Categorie archief: Plan M

Eenzame trainingsavonden

Training op donderdag. Ik ging altijd graag naar de training, maar ik moet toegeven dat ik sinds enige tijd er een beetje tegenop kijk. Niet omwille van het lopen zelf, ik loop nog altijd graag. En sinds de langere duurloopjes hun intrede gedaan hebben, en ik nog meer loop dan voordien, loop ik zelfs nog liever. Maar over die duurloopjes later nog eens meer. 

Want de reden waarom ik er een beetje tegenop kijk, tegen de training op donderdagavond, dat is omdat de training op donderdag een groepsloop is. Of dat zou het toch moeten zijn. En dat is het ook voor de meesten. Alleen… voor mij dus niet. Elke week opnieuw hoop ik, tegen beter weten in eigenlijk, dat er eens iemand is die zegt van: ‘Sandra, vandaag loop ik met jou’. Maar elke keer opnieuw vertrekt de groep, hobbel ik erachteraan, en moet ik na amper 1 kilometer alweer beseffen dat het niet voor vandaag zal zijn, dat groepsloopje. Of toch wel een groepsloopje, maar blijkbaar niet voor mij. Het voelt een beetje als ‘niet goed genoeg want te traag’. 

Het is nochtans mogelijk. Want een paar weken terug liep een vriend met mij de training. Hij op zijn tempo, ik op het mijne. Hij liep stukken door op zijn tempo, ik liep mijn tempo. Daarna liep hij een stuk terug tot bij mij, en liep vervolgens een stukje met mij mee. Een stukje waarop ik even kon praten, waarop ik even iemand had om mee samen te lopen. En dat maakt al zo’n groot verschil.

Want alleen is soms letterlijk alleen. En ik loop ook best graag alleen, maar dan liefst als het licht is buiten. Want zo alleen lopen in het donker, dat is vrij demotiverend. Zeker als je weet dat de rest van de club wél samenloopt. En dit keer was het zo demotiverend, ook na de zoveelste keer alleen in het donker, dat ik na nog niet eens 3 kilometer op het punt stond om met de tranen in mijn ogen terug te keren, te douchen en in de kantine een warme chocomelk te gaan drinken. Het moet verdorie ook wel gewoon leuk blijven, en dat was het dus écht even niet, alleen in het donker in het bos en in de kou. Niemand die iets tegen je zegt, geen enkel opbeurend woord, of zelfs niet even het gezucht van iemand die het ook donker en koud vind. Gewoon niets. Koud, donker. En ik. Dat was het.  En als je dan denkt van: ‘onnozel wicht, loop dan op straat’. Wel dan, ook daar heb ik gelopen. Maar op straat is het niet veel beter, behalve dan dat daar auto’s rijden en je occasioneel een voetganger tegenkomt. Het is en blijft alleen lopen.  Daar bovenop steek je dan ook allerlei dingen in je hoofd als je die paar andere mensen passeert in het bos (3 mannen en een hond trouwens): “Wat als”? Nu er is geen “wat als” geweest, en ook niet elke passant heeft uiteraard slechte bedoelingen, maar toch… 

In ieder geval: ik ben wel blijven lopen. Want toen ik mijn hartslag checkte, zag ik dat die best goed zat, en heel netjes binnen mijn zone 1. Dus bon ja… de keuze was simpel: de handdoek in de ring gooien, of blijven lopen. En het werd dat tweede. Ik wreef de tranen uit mijn ogen en liep door. Omdat ik karakter wil kweken. Omdat ik ook gewoon wil trainen op zo’n trainingsavond. Omdat ik dat doel heb. Mijn doel trouwens, niet dat van een ander. Ik liep door, en al bij al werd het op een moment nog een deugddoend loopje. Want het liep plots wel fijn, zo in die lage hartslagzone.  De frustratie ging over in genieten, en na afloop was ik toch weer blij dat ik doorgelopen had.  Want dat doel, mijn Plan M, dat staat er. En daar blijf ik voor gaan, zelfs al moet dat op een koude, donkere decemberavond alleen. 

Run on and on
Run on and on
The loneliness of the long distance runner


I
‘ve got to keep running the course
I’ve got to keep running and win at
All costs
I’ve got to keep going be strong
Must be so determined and push myself on


Run over stiles across fields
Turn to look at who’s on your heels
Way ahead of the field
The line is getting nearer but do
You want the glory that goes
You reach the final stretch
Ideals are just a trace
You feel like throwing the race
It’s all so futile


(c) Iron Maiden




Advertenties

11.11.11-loop in Vossem

Om maar met de deur in huis te vallen: neen, ik ben niet tevreden met hoe het lopen vandaag gegaan is. En ja, ik weet ook hoe dat komt.

De bedoeling was eigenlijk om een ‘training tijdens de wedstrijd’ te doen. De eerste 10 kilometer toch. Dat betekent: 17 minuten lopen, 3 minuten stappen. En dat lopen liefst ook aan lage hartslag. Een vriendin zou met mij meelopen de eerste 10 kilometer, zodat ik dat stuk niet alleen moest doen.

Bon, en daar begint het dus al. De vriendin in kwestie, die loopt eigenlijk sneller dan ikzelf. Waardoor ik er nog niet eens aan dénk om mijn tempo te gaan verlagen. Integendeel, ik ga eigenlijk toch nét iets sneller dan ik andere trainingen loop. Zij loopt dan inderdaad aan een lager tempo, en aan een lagere hartslag. Mijn hartslag, die gaat alleen maar skyhigh. Ze stelde mij nog wel voor om toch wat trager te gaan, maar het kwaad was al geschied. Eens de hartslag te hoog gaat, is het onmogelijk om die nog in de zone 1 te krijgen. Dus bon ja, door dan maar. Door met 17 minuten stappen, en 3 minuten lopen. En sjikken, dat ook. Want eigenlijk liep ik niet laatst, maar door dat stappen gingen andere lopers vlotjes over mij. Het is dan ook nog altijd een loopwedstrijd. En dan doet dat toch wel zeer.

Maar goed, het was wat het was. Lopen dus. En ja, stappen. Intussen was de fietser ook achter ons gaan hangen, de man zal ook gedacht hebben “die gaan die 20K nooit helemaal uitlopen”. Het is ook wel een dingetje… een training tijdens een wedstrijd is allemaal goed en wel, en trager lopen ook, maar niet als je al een trage loper bent. En al zeker niet op een dag als vandaag: regen, waardoor het allemaal al kil aanvoelde, en dan moeten die mensen wachten totdat die laatste tergend trage loper doorkomt. Moi dus. Op punten waar ik 2 keer kwam, heb ik mij dan ook verontschuldigd. En overal de mensen bedankt, dat ze blijven staan waren tot ik er ook was.

Mentaal erg lastig loopje dus. Ik zeg niet dat ik niet laatste geweest was als ik de 20K helemaal gewoon gelopen had. Dat niet. Ik zou wel de laatste geweest zijn. Maar ik vermoed dat ik er wel een beter gevoel aan zou overgehouden hebben. Want op kilometer 10 mochten we weer gewoon ons eigen tempo lopen. Voor mij dus het tempo wat ik al de hele tijd liep, voor mijn vriendin een beetje sneller. En dat was ook weer zoiets. Ik zie haar gaan, en wil dan mee. Maar dat kan ik niet, want ik kan niet sneller lopen dan ik loop. En dat is op dat moment mentaal heel moeilijk. Ik kan niet mee. Alweer niet.

Voor de rest: het was echt een keimooi parcours. Ik heb genoten van de pracht van de herfst, van de goudgeel-gekleurde dreven, van de bomen die mij toeriepen “vandaaaaaag is roooooooood”. Want inderdaad, zo uitbundig rood kan ook een boom zijn. En het was super dat die paar clubvriendjes op mij stonden te wachten aan de finish. Want ik had het toen echt wel gehad. En… een kleine mijlpaal ook voor mijn man, die zowaar voor het eerst sinds zijn hartoperatie een paar honderd meter met mij mee naar de finish liep! Hopelijk is hij nu weer vertrokken. Het hart en de longen willen in ieder geval wel, nu hopelijk de knie ook nog! Thumbsup!

Oja, minpuntje toch nog: ik citeer even uit de wervingstekst: “Op kilometer 7 en 16 wordt er water en bananen voorzien. Ook aan de aankomst is er voor alle (sic!) lopers water beschikbaar.” Bananen aan de bevoorrading, check! Water op kilometer 7, ook check.  Op kilometer 16 was het water op, maar daar kreeg ik, met een grote dankjewel aan de meneer die uit zijn auto voor mij een flesje opdook, een flesje Cola Zero. Het was meer dan welkom! Maar dat water aan de finish voor alle lopers? “Sorry, het is op”. Ja, daar had ik iets aan. Not.

Dus neen, geen loopje met een écht goed gevoel dit keer. Het tweede deel liep wel ok, ik kan echt wel 20 kilometer lopen zonder noemenswaardige problemen, maar toch… Hartslag te hoog, mentaal lastig omdat het trainingsgedeelte niet goed ging, en geen water. Ik ga dan ook geen wedstrijden meer ‘als training’ lopen, want dat lukt mij gewoon niet. Ik blijf uiteraard wél gewoon de start-to-marathon-trainingen doen, maar een loopwedstrijd als training, die beker ga ik aan mij laten voorbijgaan. Laat mij die wedstrijdjes maar gewoon lopen, dan ben ik waarschijnlijk ook laatste, maar dan is het gevoel aan de finish wel duizend keer beter. Help! Ik mis mijn bubbel! 😉

fall down

 

In een bubbel…

Beetje vreemd dit. 10 mijl lopen, en in een soort van bubbel zitten de dagen erna. Ik heb nog nooit zo lang in een bubbel gezeten na het lopen. Even ja, tijdens het lopen, en na het douchen ook nog. Maar na twee keer slapen en al 2 hele dagen werken, denk ik nog steeds van: goh, wat was dat plezant zondag, wat was dat een fantastisch loopje.

Want echt, dat was het! Ik heb misschien in mijn vorige blog al een beetje lyrisch gedaan over de omgeving (jaja, understatement, ik weet het, maar ik meende echt elk woord), maar het loopje op zich ging ook echt wel supergoed. Ik voelde mij een beetje als een hinde die dartel de heuveltjes opliep. Geen idee waar dat gevoel vandaan komt overigens, want ik ben verre van een dartele hinde 😀 . Het liep gewoon gemakkelijk. Zelfs de heuveltjes gingen vrij vlot. Oh, hier  bergop? Allright, doen we toch wel even? En ook: damn zeg, 16 kilometer lopen, ik doe dat gewoon, ik moet er niet eens extra voor trainen.

Dus ja, die bubbel. Ik zit erin, en het lijkt er niet op dat ik er snel zal uitkomen. Ik vind de bubbel dan ook lichtjes fantastisch, dus ik blijf er met alle plezier nog eventjes in zitten. En zie, de fotootjes zijn er nu ook. Ik had al gezegd dat ik zou gaan spammen. Wel een beetje raar, zoveel foto’s van mezelf. Maar het gaat om de omgeving hé mensen. Zie eens, hoe mooi daarzo. Zie eens, wat een mooi loopke. Ooh echt… meer dan voor herhaling vatbaar. Er werd mij trouwens gevraagd waarom mijn loopje niet op Strava staat. Het staat er uiteraard wel op, want als het niet op Strava staat, is het niet gebeurd hé! Langs de andere kant: als het niet gebeurd is, dan mag ik nog eens terug. Heel dringend. Om het nog eens te doen. Ik zou het begot niet eens erg vinden!

Ik bedenk mij trouwens ook net: als ik ooit die Rursee-Marathon zelf zou lopen, dan moet ik daarna een week congé-olé-olé nemen, want dan gaat er met mij niets aan te vangen zijn die week erna 😀 Nu ook misschien niet, maar daar heb ik zelf verder geen last van. 😉

Bon, en hier komen ze dan hé: de zie-mij-eens-mega-genieten-van-mijn-16-kilometer-fotootjes!

 

 

Rursee 10 miles

En dan was het plots nog eens tijd voor een leuk loopje. Nu ja, plots, niet zo heel plots. Het stond al enkele weken in mijn agenda, met stip aangekruist nog wel. Want ik had al zoveel mooie dingen gehoord over de omgeving, en ook over het tijdstip waarop gelopen werd, middenin de herfst. Dus ja: een mooi loopje in een mooie omgeving, wat meer kon in wensen?

Niets. Want dat loopje van vandaag, dat steeg mijlenver boven mijn verwachtingen uit. OK, het begin was wat in mineur, want het was stervenskoud, daar aan de Rursee in Simmerath. Nochtans had de weersvoorspelling een mooie 13° gegeven. En daar kleed je je dan naar, uiteraard. Driekwart broek, dun shirt met lange mouwen, singlet. Dat zou wel volstaan. Gelukkig was het toen we thuis vertrokken ook al ijskoud, en had ik in een helder moment nog een looptrui meegenomen. En een multifunctionele hoofdband. Hoera hiervoor, want die dingen maakten dat ik toch niet doodvroor.

2018-11-04 10.33.49.jpgEnfin bon, na de obligate voor-de-start-selfie ging de marathon van start. Even supporteren voor Michaël, en dan terug op naar de tent om terug op te warmen alvorens mijn eigen 10 mijl van start zouden gaan. Ik was overigens zinnens er een ontspannen loopje van te maken. Geen ‘ik ga de laatste zijn’-stress, geen ‘ze moeten op mij wachten aan de finish omdat ik zo traag loop’-stress. Niets van dat alles. Ik wist sowieso dat er nog een pak marathonners na mij zouden aankomen, en dat het dus niet uitmaakte hoe lang ik over mijn 16 kilometer zou doen.

Ik had al van bij de start gezien dat de omgeving supermooi was. Dat het nog mooier zou worden onderweg, dat had ik niet durven dromen. En toch… ik heb zo genoten! Genoten van prachtige vergezichten, van ongelooflijk mooie herfstlandschappen. Genoten van het feit dat ik daar gewoon aan het lopen was, dat ik dat kan. Genoten ook van het feit dat ik zelfs na een zware helling bergop, eens boven gewoon weer terug in loopmodus kan gaan. Genoten omdat ik toch tot meer in staat ben dan ik eigenlijk dacht. 2u30 was mijn doel, gezien de hoogteverschillen ook, maar ik ging over de streep in 2u09 minuten! Mét een brede smile! En een nieuw PR op de 10 mijl. En dat allemaal in modus relax, ik loop hier gewoon 10 mijl! Nee zeker!

 

Genoten ook van die aankomst an sich. Zo leuk, dat laatste minirondje, waar ze ook nog even je naam afroepen. En geweldig, die landgenoten die je dan ook nog even luid aanmoedigen, zelfs al kennen ze je niet. En en en… kers op de taart: een medaille! Ooo yeskes! Het klinkt onnozel, maar ik ben zo blij als een kind met dat onnozel stukske metaal!

Aja, en nog iets: ik was eigenlijk al verliefd, maar misschien ben ik het nu nog meer. Want man man man… echt waar zooooooooooooo mooi daarzo! Ik blijf het maar herhalen ja, maar het is dus ook écht zo hé! Dit moet echt met voorsprong het mooiste loopje zijn dat ik in mijn korte loopcarriére al gelopen heb.
Voor loopjes als deze wil ik gerust nog weleens vroeg uit mijn bed komen. En kou lijden. Echt waar. It was a bjoetifoel deei!

Oh, en gezien ik nu ook gezien heb waar de marathon passeert (nog meer mooie plekjes, inderdaad), heb ik nu toch maar beslist van iets op die bucket-list-die-ik-niet-had-maar-nu-dus-wel te zetten: ooit loop ik de Rursee-Marathon! ’t Zal nog niet zijn zeker!

 

PS: ik weet wel dat PS’en eigenlijk niet gelezen worden, dat PS’en blijkbaar gewoon carrément genegeerd worden. En toch moet er nog efkes een PS bij. Want vandaag zijn er dus net geen duuzend foto’s genomen langs het parcours. Alleen kon ik niet wachten met enthousiast te zijn over mijn loopje van vandaag. Zei ik al dat het daar zo mooi is? 😉 Dus bon ja… als die foto’s die daar genomen zijn een beetje leuk zijn, dan volgt er uiteraard nog spam met loopfoto’s aan de Rursee. Zeg niet dat ik u niet verwittigd heb! 🙂

 

 

 

De Harz-Gebirgslauf

Afgelopen zaterdag liep ik een superleuke halve marathon, in het Harz Gebergte. Diegenen die dit niet kennen: opzoeken en naartoe gaan, supermooie streek daarzo!

2018-10-12 18.22.44Die halve marathon, het woord gebergte zegt het al, die was inclusief wat hoogtemetertjes. Nu had ik in mijn hoofd zo onderweg, terwijl ik daar rondhuppelde in dat gebergte, al een halve blog geschreven. Alleen… dat blogs schrijven in mijn hoofd is 1 ding, ze achteraf nog kunnen reproduceren is weer totaal iets anders. Ik weet zeker dat er zo al wel wat schitterende ongeschreven schrijfsels verloren zijn gegaan! Damn. Signeren op de boekenbeurs zal op de bucketlist moeten blijven staan.

In ieder geval: daar waar we sneeuw gevreesd hadden op dé Brocken – de marathonlopers gingen inderdaad de mythische Brocken over – werd het een stralende nazomerse dag. Bij een temperatuur van ongeveer 25° overwon ik meer dan 550 hoogtemeters op een afstand van 22 kilometer. En dat ik ervan genoten heb! Echt waar, zo’n zalig loopje dit!

Bij de start vreesde ik anders nog even om laatste te lopen. Blijkbaar werden de laatste lopers begeleid door een quad, en om eerlijk te zijn zag ik dat totaal niet zitten. Lopen ook niet. Maar bon… de ongerustheid was niet nodig, want al op de eerste helling gingen mensen aan het stappen. En liep ik hen vlotjes voorbij. Op kilometer 3 was ik er zo toch al vrij zeker van dat ik dit keer niet de laatste zou zijn. En die gedachte alleen al maakte dat er een pak van mij afviel, en het lopen een stuk gemakkelijker leek te gaan.

Ik liep dan wel alleen, maar wat was dit genieten. Ik mocht weer door mooie bossen hollen, over leuke paadjes, en kreeg er op de koop toe prachtige zichten bij. Tot kilometer 8 zo ongeveer had ik zelfs het gevoel dat ik alles zou kunnen lopen, de volle 22 kilometer, want elk heuveltje dat ik tot dan tegengekomen was, bleek beloopbaar. En toen liep ik een stukje verkeerd… en werd ik terug op de goede weg gezet door een vriendelijke passant: “de halve marathon is langs daar, jij moet naar boven”. Naar boven naar boven… dat dat allemaal wel mee zou vallen, dacht ik nog. En ik zette fluks mijn looptochtje verder. Om een paar honderd meter verder toch te beseffen dat het lopen niet meer zo fluks ging, dat het toch wel stevig bergop ging, en dat ik misschien toch beter over zou gaan op stappen. Onderweg werd ik, zoals tijdens de 8 kilometer ervoor, aangemoedigd door de wandelaars die ik passeerde. Zo super! Alleen was die ene wandelaarster toch wel heel erg optimistisch toen ze mij zei dat het nog een klein stukje naar boven was en dat daarna de afdaling kon ingezet worden! Doh! Omhoog ging het, en omhoog bleef het gaan tot na kilometer 12.

En hey… zag ik daar die meneer niet die mij op kilometer 5 voorbij gegaan was? Samen met blijkbaar nog 2 andere lopers? En als zij daar nu nog maar zijn, en ik mét het stukje dat ik misgelopen was nu al zoveel ingelopen had, dan kon ik hen toch ook wel inhalen? Jups… de target was gezet, en ik moest en zou. Inderdaad! En zie… nét voor de top ging ik meneer vlotjes voorbij. Jeuj! Nu de 2 dames nog. Ik zag hen telkens een stukje lopen en daarna weer stappen. Als ik zou blijven lopen, niets overhaast maar gewoon een tempo waarop ik kon blijven lopen, dan moest ik hen toch kunnen inhalen?

Metertje na metertje kroop ik zo dichterbij. Tot ik hen echt op de hielen zat, en 1 van hen het terug op een lopen zette. Om 200 meter verder weer te gaan stappen. En dan weer te lopen. Erg enerverend zo, maar ik was ervan overtuigd dat het mij toch zou lukken. En kijk… op kilometer 17 had ik haar te pakken, aan de bevoorrading. Ik wou niet te lang blijven plakken, grabbelde snel een banaantje en een beker water, en ging door. Volgde ze? Neen… ze bleef achter! Mijn hart maakte zowaar een klein vreugdesprongetje.

De marathonlopers mengden zich op dat punt ook met de achterhoede van de halve marathonlopers. Gezelschap! Alleen gingen zij natuurlijk wel een pak sneller dan ik, maar ik besloot het niet aan mijn hart te laten komen. Ik zocht een voor mij goed afdaaltempo (dat afdalen is anders wel een dingetje, ik moet wat meer durven denk ik, dan valt er nog wel iets aan die tijd te doen), maar het liep wel vlot. Lastige weggetjes anders wel, vol met steentjes en redelijk stijl naar beneden. Dat zou zich later ook wel laten voelen in de beentjes!

En toen waren we beneden! Nog 2 kilometer gaf het bordje aan, het einde was in zicht. De laatste kilometer kreeg ik naar mijn gevoel nog vleugels. Al die supporterende mensen, cheerleaders, handgeklap. Na 21 zware kilometertjes zette ik toch nog even een voor mij verschroeiende eindspurt in van ongeveer 1300 meter. Het liep nog super, en de ‘tuut’ aan de finish was de kers op de taart. Alleen jammer dat de medailles enkel voor de marathonlopers waren, dat was wel een bummertje. Ik had er graag eentje aan mijn bescheiden collectie toegevoegd, zeker van zo’n leuk natuurloopje waar ik het naar mijn gevoel goed gedaan had. Maar goed… ik stop met klagen, want ik kreeg wél een mooie oorkonde. Hoera! Waar en wanneer is dat volgende (natuur)loopje? 😉

 

Marathon in Köln?

Afgelopen weekend was ik in Keulen. Oorspronkelijk was het plan om naar Keulen te gaan en daar een weekend rond te dwalen (met iemand die de stad als haar broekzak kent is het trouwens geweldig ronddwalen in zo’n stad), maar nét dat weekend was er ook de marathon van Keulen. En een vriend die die marathon zou lopen.

Zondag werd dus marathondag. We zouden gaan supporteren, en de sfeer mee gaan opsnuiven. Dat ging allemaal nogal vlotjes. Zowel het supporteren als het sfeer snuiven. En het lopen gelukkig ook. Hij finishte zijn marathon in 3u41 (keigoed gedaan!), en zei achteraf dat hij zich geen kilometer verveeld had. Overal ambiance, overal muziek, overal supporterende mensen.

Ik zag ook de laatste loper op het parcours. Op 5 kilometer van de finish was dat. Ik ben achteraf gaan kijken in de uitslag: hij heeft het helemaal mogen uitlopen, en is gefinished op net geen 6u30.

En bon ja… nu laat het mij niet meer los hé. Ik ben al gaan kijken wanneer de marathon volgend jaar valt. Want ik moet toch wel rekening houden met een aantal dingen, als trage loper zo. Ik zal uiteraard wat tijd nodig hebben om de volle 42,195 kilometer te lopen. Hopelijk geen 6u30, maar het is toch wel fijn om te weten dat je niet van het parcours gekuist wordt als je op pakembeet 5 kilometer van de finish bent. Het is ook fijn om te weten dat je ook als trage loper nog in het klassement opgenomen wordt.

Maar… het is natuurlijk wel zo dat de laatste lopers ook vrij eenzame lopers zijn. Ja, er staat nog volk langs het parcours, maar de grote massa is natuurlijk verdwenen. En dan loop jij daar nog. Goed 3u en zelfs langer nadat de snelle helden aangekomen zijn, moet jij die laatste kilometertjes nog. En ik vrees dat dat loodzware kilometers zullen zijn.

Kolsch.jpgWat mij ook wat tegenhoudt, dat is het beton. Overal. Want dat is een pak belastender dan op zachtere ondergrond lopen. Dus gooooh ja… ik weet het nog niet zo goed. Wel niet wel niet wel niet wel niet… twijfels twijfels twijfels. Ik besef nu ook maar pas goed waar ik aan begonnen ben, vrees ik. En dat het mentaal ook nog het een en ander gaat zijn, dat ook.

Ik moet natuurlijk nog niet nu beslissen, ik heb nog tijd. Eerst nog zien dat ik marathonklaar geraak tegen binnen een jaar. Maar dit zit natuurlijk al wel in mijn hoofd. Mijn Plan M in Keulen lopen. Het kan. Misschien. En eventueel. En anders houd ik het bij hydrateren. Want dat heb ik in ieder geval duidelijk al onder de knie! 😉

 

Bosmarathon, de halve

Het stond al keilang op de planning. Dit jaar moest en zou ik de halve marathon lopen in Buggenhout. Al sloeg de twijfel op een gegeven moment wel toe. Ajaaaaa, anders zou ik toch niet Sandra heten? Want zo’n halve marathon? Kan ik dat wel? Moet ik eerst niet nog wat trainen? Gaat dat wel lukken? En binnen 2 weken, die andere halve marathon? Wat daarmee?
Echt, ik maak mezelf soms écht wel gek. Gelukkig hebben anderen daar geen last van, als ik mezelf gek maak. 😉

Enfin, ik ga het kort houden deze keer. Jeps, ik kan dat! Echtig in techtig! Ik was de laatste. Of wat had je anders verwacht? Ik heb deze halve marathon wel als training gelopen, volgens het 17 minuten lopen + 3 minuten stappen-principe. Maar ik vermoed niet dat dat ‘laatste’ anders zou geweest zijn mocht ik hem niet als training gelopen hebben. Ik ben en blijf gewoon een (erg) trage loper.

Maar… ik liep wél zowaar een nieuw PR. Niet zo moeilijk natuurlijk, als je nog maar 3 halves op je palmares staan hebt, waarvan er eentje 25K in het Harz gebergte en een andere als training op een warme zomerdag om je waterrugzak te testen. En het liep verder ook gewoon vlot. Geen gezeur, geen geklaag. Meer zelfs: hadden ze mij aan de streep gezegd dat ik nog even moest doorlopen, ik had het begot nog gedaan, want er was nog wel wat reserve.

Maar ik ben dus content. En meer moet dat soms niet zijn. Voila!