Categorie archief: boostyourpositivity

Geluksmomentjes

Kleine geluksmomentjes. We hebben ze allemaal, maar we appreciëren ze misschien niet altijd even goed. Neen, want dat grote geluk, dat is iets wat we allemaal nastreven. Terwijl… al die kleine geluksmomentjes samen, zijn die niet beter dan dat ene grote geluksmoment dat ook in no-time voorbij is?
Daarom, een kleine oplijsting van dingen waar ik de afgelopen tijd gelukkig van werd. Oprecht gelukkig. Zelfs al was het maar voor even:

  • ’s Ochtends met de fiets het jaagpad langs het kanaal opdraaien. De stilte die mij daar telkens weer overvalt… onbetaalbaar!
  • Een onverwacht complimentje. Zoals de mij verder onbekende bezoeker op het werk, die aan de koffiemachine stond en mij plots zei ‘dat ik een heel mooie jurk aan heb’. En ik ben momenteel al zover dat ik dat gewoon kan accepteren.
  • Naar een vogeltje zitten kijken, iets met een groen buikje (een meesje ja 😉 ) en vervolgens vragen aan iemand wat voor vogeltje dat is, om als antwoord krijgen “volgens mij een roodborstje met een groen vestje aan”. Ik moet hier overigens nog altijd om lachen. 😀
  • Totaal onverwacht nog eens op een superschoon nummer vallen, en daar met tranen in de ogen naar zitten luisteren. Oh boy… sommige muziek, zo schoon! Alleen wel lastig als dat gebeurt met de oortjes in op het werk. 😀
  • Op de officiële uitslag van een jogging zien dat ik 3 hele minuten sneller was dan het jaar ervoor op dezelfde afstand en op hetzelfde parcours. En dat ik daarvoor niet eens meer moest afzien, integendeel. Stukken comfortabeler gelopen, de hartslag zat zomaar 10 slagen lager. Net niet kicken, maar toch… plezant.. iel plezant zelfs!
  • Naar een concert gaan, en hopen dat de groep dat ene nummer waar je zo verslingerd aan bent speelt. Weten dat de kans daarop heel klein is, omdat ze het vorige keren elders ook niet speelden. En dan plots… is het daar. *zucht* Beter dan dat wordt het soms écht niet!
  • Mensen die laat op de avond aankloppen met de vraag of ze in onze voortuin een kooitje mogen plaatsen voor een hondje dat een dorp verder ontsnapt is. Ja, uiteraard. Zelf geloofden we er niet echt in, dat dat hondje zover zou geraakt zijn. Maar kijk… 2 daagjes later vond het hondje blijkbaar toch de weg naar dat kooitje, en is dus terecht!
  • ’s Morgens naar het werk joggen, en aan een tankstation merken dat de auto die wilt afdraaien wacht tot jij gepasseerd bent, en terwijl je passeert steekt de bestuurder zijn duim omhoog! Zo tof!
  • Schrijven. Merken dat mij dat toch nog altijd onnoemelijk gelukkig maakt. Tokkelen op dat toetsenbord, en een tekst zien ontstaan. Na een periode van totaal geen inspiratie, zo blij dat er toch weer iets uit dat toetsenbord komt.

Er zijn er ongetwijfeld nog van die momentjes, maar ik vergeet ze altijd te noteren. Of ik noteer ze, en sla vervolgens in mijn enthousiasme het document niet op. Het goede nieuws is: er is geen eindigheid aan deze momentjes. Ik ben er al vergeten, maar er komen er vast nog. Een boel. Een boel veel. En die momentjes….. vasthouden!

Advertenties

6 jaar geleden…

Regelmatig word ik geconfronteerd – dank u, smoelenboek – met de onnozelheden die ik ooit op het grote net gegooid heb. Vandaag kwam er ook weer zo eentje langs, dit keer van 6 jaar terug. Toen liep ik nog niet eens. Sterker nog, dat lopen, dat was toen nog voor die onnozelaars waarvan ik niet begreep dat ze voor een wedstrijd al liepen rond te draven en na een wedstrijd ook nog wat gingen rondhupsen. Dus neen, denken, laat staan dromen over lopen, dat was er toen zeker nog niet bij.

Want dat lopen, dat was helemaal niets voor mij. Neen, oh neen (oh niet met mij 😉 )! Lopen, daar werd je alleen maar moe van. En ik kon dat toch niet. En zo vanalles. Dus ja, volgende uitspraak komt van mijn sarcastische zelve… al moet ik toegeven, dat wat toen heel belachelijk leek, nu toch wel iets heeft. Want stel je voor zeg, dat ik die eerste marathon uiteindelijk toch loop, én uitloop, én dat er dan Chariots of Fire van Vangelis weerklinkt uit de boxen. Het lijkt mij heroïsch, maar ik peins en ik vrees dat ik gewoon ga bleiten dan. Then again… daar heb ik dat muziekje dan misschien niet eens voor nodig. 😀

Klein jubileum

Goh… blijkbaar is het vandaag exact 4 jaar geleden dat ik mijn eerste volledige halfuur ooit liep. Dat was op een zaterdag. Ik stapte naar boven in het bos (opwarming is belangrijk 😉 ) om vervolgens naar beneden te lopen. 3 hele kilometers. En ik was megablij toen ik het , na al die maanden van training, van oefeningen, van telkens weer hetzelfde rondje opnieuw, eindelijk gehaald had! 

Vanaf toen… iets met die sky en die limit. Eerst wou ik de 5 kilometer halen, wat mij ook nog voor nieuwjaar lukte, en daarna… ja daarna: 6 kilometer, 7 kilometer… enfin, jullie kennen het riedeltje wel. 

In ieder geval: vandaag vond ik dat ik op 1 of andere manier die trainingen van toen ‘eer’ moest aan doen. Ik heb zo lang in het donker rond de vijver rondjes gedraaid, ik en mijn schema, en mijn schema en ik, dat dat een beetje ‘mijn’ oefenterrein geworden is. En gebleven. En dus heb ik vandaag rondjes gelopen. Rondjes Finse Piste, en extra rondjes rond de vijver. Uiteindelijk ging ik er zelfs een beetje van ‘in the zone’. Gewoon, van in het donker alleen rond te lopen. In zone 1. Jeps, traag. Maar blijkbaar nog altijd sneller dan mijn eerste 30 minuten. En vast ook aan een veel lagere hartslag, maar daar heb ik geen ‘bewijzen’ van. Dat is zoals met dat gewicht: zolang dat nogal aan de hoge kant was, wou ik dat ook niet geweten hebben en ook nergens zien staan. Idem met die hartslag dus: zolang die ver boven de 176 uitging, vond ik het maar beter van dat te negeren. Iemand zou maar eens moeten zeggen dat ik beter niet zou lopen met dergelijke hoge hartslag. Aha! 

Ik heb net trouwens eens naar dat gewicht gekeken. Dat was toen toch 20 kilo meer dan nu. Tel uit die winst! Dus op 4 jaar tijd ben ik niet alleen gewicht verloren, ik loop ook aan lagere hartslag, én ik kan ietsiepietsie sneller lopen dan toen. Laatst zelfs 10km/u, maar dat was wel tijdens de intervallen, en dat tempo kon ik dan 3 keer 1 kilometer lang volhouden. Wie mij toen gezegd had dat ik dat ooit nog zou doen, die had ik voor gek verklaard! 

Dus bon ja… mind and body, body and mind… als die een beetje op eenzelfde lijn zitten, dan is er toch wel veel mogelijk. Veel meer dan ik zelf ooit voor mogelijk had gehouden. Ik ben best een beetje trots op mezelf, want ik heb dit toch maar mooi gedaan, en beter nog: ik doe het nog altijd! 🙂

Perceptie is alles

Ik was zo eens aan het nadenken. Jaja, ik heb mijn momenten. Hoewel ja… nadenken, dat is eigenlijk ook wel lastig. Niets denken, dat is eigenlijk veel beter. Maar goed, ik was dus aan het nadenken.
Dat nadenken, dat kwam eigenlijk door iets wat ik op “De Slimste Mens” hoorde. Het ging over naar het werk fietsen. En wie er naar het werk fietst. En toen zei 1 van de kandidaten dat ze niet naar het werk fietst, omdat ze amper 1 kilometer kan fietsen, dat ze geen conditie heeft. En dat was efkes een eyeopener. Want die dame ziet er dus wel uit alsof ze alle dagen 10 kilometer loopt. Ofzoiets toch ongeveer. Vind ik dan toch hé. Dat ik dat dacht, dat komt omdat ik jarenlang, toen ik zo zwaar was – of toen ik stukken zwaarder was dan nu – altijd dacht dat alle slanke mensen altijd zo’n sportief leven hadden. In tegenstelling tot mezelf. In mijn ogen kon iedereen altijd veel meer dan ik. Veel meer als in: lopen-springen-vliegen-vallen-opstaan-en-weer-doorgaan. Dat dus.

Maar ik moest en ik zou, en kijk: ik kan dat nu: lopen-springen-fietsen-vallen (jeps, dat ook)- opstaan en weer doorgaan. Ik heb dat geleerd. Ik heb daaraan gewerkt. En ik heb daar hard voor gewerkt. Om te kunnen doen wat iedereen doet. Of tenminste, om te kunnen wat ik dacht wat iedereen kan. Want dan zegt er zo’n dame plots op TV dat ze geen conditie heeft.

Daar bovenop, toen ik daarstraks stond te praten met een collega, vroeg die collega mij hoeveel kilometer ik eigenlijk moet fietsen naar het werk. Ik vind dat dan altijd een beetje een gênant momentje, want ik moet eigenlijk helemaal niet zo ver fietsen, vind ik. Het standaard antwoord is dan ook altijd: “via de kortste weg 5 kilometer, maar ik neem de langere weg en die is er 8,5”. Ik vind het ook echt niet veel. Maar ik kreeg als antwoord “knap als je dat kan”. Hmz, beetje vreemd. Tuurlijk kan ik dat, 8,5 kilometer fietsen, da’s niet zo’n big deal.  Vorige week was er ook al een collega die zei “dat dat toch al wel een aardige afstand is”. Ja nu… kweenie. Amper 20 minuutjes rijden, beetje afhankelijk van mijn benen en de wind. Zoveel en zolang is dat allemaal niet. Vind ik nu. Toen ik niet eens tussen mijn zadel en mijn stuur paste, dacht ik daar eigenlijk wel totaal anders over.

Met dat lopen is dat ook zoiets. Ik loop nu dus 10 mijl (16 kilometer) zonder dat ik er specifiek voor moet trainen. Ik kan dat, en ik doe dat. In mijn ogen nog altijd omdat iedereen dat kan. Maar dinsdag zei iemand mij dat ik daarmee nu bij de minderheid behoor van mensen die dat kunnen. Alweer een minderheid, maar nu dus andersom.

Het is vermoed ik allemaal een beetje kwestie van perceptie, en ook kwestie van referentiegroepen. Toen ik veel te zwaar was, refereerde ik aan mensen die slank waren. Nu ben ik minder zwaar en kan ik een stukje lopen en fietsen, en nu refereer ik aan mensen die dat dan weer beter kunnen dan ik. Beter als in: ‘die lopen sneller dan ik, dus die lopen beter, en ik wil dat ook kunnen’. Terwijl… afgelopen zondag zijn een beetje de dekseltjes van mijn ogen gevallen. Het is niet evident, “zomaar” 16 kilometer kunnen hardlopen.
En ik, die zoveel moeite heeft gedaan om dit nu te kunnen, ik zou dat moeten weten. Maar ik was eigenlijk te druk met te denken dat iedereen dit kan. Dat het voor anderen wél gemakkelijk en simpel zou zijn. Ja doh! Echt niet dus Sandra!

Ik hoef eigenlijk helemaal niet te refereren aan anderen. Enkel aan mezelf. Want het traject wat ik afgelegd heb, dat mag er eigenlijk best wel zijn. Van veel te zware couch potato naar wie ik nu ben. Als ik refereer aan die persoon die ik toen was, dan kan ik echt wel zeggen dat dat dag en nacht verschil is. Mijn Garmin zei afgelopen week overigens ook het volgende: “U zit in de hoogste 30% voor uw leeftijd en geslacht.” Bon… op naar de 20% dan maar zeker?  😉

We don't see

Very slow – but very happy – runner

Wil ik eens iets vertellen? Ja, ik ga eens iets vertellen. Iets over het feit dat ik eigenlijk jaloers ben. En dat is niet eens een groot geheim.

Het draait en keert nog altijd regelmatig over dat ‘niet meekunnen’ met de rest, over dat ‘niet sneller’ kunnen lopen. Op training, maar ook op georganiseerde loopjes. Ja, ik loop, en ja, ik loop best aanzienlijke afstanden. 10 mijl of 16 kilometer, ik durf gerust zeggen: die afstand loop ik probleemloos. Intussen werk ik naar de 21 toe, en ik weet dat ook die afstand binnenkort wel zal lopen. Ik liep hem al, tenandere.

Neemt niet weg dat ik nog altijd niet ‘snel’ ben. 10 kilometer/u, iets wat de meesten gemiddeld lopen, en ook nog sneller dan dat, dat is en blijft een droom voor mij. Een niet-haalbare droom.
Meestal heb ik daar wel vrede mee, met dat traag lopen. Als ik alleen loop bijvoorbeeld, en geniet van mijn loopje. Of als ik in #TeamGazelle loop, want dat is écht een topteam! Op zich is dat ook wel het belangrijkste, dat ik zélf geniet van dat lopen. Maar soms, soms ja, dan wringt het toch nog weleens.

Ik weet trouwens ook perfect waar dat gevoel vandaan komt, en ja, dat ligt volledig aan mezelf. Dat weet ik. Ken jezelf heet dat dan. Want 1 van de redenen om te starten met lopen, dat was dat ik zou kunnen meedoen. Meedoen in plaats van aan de kant te blijven staan met de portefeuilles, de sleutels en de GSM’s. True story overigens, daarom had ik ook altijd een grote handtas mee. Of een rugzak.
Maar op een gegeven moment wou ik gewoon meedoen met wat de rest doet. En erbij horen. Maar eerlijk? Ik heb niet altijd het gevoel dat ik erbij hoor. Ik heb heel erg dikwijls meer het gevoel dat ik naast de zijlijn een beetje meehuppel, want echt meedoen is dit natuurlijk niet. Ik kom achteraan, of ik loop niet omdat ik het niet kan, of ik doe gewoon iets anders dan de anderen.  Al zijn er natuurlijk wel uitzonderingen…

Goed… daar zat ik dus afgelopen weekend mee. Eigenlijk al een paar weken. Terwijl… *doet van zichzelf bij elkaar grabbelen*: godverdomme Sandra, wat een gedoe weeral! Echt! Daarstraks kwam er nog iemand op kantoor bij mij staan, en het gesprek kwam – oh toevallig – weer op sporten. Dat ze gehoord en gelezen had, hier op de blog, dat ik zoveel sport, en dat ze ook gezien had waar ik vandaan kwam. En dat ze zelf ook aan het start-to-runnen was. Kijk, en daar word ik dan blij van! Want lopen, dat is het mooiste kadootje dat ik mezelf ooit gegeven heb, en ik gun iedereen dat kadootje! Dus ja, dan ga ik aan het motiveren. Dat ze moet blijven lopen, dat het nu nog niet leuk is, maar dat het op een moment écht wel leuk wordt, dat lopen. En dat ik daar toch wel het levende bewijs van ben.

Want ja, iedereen die deze blog een beetje van kort of dichtbij volgt, weet hoeveel moeite het mij gekost heeft om te staan waar ik nu sta, om te doen wat ik nu doe. En potverdekke… in plaats van alsmaar de nadruk te leggen op wat ik niet kan, zou ik beter eens kijken naar wat ik nu allemaal wél kan! Want ik loop! Ik loop, en ik vind dat plezant! Zelfs al is dat megatraag en door de hitte om 5u30 ’s morgens. Maar ik loop, ik loop graag, en ik loop écht wel een aanzienlijk aantal kilometers. Nog net geen 900 kilometer dit jaar, dus ja… dat doe je niet omdat het moet.
En ik fiets! Ik, die een paar jaar terug niet eens tussen het zadel en het stuur van een gewone fiets paste, ik fiets. Op een koersvelo dan nog wel! Geen sprake van niet tussen fiets en zadel passen. Ik stap op die fiets, ik klik in, en hops… ik fiets. En ik vind het geweldig! Dat gevoel op die fiets, dat ik zomaar op een kort ritje (tegenwoordig zelfs ook al op iets langere ritjes) zonder al teveel moeite een mooi tempo fiets, dat is goud waard.

Dus ja… als ik dan zie hoe het vroeger was… waar heb ik het in hemelsnaam nog over dan? Jaloers? Waarom? Count your blessings zeggen ze weleens. Misschien moet ik dat maar weer meer doen. Want eigenlijk hé, eigenlijk ben ik keigoed bezig! Voila, Sandra. Zeg dat ik het gezegd heb!

Die wishlist… die ga ik dus maar wat aanpassen. Want er zijn nog meer dan genoeg dingen te wensen, dingen die wél tot de mogelijkheden behoren.  Maar dat Plan M, dat blijft er wél opstaan. Nee zeker! 🙂

I wish I was an alien at home behind the sun
I wish I was the souvenir you kept your house key on
I wish I was the pedal brake that you depended on
I wish I was the verb ‘to trust’ and never let you down

I wish I was a radio song, the one that you turned up

 

Complimentendag

Jaja, het is weer van dat. Complimentendag. Nog even, en het is net zoals Valentijn een ‘moetje’. Maar het is natuurlijk wel een keer plezant. Maar toch houd ik veel meer van dat welgemeende onverwachte compliment waarop je efkes geen weerwoord hebt. Zoiets ongeveer. Ja, daar verras je mij mee. Hoewel ik nog altijd niet weet hoe ik ermee moet omgaan, met die complimentjes. Soms. Allez ja, meestal dan.

Dit gezegd zijnde wil ik jou ook even complimenteren omdat jij hier komt lezen. Ja, jou. Jij daar aan de andere kant van het scherm. Ja, ook jij die nooit reageert, maar waarvan ik weet dat je altijd leest. Een complimentje, omdat jij leest wat ik schrijf. Dat maakt mij blij, en meer moet dat dan weer niet zijn. Jij maakt mij blij, en ik ben blij met jou. Zo gaat dat. 🙂favorite notifcation.png

 

 

 

 

Slanker lijken

Iets anders… allez ja, een bekke dan toch. Ik vond op tinternet 18 gemakkelijke trucjes om slanker te lijken.
Gemakkelijk en slanker in 1 zin, dat klinkt in mijn oren als een soort van hemeltje. Aan de slag dus maar. Een beetje optisch bedrog heeft nog nooit iemand kwaad gedaan peinsek dan zo.

  • Tip 1: Tussen mensen gaan staan als er een foto genomen wordt.
    Bon: eigenlijk bedoelen ze: ga achteraan staan, dan zien ze je niet. Ik kén dat. 
  • Tip 2: Een voorgevormde BH dragen voor een groter contrast tussen boezem en taille.
    Ze willen eigenlijk zeggen: maak die boezem nog wat groter met die voorgevormde cups, dan lijkt de taille smaller. Ja, zo kanniketook. 
  • Tip 3: Draag een broek met hoge taille, dat zorgt voor een optisch stevigere en smallere taille en verdoezelt een buikje.
    Hahaha… sorry. BuikJE? Ik heb gewoon die hoge taille nodig omdat anders die buik over de broeksband valt. En geloof mij, dat is écht geen zicht. 
  • Tip 4: Ervoor kiezen om op te trekken met vrouwen die meer wegen, om zelf slanker te lijken.
    Damn. Verkeerde vriendinnen. Hoewel… zij hebben wél de juiste vriendin. Moi! 😉
  • Tip 5: met een opsteekkapsel lijk je groter én dus slanker.
    Ik zie mij al bezig, zo ’s morgens na het fietsen in de douche op het werk, met mijn schuifspelden… grote kans dat heel die opgestoken constructie binnen het kwartier of sneller helemaal instort. En wat dan? 
  • Tip 6: kies een grote handtas waarmee je je buikje kan verstoppen.
    Een grote handtas, dus dat betekent meer rommel. Meer rommel is meer gewicht. Check die armspieren binnenkort! Of die deuk in de voorarm, want zo’n ding moet blijkbaar aan je arm hangen te bungelen… of als je dat in je hand houdt, dan wordt op de duur je ene arm toch langer dan je andere arm? Niet dan? 
  • Tip 7: een trui met horizontale strepen doet je slanker lijken.
    Eh… waren dat geen vertikale strepen? 
  • Tip 8: zware make-up gebruiken om de aandacht af te leiden van je lichaam.
    Daar loopt het dus mis. Ik moet dringend aan de make-up. Waar is die mascara, dat ik ook klonters in mijn wimpers wrijf! 
  • Tip 9: Zwarte panties om de benen optisch slanker te maken.
    Benen ja, maar is er ook zoiets voor de kuiten? Want die van mij zijn ook niet optisch slanker te maken denk ik. Allez ja… niet dat ik een probleem heb met mijn kuiten, maar slank zijn die dus niet hé! 
  • Tip 10: Hoge hakken voor elegante benen, en doen je slanker lijken.
    Awel hé… ik wil dat best proberen, maar ik mag niet. Want dat zou niet goed zijn voor mijn pezen en spieren om te sporten. Dus helaas en jammer en vanal. Geen slanke elegante benen voor mij. Hoewel: zou die persoon die mij dat zei mij geen elegante slanke benen gunnen? Zou het dat kunnen zijn? Ahaaaaaaaa! 
  • Tip 11: Rechtop staan doet je slanker ogen.
    Een hele dag rechtstaan. Nieuwe bureau vragen aan mijne baas. Die gaat ook content zijn. Echt! 
  • Tip 12: Een grote riem is perfect om je buikje wat te verdoezelen.
    Al eens proberen gaan zitten met zo’n riem rond je buik? Ah neen, dat is de fout. Ik mag helemaal niet zitten, zie tip 11. Gedoe zeg!
  • Tip 13: Shapewear maakt je lichaam strak op enkele seconden tijd. Wel opletten dat je het niet te klein koopt om onflatterende welvingen te voorkomen.
    Shapewear en enkele seconden, en dat in 1 zin. Say no more! Ah, en kan dat in combinatie met tip 2 wel? Druk je dan die voorgevormde cups niet plat? Aha en aha!
  • Tip 14: een wijd topje in combinatie met een skinny jeans doet je er slanker uitzien.
    Hahahaha, echt! Zie ook tip 9 en 10. Als iemand mij kan vertellen hoe ik die kuiten van mij in een skinny jeans krijg, die wint. Iets. Wat, weet ik nog niet. Maar iets! Hahaha, nog eens! 😀 
  • Tip 15: zelfbruiner. Of het optisch slank maakt betwijfelt het artikeltje ook, maar je huid zou er egaler en mooi gaaf van worden.
    Zie ook tip 8. Dat is make-up. Dat heb ik niet. Dat gebruik ik niet. Laat staan dat ik dat egaal zou kunnen aanbrengen. 
  • Tip 16: een oversized zonnebril om je gezicht optisch te verkleinen.
    Zo eentje waar je jezelf kan achter verstoppen mee naar iedereen kan loeren. Ik zie dat zitten! En staan ook! 😉
  • Tip 17: zwarte kleren hebben een afslankend effect.
    Zwart. Ok. Ik heb een zwarte jurk. En een zwarte broek mét hoge taille (check die tip 3, zo keihard goed bezig!). En ook nog wat zwarte losse tops. Chéck ook die tip 14. Alleen die skinny lukt nog altijd niet. En eigenlijk zie ik ook nog altijd heel graag rood. Da’s mijn kleur. Maar écht hé! 
  • Tip 18: beetje rare tip. Niet niets eten de dag voor een feestje.
    As if. Ik. Niet eten. Doh! Die zijn zot! Echt!

Samenvattend: vanaf nu draag ik altijd zwart mét hoge tailles, shapewear en voorgevormde BH eronder, heb ik een diva-zonnebril op, smeer ik zelfbruiner, sta ik altijd rechtop (zitten is zoooo 2017!), draag ik altijd hoge hakken, maak ik mezelf alle dagen zwaar op, inclusief klontertjes in de wimpers, stop ik mijn spullen in een grote handtas die ik vervolgens aan mijn arm en voor mijn buik draag, en steek ik mijn haar hoog op. Jaahaaa, daar gaat volk naar komen kijken! 😉

be true