit laat ik het nog zover komen. Daarom, ook voor mezelf, een klein overzichtje van mijn ‘reis’ tot nu toe…. ik zit en sta er zelf nog alle dagen van te kijken…

Den Elewijtse Halve, een nabeschouwing

Den Elewijtse Halve. Het is al jaren dat ik daar inschrijvingen doe, en het is ook al jaren dat ik daar niet loop. Het is daar gewoonweg altijd te warm. Daarbovenop loop ik eigenlijk niet zo graag gewoon op straat.

Maar bon, ik kan nu lopen, en ik moet zo’n organisatie van mijn eigen club dan ook eens gelopen hebben. Alleen wat twijfel. De 5 die kan ik probleemloos, maar zo’n 10? Zou ik dat kunnen? Los voorbijgaand aan het feit dat ik er al wel een keer 17 liep, en dat ik ook al een paar keer die 13 √† 14km op de Brabant Wallon uitliep… Dus ja… reality check: ik moet dat kunnen! Zeker op een vlak parcours als dat van Elewijt.

Daar bovenop wou Patrick, die mij van bij het begin gesteund heeft in mijn start-to-run-proces, voor het eerst in lange tijd (blessures zijn zo’n bitches!) een 10 kilometer lopen. Maar alleen zag hij dat niet zitten. De deal was snel in orde, ik zou met hem lopen. Het doel was 10 kilometer in 1u30. Dat is dus 45 minuten per ronde van 5,25 kilometer, dat zou moeten lukken.

Jadadde, inderdaad dat dat zou lukken. De vooropgestelde 9 minuten per kilometer, daar gingen we losjes onder. 5 kilometer, vlot onder de 45 minuten. En daar waar we in de eerste ronde nog dachten van: ‘hier passeren we straks nog een keer’, was het in de tweede ronde van ‘hier moeten we straks niet meer zijn’. En ja, tellen, dat ook.¬†Eerst opgeteld: We zijn al 2,5 kilometer ver. Een kwart gedaan. We zijn goed bezig! Daarna deed ik het omgekeerde: maar 2,5 kilometer meer te gaan, en de aankomstboog van Decathlon lonkt! We zijn er bijna!

Nu, daar waar het voor mij een nogal relaxt loopje was, was het dat voor mijn loopmaat niet altijd. Die eerste 10 kilometer na lange tijd, dat is inderdaad afzien. Maar hij ging ervoor, en hij bleef lopen. En ik bleef tateren. Ik heb het van de beste geleerd natuurlijk, op al die Brallons waar iemand mij meestal tegemoet loopt om mij erdoor te tateren. ūüėČ
Neemt niet weg dat ik het echt leuk lopen vond. Ik heb geen moment op mijn adem getrapt, ik heb geen moment gedacht dat ik het niet kon, ik heb geen moment gesmacht naar de aankomst. Oja, er zijn al weleens andere loopjes geweest. Dit was echt relax-max, en ook weleens fijn om te doen, zo ‘hazen’ voor iemand anders.

Ha, en die 1u30 voor die 10 kilometer (10km500 eigenlijk, het was dan ook een kwart marathon ūüėČ ) die was eraan voor de moeite. Compleet aan gruzelementen met 1u23. Patrick heeft dat keigoed gedaan! Van een mooie herstart gesproken! Volgend jaar loopt hij mij er waarschijnlijk weer klink af, maar dat is hem dan ook weer gegund!

In ieder geval: ik vond het heel erg plezant. Plezant ook door de vele supporters langs de kant, door de vele aanmoedigingen. Dat geeft een mens vleugels. Zelfs met een brandend zonnetje aan de hemel.
Want ik was ook helemaal vergeten dat ik eigenlijk niet zo hittebestendig ben. Laat staan dat ik niet graag loop in een temperatuur van rond de 25¬į. En toch… helemaal gelukt! Ik ben een contente Sandra. ūüôā De smile bij aankomst zegt genoeg denk ik. Nu nog eens die clubtenue in orde krijgen, ik weet het! ūüėČ

PS: het was trouwens ook heel plezant om wat blog-lezers in levende lijve te ontmoeten. Peter, Sarah, aangename kennismaking!

Elewijtse

(c) Marc Fourmois

Vies beestje

vijver en voetbalveldVandaag exact 3 jaar geleden was ik blijkbaar erg happy. Niet dat ik dat nu niet meer ben, maar toen was ik heel erg blij omdat ik weer een soort van mijlpaal bereikt had in mijn korte loopcarri√®re. Dat weet ik, want het dook op in mijn smoelenboek-historiek. Ik postte toen onverminderd mijn loopervaringen – of die nu goed of slecht waren – ¬†kwestie van niet terug te kunnen krabbelen en mezelf te blijven motiveren. ¬†Maar terug naar die 11e april 2014. Want ik was toen namelijk √©n de vijver √©n het voetbalveld rondgelopen. Of dat in 1 of 2 keer was heb ik toen niet gespecifieerd, maar toch….

Het is wel raar, dat nu te zien staan. Want hoe onwaarschijnlijk was het eigenlijk, dat ik dat deed, dat ik dat kon!
Het lijkt ook nog maar net, dat ik aan dat hele loopverhaal begon. Een loopverhaal met als bedoeling 5 kilometer te kunnen lopen, zo’n 2 keer per week. Dat zou wel volstaan. Ik zou daar geweldig blij mee geweest zijn.

Zou geweest zijn, inderdaad. Want ik had toen nooit durven en¬†kunnen vermoeden dat ik nu zou staan waar ik nu¬†sta. Met ¬†zoveel kilo’s minder, en vooral: met zoveel gelopen kilometers meer op de teller. En ook, zelfs in mijn mooiste dromen had ik ook nooit gedacht dat ik dat lopen ook nog eens √©cht leuk zou gaan vinden zijn. En toch is dat wat onderweg ergens gebeurd is. Rare dingen allemaal zo.
Ik moet misschien ook nooit meer zeggen dat ik iets niet zal doen. Want zo’n halve marathon? ¬†Nooitvanzeleven! Zotten, dat zijn het. Beetje 21 kilometer gaan rennen, terwijl je die ook met de fiets ofzo kan doen. Neeneen, 5 kilometer, daar ging ik voor, dat was al meer dan ver genoeg, en als ik dat zou kunnen, dan zou ik al ferm content zijn.

Maar ja… daar ergens onderweg raapte ik zo een virusje op. Een loopvirusje. En dat virusje vond dat die sky en die limit best nog wel wat verder konden gaan liggen. 10 kilometer, die zouden het worden. Waarna bleek dat ik best nog wel wat verder kon dan die 10 kilometer. Ok, die 10 mijl dan. Zoveel mensen lopen die, dat moet vast ook nog tot de mogelijkheden behoren. En oh ja Sandra, we gaan op loopvakantie, maar de minimumafstand is wel 26 kilometer. Ach… dan doen we dat toch wel zeker?

Pardon? Hoor mij nu eens? Lag die sky en die limit al niet ver genoeg? Méér dan een halve marathon, binnen goed 4 maanden. 26 kilometer, dat is wel een stukje verder dan de vijver én het voetbalveld rond. Zelfs al zou ik het in 1 keer doen. Ik denk dat ik maar al moet beginnen met bibberen. 26 kilometer zeg. Ik moet wel echt koorts hebben. Dat hoort ook bij een virusje, koorts. En dat delirium, dat volgt vast ook nog!

 

Loopverjaardag

Zie nu, wat er vandaag 2 jaar geleden gebeurde! Een mijlpaal! Een hele grote mijlpaal zelfs! Ik liep toen, op 27 december 2014, zomaar, voor de allereerste keer in heel mijn leven, 5 hele kilometers!

 

5km-2014

Ik ben er nog altijd trots op. Want die 5 kilometer, die betekenden écht het begin van een soort van nieuw leven. Ik had toen nooit durven denken dat ik 2 jaar erna nog steeds zou lopen, meer zelfs, dat ik ook echt zou kunnen genieten van dat lopen.

Goh, 2 jaar zeg… ’t is wel een verjaardag die kan tellen. Want samen met dat lopen kwamen er zoveel mooie dingen op mijn pad. Ik vind daarom ook dat deze verjaardag er eentje is die moet gevierd worden. Het toeval wil dat het training is vanavond. En dat het ook mooi weer is. Ik ga dat dus vieren met een soort van ‘verjaardagsloopje’. Ik heb er nu al zin in !

dream-it

6 december 2014 – een mijlpaal!

Vandaag exact 2 jaar geleden staat in mijn geheugen gegrift! Het waarom… zie dit blogje van 2 jaar terug dat ik toen nog op de Weight Watchers-site postte. ūüôā

En ondanks dat het zwaar was, ondanks dat het dat soms nog altijd is, ben ik toch megacontent dat ik die hele grote “ik wil leren joggen”-stap gezet heb. Want het is het gewoon allemaal waard geweest. En het is dat nog steeds! Want dat “joggen”, dat “lopen”, dat bracht mij tot op heden al zoveel moois! Overigens… die 5 kilometer op 30 minuten lopen, dat was toch wel heel optimistisch. Maar goed… tijd is niet van belang. Ik loop, en ik blijf lopen. Dat telt!¬†

fast-go

Een nieuwe mijlpaal, en wat voor een!

Zaterdag, 6 december 2014.

De dag waarop Sinterklaas komt. En ook een dag waarop de zon van de partij was. Evengoed een dag die ik nooit meer wil vergeten.

Want 6 december 2014 was een erg mooie dag. Want op diezelfde 6 december 2014 liep ik voor de eerste keer in mijn hele leven de volle 30 minuten! Een heel half uur!

Lang verhaal kort: ik besloot op een mooie dag, intussen alweer bijna 2 jaar geleden, dat ik wou leren joggen. Hardlopen. Niet dat ik enige affiniteit met lopen had. Totaal niet! Mijn loopervaring beperkte zich tot enkele slechte ervaringen tijdens de schooltijd, en daarna tot het kijken naar lopen. Want manlief die liep wel, en die was best goed geweest in zijn jonge tijd, een heel erg goede subtopper. Om maar te zeggen: ik zat wel in de omgeving, maar van zelf lopen kwam er toch niets in huis. Lees: bang om op mijn bek te gaan, bang om het niet kunnen.

En toch kwam daar op die mooie dag van hierboven een soort van klik. Ik moest en zou leren joggen. Een droom die al heel snel aan diggelen lag. Conditie 0,0, en een scheenbeenvliesontsteking daarbovenop. Gelukkig had ik wel een heel goede personal coach ingeschakeld. Een coach die mij door middel van andere oefeningen liet inzien dat bewegen gewoon heel erg leuk is. En door die beweging kwam de ‘goesting’ om te gaan lopen eigenlijk gewoon vanzelf.

Nu ja, vanzelf… ik zou liegen als het ik zei dat het allemaal vanzelf gegaan is. Daar waar andere mensen er 10 of 12 weken over doen, deed ik er zoveel langer over. Maar eerlijk is eerlijk: Ik heb in mijn hele leven nog nooit zoveel gelopen als de afgelopen maanden. En niet eens tegen mijn zin. Neen! Ik geniet van mijn loopminuutjes! En ja, ik keek ook heel erg uit naar die 30 minuten lopen, al was dat tegelijkertijd toch wel een beetje een soort van berg waar ik tegenop keek. Dubbel, heel dubbel…

Gelukkig bood een vriendin zich op dat moment aan om samen met mij die 30 minuten mee te lopen. Niet dat ik het anders niet zou gedaan hebben, maar dit liep toch net iets vlotter. Want eerlijk is eerlijk: wij lopen in een bos waar het bergop en bergaf gaat. En dan kan ik wel kiezen om altijd hetzelfde vlakke stuk opnieuw te lopen, maar uiteindelijk is dat supersaai. Dus ik was heel blij dat ze mee was, en dat ze mij door de moeilijkere stukken bergop doorgepraat heeft. Om dan plots te beseffen: ik heb al 20 minuten gelopen, alle stukken bergop zijn achter de rug, de volgende 10 minuten is het bergaf en vlak. En dat kan ik!

En zo ging het ook. Opeens zei mijn horloge 30 minuten, en het goede nieuws was dat ik niet eens dood was! Ik kon nog!

Het volgende doel staat dus al: nu ga ik voor die 5km, en die 5km die wil ik binnen afzienbare tijd in een half uur lopen. Concreet wil dat zeggen dat ik ongeveer 10 minuten van mijn tijd moet afpietsen. Maar hey… ik heb tijd, en vooral, ik heb doorzettingsvermogen! Ik kan dit! Want ik heb vandaag, en dat nog net voor mijn 44ste verjaardag, 30 volle minuten gelopen. Een heel half uur! En ja, daar ben ik megatrots op!

Op naar de volgende uitdaging, en ja, daar heb ik megaveel zin in!

En voor diegenen die er nog aan twijfelen: SPORTEN IS TOF!

Loopverjaardag!

Even een klein berichtje tussen het verhuizen door, want ik heb een verjaardag te vieren!

Vandaag, dag op dag 2 jaar geleden, in het gezegende jaar tweeduuzendveertien, kreeg ik mijn loopschema. Een veel trager schema nog dan een klassiek Start-to-Run-schema. Want ja, ik kwam van ver. En ik moest nog ver.

Maar op 1 augustus 2014 ben ik dus officieel gestart met ‘lopen’. 5 maanden heb ik opgebouwd, met heel veel vallen, maar met nog meer opstaan. Eerst liep ik rondjes rond het voetbalveld, ver uit het zicht van iedereen. Daarna liep ik ze rond de vijver. Ik ken intussen elk putje, hoekje en kantje daar aan die vijver. Maar uiteindelijk, in december 2014, liep ik mijn eerste halfuur ooit!

schema

Het doel was om daarna vol te houden tot ‘den Elewijtse Halve’. Die heb ik ¬†om 1 of andere reden toen niet gelopen, maar wat veel belangrijk is: ik heb diene Elewijtse dan wel niet gelopen, maar ik loop w√©l nog steeds! ¬†Wie had dat toen kunnen vermoeden!
Wonderen bestaan écht!

Lopen, sinds wanneer is dat eigenlijk plezant?

Daarstraks las ik ergens een vraag van een dame: “ik zou graag iets sportiefs doen, en ik zie heel veel mensen een doel van 5 kilometer lopen zetten, maar ik haat lopen. Wat zouden jullie mij adviseren?”

Ik zat al gelijk in de startblokken. Ik was écht zinnens haar te gaan vertellen hoe heerlijk lopen is, hoe je daarvan kan genieten, en dat echt iedereen dat kan als ik dat kan. Tot ik besefte: ik haatte lopen vroeger ook. Heel erg. En niemand kon mij toen van het tegendeel overtuigen. Serieus niet! Een dame in de loopclub zei het onlangs nog, dat ze zich nog zo goed kan herinneren dat ik altijd heel stellig zei dat lopen niets voor mij was, dat ik het niet graag deed, dat het ok was om naar te kijken, maar niet om het zelf te doen.

Dus ja… waar ging het eigenlijk mis? Ik vraag het mij echt af. Want inderdaad, lopen en ik, dat was niet iets wat je zomaar in 1 zin kon zeggen. Als ik op een loopwedstrijd was – om te kijken en te supporteren (niets zo mooi als een stel afgetrainde lopersbene2860_70237550628_6579488_nn trouwens, en dan niet die van het spillebeensoort) ¬†– dan werd ik al moe van alleen al naar de opwarming te kijken. Na een wedstrijd nog uitlopen¬†achteraf? Gekken! Alsof die 5, 10, 16 of ga zo maar door kilometers al niet genoeg waren!¬†Hoe kwamen ze erbij?
Echt waar! Ik snapte het totaal niet.
Ik ging wel mee op trainingsstage naar Spanje, dat wel. Om een boek te lezen. Of 2, dat ook. En om wat rond te hangen. En om een sangria te drinken. Of iets anders. Van een vaatje. Die dingen. Tapas, ook heel lekker trouwens. Ik ben daaroverigens wel een keer mee gaan fietsen, daar in dat Spanje. “Wandelen met de fiets”,¬†hadden ze mij toen beloofd. Nu, wandelen met de fiets, dat kon ik toen heel erg goed! Dus dat zag ik zitten. Maar met de fiets bergop wandelen, dat moest helaas wel met de fiets aan het handje, want dat lukte absoluut niet. Man, heb ik daar toen afgezien! Nu, zoveel jaar later en zoveel fitter, zou ik het eigenlijk nog wel eens willen proberen. Maar ja, er zijn geen trainingsstages meer richting Spanje.

Enfin, terug naar waar ik het eigenlijk over had:lopen. En sinds wanneer ik dat plezant vind. En waarom ik dat eigenlijk plezant vind. Hoe is dat nu eigenlijk gekomen? Awel, heel eerlijk, ik weet het eigenlijk niet. Feit is dat ik op een gegeven moment iets had van: “iedereen loopt, waarom zou ik het ook niet kunnen?” Feit is ook dat elke keer de coach in het begin zei “en nu gaan we een stukje lopen”, het voor mij was alsof ik de duivel in de ogen keek. Beangstigend. Ik ging afzien. Mijn hart ging weer in overdrive gaan, door een inspanning dan nog! Het was dan ook nog eens pijnlijk allemaal, met al die spieren en gewrichten die niet wisten wat hen overkwam. En dan al die extra kilootjes die ook meeliepen…. Neen, ik kan niet zeggen dat ik het een lolletje vond. Ik snapte ook totaal niet wat anderen eraan vonden. Hoe zij liepen, en bleven lopen. Maar ik wou, moest en zou, en nu ben ik w√©l blij dat ik doorgezet heb.

Wanneer die klik precies kwam, wanneer ik het √©cht leuk begon te vinden, kan ik eigenlijk niet goed meer duiden. Mijn eerste 5 kilometer in ‘wedstrijd’ heb ik afgezien van begin tot einde. Dus daar was het al niet. ūüėÄ
In Bern was het ook niet. Ja, die rode loper, dat was plezant, maar die helling daar vlak voor, die waar ik doodging… nee, die absoluut niet. Maar het gevoel erna was wel geweldig. Iets van: ik heb dit toch maar mooi gedaan! Dus ja, ergens daar moet het begonnen zijn. Met dat gevoel dat ik erachteraf van kreeg. Die runners’ high, die had ik alleen maar van horen zeggen. Die bestond niet volgens mij. Lopen, dat is afzien, dat was de perceptie.

BWEn toch kan ik intussen, eerlijk en met de hand op het hart, zeggen dat ik het graag doe, dat lopen. Starten is geen opgave meer. Die eerste 400 meter ja, die zijn afzien, dat is hijgen, zuchten en blazen, en denken dat het niet gaat gaan. Eens die door zijn, ben ik dat alweer vergeten. Het is alsof mijn adem zich naar dat lopen ‘zet’. En dan vind ik het leuk. Het lijkt dan vanzelf te gaan, de ademhaling is onder controle, en de spieren doen¬†niet al te lastig … Maar ik weet niet of het ooit √©cht makkelijk wordt. Mensen die al jaren lopen, zeggen mij ook dat het een illusie is dat zij niet afzien, dat het voor hen altijd even gemakkelijk is.
In ieder geval: Feit is dat ik het heb moeten leren. Ik heb moeten leren lopen, en ik heb moeten leren appreci√ęren dat ik loop. En ik heb ook moeten leren genieten van het lopen. Ik denk dat ik dat ik die drie dingen nu wel een beetje onder de knie heb. De ene dag al wat meer dan de andere dag. Maar dat is heel moeilijk uit te leggen aan iemand die op dit moment zegt dat ze lopen haat. Dus ik doe dat maar niet. Maar¬†ik hoop heel erg dat ook zij, net zoals ik, op een mooie dag zegt: ik ga het gewoon doen! Ik trek mijn loopschoenen aan, ik ga het bos in, en ik ga lopen. Want echt waar… voor mij is het nog altijd 1 van de beste dingen geweest die mij overkomen is.¬†Ik heb er kei- en keihard voor moeten werken om te staan waar ik nu sta, om te doen wat ik nu doen… en alleen al die “reis” op zich maakt het keihard de moeite waard!