Categorie archief: Geen categorie

Brallonnen in Beauvechain

Naar goede gewoonte was het weer Brallonnen geblazen afgelopen zaterdag. Beauvechain was dit keer the place to be. Niet de meest mooie omloop, maar wel vrij vlak. En veel steentjes en kasseien en landbouwweggetjes. Meende ik mij zo allemaal te herinneren. Dat van dat vrij vlak neem ik overigens terug. What was I thinking?

Op weg naar Bevekom vroeg onze chauffeur mij of ik al stress had. Stress? Ik? Ik verstond niet zo goed waarom hij mij die vraag stelde. 😉 Ja tuurlijk had ik weer stress, zelfs al was er geen reden om stress te hebben. Ik ging gewoon 12 kilometer lopen, en dat kan ik. Toch? Pff, al dat gedoe altijd! Een training is veel minder vermoeiend.

Na de nodige plaspauzes (uhu) en een terugroepactie aan de start (geen idee waarom eigenlijk, iets met een start die een paar meter eerder was dan waar de lopers stonden, maar ze tekenen daar natuurlijk ook nooit een startlijn), gingen we met 5 minuutjes vertraging uiteindelijk toch van start over de kasseien. Voor mij liepen een papa en zijn zoontje, volgens mij met spiksplinternieuwe witte kousen aan. Een mens moet iets terwijl ze haar adem zoekt natuurlijk….

Toen ik mijn adem en mijn tempo eindelijk gevonden had, kwam er een dame naast mij lopen en vroeg mij of ze samen met mij mocht lopen. Ja, uiteraard. Met 2 loopt het toch altijd iets vlotter dan alleen. Haar tempo lag toch nét ietsiepietsie hoger dan het mijne, maar ik besloot gewoon mee te gaan. We maakten kennis, en het klikte wel. Leuke dame, en aan gespreksonderwerp (lopen, of wat had je gedacht?) geen gebrek. 7 kilometer gingen we zo door, en toen wou ze iets sneller gaan. Of ik dat erg vond? Neen, totaal niet. A woman’s got to do what a woman got to do, toch? Lopen dus! Ik kabbelde zelf wat verder, en was erg blij dat er 2 bevoorradingen voorzien waren. De zon brandde genadeloos, en veel schaduw – op 2 kleine boskes bomen na – was er op het parcours door de velden niet te vinden. Afzien! Zweten!

Net op het moment dat ik alweer een helling zag aankomen, en bij mezelf dacht dat ik die helling wel al stappend zou nemen, zag ik een clubgenoot mijn richting uitkomen. Damn… ik had de helling op willen zijn tegen dat hij mij tegemoet kwam, maar dat had ik dus net niet gehaald. Jammer, maar… hij had wél een flesje water voor mij mee, en dat was zo welkom! Een persoonlijke verzorger zeg maar! En doe er ook maar gelijk motivational coach bij. Ik besloot om dit keer niet te pruttelen en tegen te spreken, maar zijn adviezen gewoon te volgen. Lopen in de goot in plaats van over de kasseien, achter hem uit de wind lopen, nog een slokje drinken… en kijk, plots lukte het mij toch om die dame waar ik al de hele jogging lang haasje over mee gespeeld had, achter mij te laten. Mijn looppartner had al een volgend doel in het vizier: “die daar, die gaan we ook nog voorbij”. Ik pruttelde toch even tegen. Helemaal niets zeggen lukte me toch niet. 😉 Maar hij had wel gelijk. Stillekes aan kwamen we dichter en dichter op de dame in kwestie. Toen we bijna bij haar waren, was ze al wel quasi aan de finish. Ze moest enkel nog draaien aan de vlaggen, en binnenlopen. Een verloren zaak volgens mij, niet volgens Michaël: “spurten, nu Sandra, loop mij eraf, en loop haar voorbij”. Ik zag het echt niet zitten, maar besloot het toch maar te proberen. Beetje grotere passen, een kleine versnelling, ze kwam dichter, en dichter… en toen ging ik haar gewoon voorbij! Ik weet niet wie het meest verbaasd was, zij of ik.

Resultaat: voor de 5de keer dit jaar een verbetering van mijn PR op een Brabant Wallon-parcours met ongeveer 10 minuten. I’m on a roll! Het gaat alleen op een keer wél stoppen denk ik. 😀

En als toemaatje blijkt er ook nog een soort van geweldige fotoreeks te zijn van dat water-aangeef-moment. Met dank aan Laurent Saublens, de fotograaf van dienst. 🙂

Advertenties

Naar huis!

Pfoeh. Het is me het weekje wel geweest. Operatie, wachten, recovery, intensieve, en dan tenslotte een gewone kamer. Een hartoperatie, het is toch niet niks. Dat borstbeen dat doorgezaagd wordt, een hart dat voor een paar uur stilgelegd wordt, “onderdelen” die vervangen worden. Het klinkt een beetje als naar de garage gaan met de auto, maar het gaat toch echt over een menselijk lichaam. En het is echt ongelooflijk wat een dokter allemaal kan. Al vond die dokter toch ook dat het niet alleen om dat lichaam ging, maar dat ook de geest mee moest zijn.

Neemt niet weg dat het toch erg intensief en ingrijpend is. Daarom was er vooraf ook gezegd dat het minimum 10 dagen in de kliniek zou zijn, waarvan 2 dagen op intensieve zorgen. Die 2 dagen op intensieve zorgen werden 1 nacht. Wat op zich al goed nieuws was. Nog meer goed nieuws kwam er van de dokter vanochtend, die zei dat als hij trappen kon doen, hij morgen naar huis mag. Reken maar dat hij die trappen vandaag gedaan heeft!

Dus ja… het ergste is nu zowat helemaal achter de rug. Het is bijna gedaan met de stress van het heen- en weer rijden, het is bijna gedaan met de stress van alle ballen in de lucht proberen te houden.
Niet dat het vanaf nu natuurlijk helemaal bij het oude is, want er staat nog altijd wel een heel genezingsproces te wachten. Maar er is dan toch al 1 bal minder de lucht in te houden. En geloof mij, dat scheelt al een hoop. 🙂

 

Autorijden

De laatste dagen rijd ik wat meer kilometertjes met de auto.  Het ziekenhuis ligt nu eenmaal niet naast de deur, maar een paar deuren verder. Om die paar deuren verder te bereiken, moet ik dus de Brusselse Ring over. De vervloekte Brusselse Ring. In de verkeerde richting. Hoewel, heeft dat ding wel een goede richting eigenlijk?

Meestal rijd ik een beetje in eigen omgeving rond. Ik heb de luxe om maar op een paar kilometertjes van huis te werken, en ook de luxe dat alles hier vrijwel in de buurt te vinden is. De enige keren dat ik wat langere ritjes maak, zijn meestal in het weekend. En dan zijn de autosnelwegen meestal wel filevrij.

Maar nood breekt wet, en dus rijd ik nu elke dag de 20 kilometer richting ziekenhuis. Over de Brusselse Ring. En tegenwoordig ook gewoon binnendoor. Want na een week kan ik al zeggen dat ik het nu al kotsbeu ben, die file! Elke dag deze week heb ik in de file gestaan! Niet alleen tijdens de week trouwens, maar ook in het weekend. Die Ring, die doet het erom denk ik. Niet alleen de Ring trouwens, ook Binnendoor kan er wat van. Want laat ons eens een werfverkeerslicht plaatsen en niet geweldig afstellen. Het is niet echt nodig, maar we doen het toch. En bon ja, dan sta je daar. Alweer aan te schuiven. Bij jezelf te bedenken of je nu toch niet beter gewoon op de Ring gaan aanschuiven was. Aanschuiven is aanschuiven zeker?

Ik merk in ieder geval, na zo’n week filerijden en aanschuiven en terug meer auto rijden tout court, dat ik daar eigenlijk wel wat agressief van word. Ik ga agressiever rijden, ik ben lastig op de auto voor mij omdat die zo traag afslaat, ik roep ‘allez gas’ naar de auto die te lang treuzelt als het licht groen is, en ga zo maar door. Terwijl ik eigenlijk gewoon tijd genoeg heb, er is geen ‘rush’ om in het ziekenhuis te geraken. Want op een paar minuten steekt het heus niet. Dus ja… als de dochter, die daarstraks mee was, 3 keer zegt “mama, je taal”, dan is er toch wel iets van aan. Ik ga er maar op letten en terug wat rustiger aan doen.

Gelukkig is dit alles voor mij van maar relatief korte duur. De Ring en Binnendoor mogen gerust zijn. Nog een paar daagjes, en ze zijn weer van mij verlost. Ik zal hen in ieder geval niet missen. 😉

traffic nightmare.jpg

Hartoperatie: een update

Ik vind het een beetje een moeilijke, om een update te schrijven over hoe het nu met mijn man gaat. Omdat het zo uit mijn comfortzone is, en ik altijd gezegd had dat ik enkel over mezelf zou schrijven.
Maar soms breekt nood wet zeker? En ja, hij staat er wel achter, dat ik updates plaats. Dat hadden we wel vooraf besproken. Want ja, ik kan zitten bellen, en mailen, en SMS’en en app’en en vanal… maar op de duur weet ik dus al bijna niet meer wie ik nu wél gebeld en vanal heb, en wie niet. Familie en die hele close vriendengroep uitgezonderd natuurlijk. En ik ben ook zo dankbaar voor alle steun die daarvan kwam en nog steeds komt. Zoiets doet een mens goed.

Eerst dus maar even het belangrijkste: alles gaat goed. De voorziene 2 dagen op intensieve zorgen werd 1 nacht. Hij deed het zo goed, dat hij na 1 nacht terug mocht naar de rust van de gewone kamer. Uiteraard wordt hij daar nog strikt opgevolgd, maar de toeters en bellen gaan nu stilaan er allemaal af, en alles gaat goed. De moraal zit goed, wat niet onbelangrijk is, en alles kan nu genezen. De hoest is nog wel lastig – een hoest die overigens niet van de operatie komt, maar een gevalletje ‘als je bij de hond slaapt krijg je zijn vlooien’. In dit geval dus haar vlooien. Want ik vrees dat ik inderdaad degene ben die hem dat hoestje doorgegeven heeft. Gelukkig waren de ontstekingswaarden in zijn bloed ok, zodat de operatie wel kon doorgaan. Alleen is dat hoesten na zo’n open hart-operatie wel heel pijnlijk natuurlijk. Maar met wat aërosol komt hopelijk dit ook weer snel in orde.

Voor de rest gaat het allemaal wel zijn gangetje. Puur op routine denk ik. We hebben ook geen andere keuze.  Ik heb geen vakantie genoeg om deze periode te overbruggen, dus ik ga gewoon werken. De kids gaan naar school, en we helpen elkaar een beetje in de mate van het mogelijke. Eten is behelpen. Er is gelukkig kant en klaar, maar bon ja… een mens heeft wat meer nodig dan dat. Ik kan wat dingen in de wok gooien, en dat is ook wel lekker, maar alle dagen gaat dat ook vervelen. Vandaag kon ik via-via aan superlekkere pasta geraken met kip en heel veel groentjes, en kreeg ik er als verrassing ook nog een dessertje bij. Kids blij, ik blij. En de maag ook blij. Ik moet nu nog eens bekijken hoe ik dat de komende dagen ga doen, want fulltime werken, een huishouden runnen en ook nog eens 20km verder op bezoek gaan, dat is dus slopend. Zeker als je voor die 20km een uur nodig hebt. Aargh!

Om maar te zeggen: het kruipt niet in de koude kleren, dit. Ik ben moe, en we hebben nog wel een paar dagen te gaan. Zaterdagvoormiddag ga ik in ieder geval toch even wat me-time inplannen, en een stukje lopen. Even buiten. Even onderweg. Ik voel dat ik dat heel erg dringend nodig heb. Ik moet dan nog wel ergens de boodschappen ingepland krijgen, en nog wat andere dingen. Misschien moet ik het lopen toch maar even uitstellen, want ik heb nu al het vermoeden dat ik anders niet rond ga geraken.
Dit gezegd zijnde voel ik mezelf ook wel een zeur, want ik ben niet degene die onder het mes moest, ik ben niet degene die moet herstellen. Er zijn veel ergere dingen dan een loopje uitstellen. Ik grabbel mezelf wel bij elkaar, ook dat komt goed! 😉  Eerst maar eens slapen. Trusten! 🙂

Hartoperatie

En waar ging dit over gisteren?  Over zenuwen. En over een operatie. Niet bij mij, maar bij mijn man. Het zit ‘m zo: mijn man heeft een aangeboren hartkwaal. Eentje waar we geen weet van hadden. Het werd ontdekt nadat hij een longembolie gehad had, eind vorig jaar. Daarna draaien ze je natuurlijk een beetje binnenstebuiten, na zo’n kantje-boordje embolie.

Maar het is wel goed dat het ontdekt is.  Want indien niet, dan zou een hartaderbreuk binnen enkele jaren tot de kansen behoort hebben. Grote kansen zelfs. De hartchirurg zag reden genoeg om te opereren. En dat is even een harde noot. Een heel harde noot. 51 jaar, en een hartoperatie. Het doet je toch heel erg stilstaan bij je eigen sterfelijkheid.

Er mocht even over nagedacht worden, maar niet te lang, want dan zou de coördinator van de aortakliniek zelf contact opnemen. Ook dat doet wel even nadenken. Nadat de beslissing eenmaal genomen was, werd de dokter gebeld. Dat was dus vorige week. En toen ging het plots megasnel. Een bijkomende consultatie was niet nodig, vrijdag erop was er al het pre-operatief onderzoek, en dinsdag erna de operatie. Say what? Inderdaad! Zo snel ging het!

Al zijn de uren voorafgaand aan zo’n operatie natuurlijk erg trage uren. Stressvolle uren. Om nog maar te zwijgen van het wachten terwijl de operatie bezig is. Je weet dat het iets is van een paar uur, maar toch… wachten duurt op dergelijke momenten erg lang.

Uiteindelijk mocht ik dan toch bellen. De operatie is gelukt, hij is stabiel, en kan verder recupereren op intensieve zorgen. Ja, hij heeft pijn. Dat kan ook niet anders, als ze je borstkast open gelegd hebben. En als je vol met tubes en buisjes en kabeltjes hangt. Maar het goede nieuws is dat het vanaf nu alleen maar beter kan gaan. Het zal zijn tijd vragen, maar op de duur komt ook dit wel weer goed. Gelukkig maar. heartbeat3

Slapen

Ik ben ziek. En zielig. En zo vanal.

Donderdagochtend voelde ik het al bij het opstaan: dit zou ‘m niet worden. Koppig ging ik toch onder de douche staan, waarna het gevoel evenwel dit keer niet beter werd. Mijn bed riep, en ik kon alleen maar keihard toegeven. Slapen moest ik, heel veel slapen. Kids de deur uit, bericht naar het werk, en voor een uurtje terug mijn bed in. Dacht ik.
Goed 4u verder kwam ik met heel veel moeite terug mijn bed uit. Nog steeds doodmoe, maar ik was wakker geworden van de dorst.

Ik denk dat ik nog nooit zoveel geslapen heb als de laatste paar dagen. Ik slaap meer dan ik wakker ben, Doornroosje heeft er niks aan. Het is dat ik niet blond ben en geen lang haar heb, anders stelde ik haar een switch voor. Alleen nog weleens bekijken wat ik dan met die prins moet aanvangen, want dat is niet helemaal mijn dada denk ik.

Nu, slapen is 1 ding, maar ik zei het al ergens deze week in een andere blog: dromen is weer een ander ding. How zeg, wat heb ik de afgelopen uren raar gedroomd! Maar echt hé! Het is allemaal fragmentarisch, er zit niets coherent in, in die dromen, maar toch… enkele flarden heb ik dus onthouden.

  • er zat een gorilla op het werk. In de parking. Daardoor konden we niet binnen en bijgevolg niet aan het werk. Tot een collega een sluipweg ontdekte. En we toch binnengeraakten. Die gorilla echter, die zat opeens ook binnen. Geen idee langs welke weg hij daar geraakt was, maar feit is: hij zat er opeens. Maar toen hij al die kleding zag hangen, werd hij opeens een soort van fashion-addict. Jeps, hij kon praten. En gaf duidelijk aan wat zijn smaak was. Waarna hij gekleed werd door een personal dresser. Faut le faire, als gorilla zijnde!
  • Visjes. Overal visjes. Rond mij. Eigenlijk zwom ik, onder water, maar ik besefte het zelf niet goed. Ik kon ook ademen onder water. Maar echt hé!
  • En vogeltjes, die ook. Heel veel vogeltjes die rondfladderden. Maar wat ze nu precies kwamen doen, dat weet ik niet. En ik weet eigenlijk ook niet meer of die vogeltjes nu ook onder water waren of niet?
  • Ik stond ergens in een rij aan te schuiven aan het toilet. In sportkleren, dus het was voor 1 of andere jogging vermoed ik. Story of my life. Dat aanschuiven dan. Gevalletje kleine blaas denk ik. Uit het leven gegrepen dus, deze droom. Soit. Ik stond dus aan te schuiven, en de dame 2 plaatsen voor mij gaat het toilet binnen, en de deur was zo van het boven en onder open-soort. Je zag dus dat ze op haar knieën voor de pot ging zitten. Waarna ze een fluogroenachtig iets opbraakte. Ja, dat zag ik, want dat liep onder de deur door. Het was iets gel-achtig, dat ook. En daarna… weet ik het niet meer.

Om maar te zeggen: het is niet verwonderlijk dat ik moe ga slapen en ook moe weer wakker word, met dergelijke dromen. Dit gezegd zijnde… ik ga nog een dutje doen denk ik. Want ik denk dat ik intussen weet waarom ik zoveel slaap. Dat van die rups en die vlinder? Tadaaaaaaa!!

caterpillar