Categorie archief: Joggen

Eindejaarslijstjes

Eindejaarslijstjes. Ik was eigenlijk zinnens om dat niet meer te doen. Maar als het kriebelt moet je sporten blijkbaar, en laat mij dat nu het afgelopen jaar toch wel flink gedaan hebben. Heel flink zelfs, zo flink dat ik een paar doelen heb moeten bijstellen.

Het wandeldoel bijvoorbeeld. Ik heb veel en veel meer gewandeld dan vorig jaar. Middagwandelingen, grotere wandelingen in het weekend, en tussendoor ook nog wandelingen met hele fijne madammen. Goed voor 791,99 kilometer alles bij elkaar. En ook goed voor een hoop hele mooie uitzichten waar ik heb van mogen genieten. Deze zijn van gisteren. Want ook de winter kan best mooi zijn! Nat, heel nat, maar mooi.

Het loopdoel heb ik ook bijgesteld, doch wel naar beneden. Iets met de liefde voor de fiets vermoed ik. En ja bon, ook iets met een zere knie. Het is iets wederkerig, zo op het einde van het jaar. Vorig jaar sukkelde ik met pijn aan mijn rug, dit jaar is het de knie. En zo trekt het eindejaar altijd een dikke vette streep door mijn loopplannen.

Het liep anders wel vlotjes, de laatste tijd. Ik had de Garmin-coach opgestart, om mij te begeleiden naar die halve, maar de knie dacht er blijkbaar anders over. Ik had maar niet moeten vallen met de fiets zeker? Dubbelzucht. In ieder geval: lesje geleerd, als het vriest fiets ik niet meer. 444,66 kilometer, daar sluit ik mijn loopjaar mee af. Dat had beter gekund, maar het is wat het is. En ook: geen spijt. Want soms moet je keuzes maken.

En die keuze, die lag grotendeels bij het fietsen. Fietsen, wat met de zere knie gelukkig nog wel lukt. Vandaag getest, inclusief ferme tegenwind nadat we halfweg gedraaid waren. Ik heb blijkbaar nogal gezucht en geblazen, maar iemand moet die wind toch wat tegenwerken? Het is ook een heel raar iets, dat je eind oktober nog een fietsconditie hebt om U tegen te zeggen, en dat je eind december serieus wat tandjes bij moet steken om een rondje te vervolmaken. In ieder geval nu wel content dat ik het gedaan heb. En ook, what doesn’t kill you makes you stronger. Tzalwelzijn! 62 winderige kilometers in de pocket, en daarmee strandt mijn jaartotaal op 6182,37 kilometer. Tadaaaaaaa! En ik beken, het kriebelt nu. Ergens in mijn hoofd zitten ook de kiemen van een soort van plannetje. Maar ik moet het nog uitwerken. Maar in ieder geval: heel veel goesting om meer te fietsen!

Tot slot het mooie Strava-jaaroverzicht nog. Niet altijd helemaal accuraat tot op de kilometer – Strava durft nogal eens dingen die Garmin doorgeeft naar beneden af te ronden (ik had bijna de bitch gezegd, maar in deze woke-tijden laat ik dat maar zo) – maar de tendens is wel duidelijk: I want to ride my bicycle! 😉
Ik heb overigens altijd al eens een diashow op mijn blog willen zetten, dus ziehier: het jaaroverzicht door Strava!

Tot tenoste jaar!


Loopfaalangst

Nadat ik afgelopen maand een paar keer de 10 kilometer liep, ging het plots niet meer. Het liep niet, ik was snel buiten adem, en ik had telkens het gevoel dat ik het gewoon niet meer kon, dat lopen. Dus bon ja… paniek! Want hoe ga ik op deze manier in hemelsnaam ooit nog eens die 21 kilometer kunnen lopen?

Afgelopen dinsdag was het weer van datte. 3 kilometer, en bam… adem op! Of dat gevoel kreeg ik toch. Daarna werd het stukken lopen, en wandelen… en longen die alsmaar meer het gevoel hadden dat het gewoon niet meer ging. Aaaargh! Frustratie ten top! En het was nu begot ook niet dat we aan een geweldig rap tempo liepen. Niks van dat alles.

Liep ik toch te snel? Was de afstand toch nog te ver? Echt… geen idee. Ergens heb ik ook wel een klein vermoeden dat ik met een soort van loopfaalangst kamp. Het idee dat ik het niet ga halen, die 21 kilometer. Terwijl ik de afstand eigenlijk al wel meermaals liep. En ik heb nog altijd meer dan 3 maanden tijd (17 weken om juist te zijn) om ernaar toe te werken. Dat zou dan toch moeten lukken?

Ik zat ook al enige tijd te kijken op de Garmin Coach. Zou ik, zou ik niet? Gisteren besliste ik dan dat het misschien toch wel wat meer houvast gaat bieden, om weer met een schema te lopen. Dus ja, ik zou. En ik activeerde de Garmin Coach. Met als doel finishen op 27 maart. Niet tegen een bepaalde tijd, want die stress wil ik mezelf besparen, maar gewoon… uitlopen.

Vandaag moest ik dus een “Benchmark run” doen. 2 minuten opwarmen, 5 minuten doorlopen, 2 minuten cooling down. 9 minuten lopen, dat zou mij vast wel lukken zonder stappen. En ja hoor, dat lukte eigenlijk vrij vlot. Ook aan een hoger tempo dan ik tegenwoordig loop. Dat kan ik dus nog. Ik besloot dat 9 minuten te weinig was om al terug naar huis te gaan, en plakte er nog een klein rondje aan vast.

En hups… dat ging even goed, en dan kwam daar weer die twijfel. Want kreeg ik nu geen zere benen? Ik moet nu wel eerlijk toegeven dat ik een beetje een pijntje aan mijn linkerknie heb. De oorzaak? Vorige week ben ik met mijn fiets geschoven op het ijs en gevallen. Ik vermoed dus dat die pijnlijke knie daar nog een gevolg van is, gezien ook de blauwe enkel aan datzelfde been.
Maar zere benen dus. Zou ik niet beter een stukje stappen? En zie… dat dus, daar moet ik vanaf! Van dat mentale “zou ik niet een stukje stappen”-gedoe. Van dat mentale “ik kan toch niet meer”-ding. En van dat hyperventileren, dat dus ook. Want paniek jaagt dus die hartslag alleen maar de hoogte in.

Na wat gedoe in mijn hoofd (je wilt niet weten welke conversaties zich daar soms afspelen *dubbelzucht*) besloot ik toch om de eerstvolgende straat helemaal uit te lopen. En hey… liep dat plots niet beter? Waren mijn adem en mijn looppas nu plots niet helemaal in cadans? En goh… mijn hartslag ging ook weer wat omlaag. Ohw, ik kan het dan toch nog! De straat uit, en nog een klein lusje extra, gewoon, omdat het nu leuk liep. En ja hoor, ook dat ging nog. Adem mooi in cadans, looppas ook.

Maar dat mentale gedeelte, daar ga ik dus toch nog even aan moeten werken. Want ik had in mijn hoofd gestoken dat ik tot een afgeronde kilometer zou lopen, en toen was die kilometer daar, en ja hoor… plots was ik helemaal buiten adem en was ik blij dat mijn horloge ‘tuut’ zei. Wat onzin is natuurlijk, op die afstand. Want ik weet: had ik die grens daar mentaal niet gezet, dan had ik gewoon nog doorgelopen.

Dus bon ja… het zit vooral in mijn hoofd. Stap 1, erken en herken het probleem.
Maar het goede nieuws is: het schema is gestart. Dat is dan stap 2. Lopen volgens schema. Het volgende loopje staan er intervalletjes op het programma (kan ik 😉 ), en het loopje daarna mag ik blokjes lopen. En ik ben écht zinnens om al die blokjes heel flink allemaal uit te lopen. Want het wordt hoog tijd dat ik het weer in mijn hoofd steek, dat ik dat écht wel kan, die afstand, dat lopen! En dat wordt dus stap 3: just do it!

Nu al een stresske

Alsof het al geen uitdaging genoeg was om terug regelmaat in het lopen te brengen, besloot Golazo afgelopen week mij even te herinneren dat ik ingeschreven ben voor de Halve Marathon einde maart in Gent. Inclusief wat details.

Details zoals de tijdslimiet. Allookes zeg maat. Ik was eigenlijk een beetje (zeg maar helemaal) vergeten dat er een tijdslimiet staat op die halve marathon. Eentje van 7 minuten/kilometer. Dus 2u45 voor de totale afstand. Loop je dat niet, dan word je uit koers gezet, maar mag je nog wel op eigen risico en rekening houdend met de geldende verkeersmaatregelen verder uitlopen.

7 minuten/kilometer. Laat de stress maar al komen! Momenteel loop ik gemiddeld trager dan traag, zo rond de 8:30/kilometer. En, voor de snelheidsfreaks: ja, dat is traag, maar hey, ik loop wél.
Nu bon, ik zit uiteindelijk nog maar in het begin van de trainingen. Dus er zijn nog altijd ongeveer 5 maanden om de afstand goed in de beentjes te krijgen. En door meer te lopen zal er ook wel een ietsiepietsie snelheid in komen. Maar dat neemt niet weg dat ik dan nog altijd niet supersonisch snel zal zijn.

Het parcours zoals het 2 jaar geleden was, ging voor een stuk door de stad. Toen was het vooral belangrijk om de stad uit te zijn vooraleer het parcours terug opengesteld werd voor het verkeer. Maar hoe het parcours in 2022 zal zijn, nog geen idee.
Ik houd mij een beetje vast aan het feit dat ik ooit al een 20 kilometer liep in 2u46. Daar nog een kilometertje bovenop, dat is 2u53.
Neemt niet weg… man… 7 minuten/kilometer. Stress stress stress. Maar we laten de moed niet zakken, uiteraard niet. Dus dat wordt trainen, trainen, trainen. En mij mentaal al voorbereiden om uit koers gezet te worden. Want dat zal op zich ook nog een bummer zijn… al blijf ik toch een beetje hopen dat het niet zal moeten. 🙂
Maar zover zijn we dus nog niet. De opbouw naar de 10 kilometer loopt tot op heden vlotjes, we zijn toch al aan 6 kilometer. Ik ga niet zeggen dat dat moeiteloze kilometertjes zijn, maar ik vind het wel weer leuk om te lopen, om buiten te gaan en te vertrekken, om dat kleine extraatje er weer bij te doen.

Morgen de 4de training deze week. Neen, niet lopen. Fietsen. Dat is goed voor mijne motoriek. En eigenlijk ook een uitdaging, na zo’n weekje lopen. Ik had de mannen eigenlijk beloofd om niet meer te lopen de dag voor het fietsen, maar nood breekt wet. Ik zal ze bij de start morgenochtend maar verwittigen, dat ze hun tempo wat moeten ‘temperen’. 😉

Nog 5 maanden

1 november. Dat wilt zeggen dat het nog ongeveer 5 maanden is. Dat is al dichtbij. Heel dichtbij. Akelig dichtbij. Toch voor iemand die de laatste maanden niet zoveel gelopen heeft, en einde maart een halve marathon op het programma heeft staan.

’t Is te zeggen, het is eigenlijk een uitgestelde halve marathon. Want in maart 2019 was ik er volledig klaar voor, maar toen stak een virusje een stok tussen de wielen. Bij wijze van spreken dan, want die wielen, die zag ik afgelopen jaar meer dan mijn loopsloefkes.

Hoog tijd dus om daar wat verandering in te brengen, en terug eens wat tijd te spenderen aan ‘die andere hobby’, lopen dus. De herstart was eigenlijk vorige week gepland, maar goed… ziek is ziek, en dan moeten er geen al te grote inspanningen gedaan worden.

1 november leek mij ook symbolisch een mooie datum om te starten, al moest ik daar dan de groepsrit van de fietsclub voor missen. Gelukkig was er ook veel wind, dan is het toch niet leuk fietsen. 😉 En neen, én fietsen, én lopen op 1 dag, dat verteer ik niet. Gelukkig heb ik geen triatlon-ambities.

Lopen dus, na een weekje ziek-zijn. Ik was bijgevolg ook moreel voorbereid om hier en daar een stukje te stappen. Ik besloot ook om deze eerste week niet op mijn horloge te kijken en de hartslag te laten voor wat het is: hoog. Logisch ook, de verkoudheid zit nog wat in mijn lijf, en mijn laatste loopje dateert ook alweer van meer dan 2 weken terug. Maar het liep eigenlijk best wel ok, ik had nooit het gevoel dat het niet meer ging, mijn spieren werkten ook behoorlijk mee, geen pijntje, geen krampje, niks, en ook meezingen met mijn muzieklijstje ging nog meer dan ok. Vind ik zelf, er liep niemand mee, dus niemand die last had van die paar valse noten. De 5 kilometer liepen zo vrij vlot weg, en stappen tussendoor hoefde niet. En bij het uitwandelen zakte de hartslag ook weer netjes naar lagere niveaus.

Mooi, dat geeft een mens hoop. Het plan (jeps, ik heb een plan!) is deze maand om verder op te bouwen, om terug het loopritme er wat in te krijgen en 3 dagen/week een loopje te gaan doen. Begin december start ik dan terug met een schema, en als alles goed loopt, dan hoop ik eind maart die halve marathon fris uit te lopen.

Dat is het plan. Nu de uitvoering nog. Maar hey, ik heb weer een doel, en dat helpt meestal wel. Op naar “den halve”, ik heb er eigenlijk én eindelijk weer zin in! Let’s go!

De digitale coach

En toen dacht ik: waar zou die functie in Garmin Connect voor zijn? Ik drukte, en tadaaaaaa… een hele nieuwe wereld opende zich voor mij. Een wereld met coaches, digitaal wel, en met een keuzemenuutje en een beetje op maat.

Jaja, de Garmin coach werkt op maat! Doel kiezen, coach kiezen, paar vraagjes beantwoorden (hoe snel loop je, hoeveel keer per week wil je trainen, op welke dagen wil je trainen, wat is je doel, wanneer kan je je lange-afstandsloop best doen), en hups: daar kwam zowaar een schema tevoorschijn.

Helemaal niets wereldschokkends overigens. Gezien ik wil blijven lopen, probeer ik mijn goesting terug te vinden. Maar dat schema hadden ze niet. Het alternatief was een schema om op te bouwen naar de 10 kilometer. Uitlopen, niet tegen een bepaalde tijd. En jaja, ik kan dat inderdaad best wel, die 10 kilometer. Alleen loop ik die nu dik tegen mijn goesting. En dus wil ik gewoon terug plezier krijgen in het lopen.

En ik denk dat het marcheert. Intussen ben ik aan mijn tweede week bezig, en ik vind het nog altijd plezant. Het zijn momenteel nog ietwat kortere loopjes dan die die ik gewend ben, maar daar is niks mis mee. Eens even gewoon helemaal tabula rasa en helemaal opnieuw beginnen. Er staan toch geen joggings op het programma, en ik vermoed ook dat dat de eerstvolgende maanden nog wel zo zal blijven.

Ik startte met een korte “Benchmark Run”. Opwarmen, en dan 10 minuten doorlopen. Ikkanda. Beter dan verwacht overigens. Op basis daarvan (of dat wil ik toch heel graag geloven) kreeg ik al voor een eerste week trainingsmomenten in mijn agenda. Loopjes in stukken, loopjes die zeggen: als je nog kan, loop gerust door, maar als het niet meer lukt, wandel dan een stuk. Of loop trager. Qua druk van het vat halen kan dit wel tellen. No pressure, gewoon doen wat goed voelt. Ik heb ook al eens gespiekt naar volgende week, dan staan er kleine intervalletjes op het programma gevolgd door een loopje waarin ik ook al eens een 10 minuten wat sneller mag lopen.

En ik voel dat de loopgoesting stilaan terugkomt. Ik doe weer met plezier mijn schoenen aan om een toereke te gaan doen. De 10 kilometer, die staan voor ergens in mei gepland. En op zich vind ik het ook wel een beetje spannend, om te zien waar ik dan uitkom op die 10 kilometer. Of dat dan inderdaad een beetje gemakkelijker loopt, of ik die 10 kilometer dan ook met plezier en de volle goesting uitloop. Maar ik zie het helemaal zitten, volgens mij gaat dat helemaal goedkomen! Let’s run! 🙂

Op naar de jurk!

Bon, iets anders. Want over lopen kan ik het niet hebben, want lopen lukt voorlopig niet.

Ik mis het nochtans. Ik mis de beweging, ik mis het “in de flow” zitten, dat moment waarop je ademhaling helemaal onder controle is, en je gewoon loopt. En ik mis ook het volledig bezweet thuis komen om dan onder de douche te gaan staan. Nu de dagen weer lengen is het ook gemakkelijker om ’s avonds na het werk weer te gaan lopen. Want eerlijk, zo in het donker nog alleen op pad, heel aantrekkelijk is het niet. En gezien ik ook altijd alleen loop, is er ook niemand die mij uit die zetel trekt om te zeggen ‘komaan, gaan, afspraak is afspraak’.

Maar toch… ik mis het dus. Helaas. Ik heb donderdag 6 kilometer gelopen, en sinds vrijdag is de pijn in de rug weer wat erger. Wachten dus maar weer. Afwachten tot het helemaal over is, want het heeft anders blijkbaar toch geen zin. Blegh.
En fietsen is momenteel al helemaal Disney on Ice, daar waag ik mij maar niet aan.

Om maar te zeggen: ik kan het dus niet over lopen hebben. Maar als ik niet kan lopen, en bijgevolg ook niet veel rekening hoef te houden met mijn energie-inname, dan kan ik misschien wel nog eens iets aan mijn gewicht doen. Want bon ja, eerlijk? Het is niet meer wat het geweest is. Gelukkig is het niet meer wat het geweest is, maar het is ook niet meer wat het geweest is. Snapje? Het is gelukkig inderdaad nog niet zo erg dan het ooit geweest is, maar als ik nu niet ga opletten dan zit ik in no-time natuurlijk weer dik boven de 3 cijfers. En die dik… jaaaaahaa, pun intended, inderdeedekes!

Maandag besliste ik dus om al eens wat meer op te letten. Opletten, dus niets te strikt. Gewoon, terug yoghurt als ontbijt. En een boterhammetje minder ’s middags. Of een slaatje. En jaaaaahaaaaa, er is een wafeltje binnengesmikkeld. En een stuk cake. Of 2. En een Lea denk ik. En oh ja, speculaas, maar die heb ik ipv havermout over mijn yoghurt verkruimeld. En omdat ik hoognodig meer moet drinken – 1 glas chocomelk (na het fietsen naar het werk 🙂 ), 2 mokken koffie en een blik cola zero per dag is inderdaad niet genoeg – probeer ik nu ook mondjesmaat meer water te drinken. Of thee. Al levert dat dan ’s nachts wel alle 2u een “ik moet hoognodig plassen maar het is zo koud”-probleem op. Afgelopen nacht was dat. En dat is er dan ook weer over eigenlijk.

Maar het brengt wel op. Of af. -2kg op 5 dagen, enkel en alleen met wat op te letten. En nee, dat is heus niet te snel, want de eerste kilo’s zijn altijd snelle kilo’s, volgende week zal het een pak minder zijn. Ik had er ook over gedacht om terug hulp in te schakelen in de vorm van een diëtiste, meer zelfs: ik had al halvelings een mail getypt naar iemand. Maar ik ga het toch nog eens zelf zo proberen. Op mijne alleen, want ik ben nu toch ook gewend om zowat alles alleen te doen. Me, myself & I, wij zijn een goed team!

Het doel is in ieder geval terug beter in dat ene jurkje passen. Ja, dat leuke zomerjurkje, of wat had je anders gedacht? Meer hoeft niet. Ik ben nogal rap content. En ja, zo oppervlakkig ben ik soms toch ook wel. 😉

Maar nu… muts op, jas aan, hoog tijd dat ik ga wandelen, volk genoeg op de iPod om mij gezelschap te houden. 😉

Jaloers, jaloers… ;)

Ik zit aan de tafel, en verwonder mij over het uitzicht. In de verte zie ik, door de kale bomen door, het jaagpad waarop menig mountainbiker zich uitleeft. Het is een stuk met veel modder na een regenachtige week, weet ik uit ondervinding van daar te lopen.

Aan de overkant van de straat stopt een fietser om een koekje te eten. Warm ingeduffeld, het is best koud nu.
Voor het raam passeren ontelbare joggers. En wandelaars, wandelaars, wandelaars.

Bon, ik ben eigenlijk jaloers. Jaloers op die mountainbiker (ik mountainbike niet eens, moet je niet vragen), jaloers op die fietser, jaloers op die joggers. Op de wandelaars niet, want wandelen mag ik. De rug, weetuwel. Niet dat het zo erg is. De vijftigplusietis zei een vriend. Fijne vrienden heb ik ja. Ha! Maar goed, dat is het dus ook niet. Het zijn de ligamentjes in mijn linker onderrug die overstrekt zijn. Een paar daagjes bewegen maar niet forceren, en dan komt het goed.

En ja, ik weet dat een paar daagjes niet lang is, en dat een paar daagjes overzienbaar is, maar maar maar: ik had zoveel dingen gepland deze week zeg! Ik had nog zoveel Garminpunten te halen, en dat was allemaal voorzien voor deze week. En dat bijt hé, die punten die ik nu niet kan halen. Ik geraak op die manier mijlenver achterop, en dat kan ik dus nooit meer inhalen. Aaaaaaaaargh! Maar écht hé! Ik zeg het nog eens: aaaaaaaargh!

Wandelen mag gelukkig wel. Gisteren ging ik op pad en vergat ik mijn Aftershokz thuis. Fout. Grote fout. Want dat werd een hele saaie wandeling, zo van het soort die niet snel genoeg ging en die vooral laaaaaaaaaaaaaaaang duurde. Vond ik, al is dat laaaaaaaaaaaaaaaang natuurlijk heel relatief.
Vandaag ging het beter, mét de Aftershokz. En vooral met de Tijdloze van Studio Brussel. Eindelijk nog eens een volle week fantastische muziek op de radio. En ja, plots vloog de tijd, en had ik in no-time een leuke wandeling gedaan. Dire Straits, Alice Cooper (hehe, goed fout is altijd goed), Queen, Eminem, en ga zo maar door. Ik leerde trouwens ook iets vandaag, namelijk dat de opening van dat lied van Eminem de perfect oppepper is. Met dank aan Serine Ayari, ere wie ere toekomt:

Look
If you had
One shot
Or one opportunity
To seize everything you ever wanted
In one moment
Would you capture it
Or just let it slip?

Man man… ik ben zo mee! De mensen die voor mij wandelden ook denk ik, want die keken toch een paar keer redelijk bedenkelijk achterom.
Morgen nog meer Tijdloze… en dan regent het. Grote kans dat ik dan alleen door de plassen drets. Dan kan ik ook wat luider meezingen.

Sportjaaroverzicht 2020

31 december. Zo stond op mijn planning om een sportjaaroverzicht te maken. Iets met nog een 20-tal kilometertjes te lopen en nog wat te fietsen.

Maar bon… het ziet er niet naar uit dat dat er nog van zal komen. Neuh, niet door het weer, ik smelt heus niet van wat water en wind. Neen. Eerder de rug. En jaja, ik hoor de grapjes over dat ouder worden wel. Neemt niet weg, het doet zeer. Ik weet/hoop dat het van voorbijgaande aard is, maar dat voorbijgaan zal toch wel een paar dagen duren.

Want het loopt wat lastig met een zere rug. Zaterdagochtend was er nog geen vuiltje aan de rug bij het opstaan, en een uurtje later liep ik krom nadat ik op de zetel gezeten had. Ik vermoed een beetje verkeerd gezeten ofzo? Geen idee. Maar ik moest en ik zou, dus ik ben toch 10 kilometer gaan lopen. En eerlijk, de rugpijn werd minder vanaf de 3de kilometer. Op kilometer 9 was het zelfs helemaal weg. Maar afgelopen nacht was het toch lastig slapen op die ene zij. En mij op mijn andere zij draaien, wat een gedoe om dat pijnloos proberen te doen.

Het rare is wel dat ik het meeste pijn heb als ik een tijdje heb neergezeten. Het rechtstaan daarna, dat is in etappes. Het is dus of blijven zitten, of blijven bewegen. Want zolang ik beweeg gaat het beter.
Wandelen zal vast wel ok zijn, maar lopen? En fietsen? Daddis als ik mijn been al over de buis krijg momenteel natuurlijk, want ik heb inderdaad geen klassieke damesfiets meer.
Dus bon ja: ik heb dan maar verstandig even alles on hold gezet (en morgen een afspraak bij de dokter geboekt).
En daarmee sluit ik mijn sportjaar dan ook maar af, dik tegen mijn goesting wel. Dan heb je eens een week congé zeg! Pfff… dikke prut ja!

Enfin, al bij al ben ik toch wel tevreden over mijn sportjaar. Nog nooit zoveel kilometertjes afgelegd. Het eigenlijk doel was eigenlijk alle dagen ‘iets’ doen, en 1x/week een rustdag in te lassen. En dat ‘iets doen’ dat mocht wandelen, fietsen of lopen zijn. Ik kan wel zeggen dat dat zo goed als gelukt is: 450u gesport op 309 actieve dagen.

Mijn fietsdoel stond op 4.000 kilometer, en daar ben ik toch wel los overgegaan. Eigenlijk was het stiekem mijn bedoeling om – toen ik die 4.000 kilometer behaald had – naar de 6.000 kilometer te rijden. Helaas, dat is niet gelukt. Maar met 5.741 kilometer ben ik toch ook al wel vree content. Ook met dank aan dat fijne fietsclubje, dat mij weer terug de volle goesting in fietsen heeft teruggegeven.

Lopen dan. 1.000 kilometer was het doel, 683 zijn het geworden. Dat hadden er deze week nog 700 kunnen worden, maar bon… tiswatis.
Wandelen deed ik af en toe eens in het weekend, of tussendoor met onze woeffer, en ook wat korte middagwandelingen. Toch ook goed voor 427 kilometer. En niet te vergeten de Functionele Training, core-stability. Een uurtje per week, maar wel een uurtje waarop ik voelde waar mijn spieren zitten.

Met andere woorden: ik ben echt wel tevreden. Het kan altijd meer, het kan altijd beter, maar er moet ook iets overblijven om volgend jaar naar te streven. Volgend jaar staat er in ieder geval weer wat meer lopen op mijn agenda, en ik hoop toch op zijn minst evenveel leuke fietsritjes als dit jaar te rijden. Meer mag altijd, want dit jaar ben ik toch een beetje meer “Head over Wheels” geworden. 😉

Enfin, in ieder geval: op naar een beter en mooier 2021, en dat we nog maar veel mogen bewegen.

Tienenveertig!

Het is gebeurd! Jawel! Er was dan ook geen ontsnappen aan, aan deze jaarlijks terugkerende gebeurtenis.

Toch was het dit jaar een beetje speciaal. 50 in 2020. Afgeronde getallen, altijd geweldig. Niet alleen bij het lopen, ook bij het verjaren. Overigens, bij het fietsen heb ik die rare obsessie niet om naar een rond getal te fietsen. Daar is het stop en klaar.
Maar daar ging het niet over. Sommige afwijkingen – waaronder dat afwijken dus – gaan er ook duidelijk met de leeftijd niet uit. 😉

Dus 50 in 2020. Of tienenveertig, zoals iemand op mijn tijdlijn kwam melden. Die houd ik er dus in, want het heeft wel iets. 🙂
En deze ook:

Maar het is inderdaad wel waar. Ik heb het altijd al lastig gehad met dat ouder worden. Want alles ging altijd slechter, en moeizamer, en bladadie bladada. Dat is tot ik ging sporten. Vanaf dan ging het eigenlijk letterlijk alleen maar “level up”. Jarig zijn werd leuker, want met elke verjaardag kon ik meer: verder lopen, verder fietsen, verder wandelen. En dat telkens met wat kilootjes minder. Sky and limit, zoiets.

Dus bon ja… het is een beetje zoals met goede wijn. Ik word beter met de jaren. Ik zeg het maar zelf. Ik zit in ieder geval een pak beter in mijn vel dan toen ik 40 werd. Wat ook niet zo verwonderlijk is, met al dat gewicht minder. Hadden ze mij 10 jaar geleden gezegd dat ik op mijn 50e verjaardag voor mijn plezier een rondje van 10 kilometer zou gaan joggen, ik zou heel hard gelachen hebben en inwendig heel hard gehuild. Want toen dacht ik nog niet eens dat dat lopen überhaupt zou mogelijk zijn voor mij. Dus ja… Spot the difference, tussen deze 2 foto’s zit exact 10 jaar. De eerste is genomen op het etentje voor mijn 40e verjaardag, de 2de een paar dagen geleden tijdens een wandeling. In het West-Vlaams zeggen ze “preus lik tfigtig”. Awel… dat dus hé! 🙂 (overigens stond er eerst fjirtig, maar met dank aan Kristof voor de West-Vlaamse vertaling is het nu correcter 😉 )

In ieder geval: een hele grote dankjewel aan iedereen die, ook al was het maar heel even, aan mij dacht op deze toch wel memorabele dag. Ik heb een huis dat geurt naar bloemen, ik kreeg echt een massa berichten via alle mogelijke wegen, en op het einde van de dag stonden er ook nog vrienden met champagne aan de deur. De dag is dan ook geheel coronaproof (uiteraard) afgesloten met een glaasje op het terras.

Deze oude doos heft bijgevolg het glas op jullie allemaal! *tsjing* ! En op naar de volgende! 😉

Het krieken van de dag

Het krieken van de dag, om het maar over iets te hebben. Niet dat ik het daar specifiek over ga hebben, maar het is de laatste tijd een beetje lastig om iets te vinden om over te schrijven. Om te schrijven over sport als je eigenlijk altijd hetzelfde doet. Nu ja, hetzelfde. Ja en neen, maar toch… het komt er wel een beetje op neer. Er zijn geen joggings, geen wedstrijden, zelfs geen hilarische fietsritten.

Ik sport wel hoor. Sporten als in met een omwegje naar het werk heen en terug fietsen, wandelen, en toch ook weer meer lopen. Al vind ik dat meer lopen nog altijd niet genoeg, maar dat ligt aan mezelf. Want ik loop momenteel weer quasi probleemloos 10 à 11 kilometer. Het is een kwestie van mindset, een kwestie van tegen mezelf te zeggen dat ik die 10 kilometer ga lopen en dat effectief ook doe. De conditie is er blijkbaar nog. Uiteindelijk zou het ook maar triestig zijn moest al dat fietsen totaal niets aan conditie opbrengen natuurlijk.
En neen, ik ben niet steendood na het lopen, en onderweg lijkt het toch ook weer alsof – eens de eerste 3 kilometer gepasseerd – het lopen weer gemakkelijker gaat.
Dus ja, dat lopen… ik kan dat nog, ik doe dat nog altijd graag.

Alleen… ik fiets ook zo graag. Dus die ritjes naar en van het werk, inclusief extra lusjes, die blijf ik doen. Ook omdat dat voor mij de ideale manier is om mijn dag te verwerken. Met een hoofd vol van het werk op de fiets stappen, om dan ergens onderweg alles kwijt te geraken en aan niets meer te denken. Behalve dan aan trappen op die fiets.

En het is ook gewoon een mooi fietsseizoen, ’s ochtends dan. Die zonsopgangen! Starten in het donker, en het op dat halfuur dat ik nodig heb om op het werk te geraken licht zien worden. Ik fiets bijna letterlijk met mijn mond open omdat ik de natuur momenteel zo schitterend vind. En let op, hier komt hij dan toch: Het krieken van de dag, de zon die door de mist doorpiept. Echt… zoooo mooi. Heel af en toe doe ik dan ook eens moeite om dit op foto te vangen. Maar de echte beleving, die is nog altijd tig keer beter.

Dat fietsen maakt ook dat ik bezweet thuiskom. Bezweet wegens soms toch te warm gekleed, want de ochtenden zijn momenteel kouder dan de avonden, en bezweet omdat ik toch ook wel stevig moet doortrappen op mijn fiets, zeker nu daar nieuwe banden opstaan. Anti-lekbanden, maar die zijn dus ook iets breder dan de fietsbanden die ik ervoor had. En een bredere fietsband, dat wilt zeggen harder werken op de fiets. En bijgevolg harder zweten.

En dan kom ik thuis, bezweet, doe mijn helm, fietsjas en mijn schoenen uit, boterhamdoos (of de Boc’n’Roll, jaja, af en toe ben ik ook hip! En voor diegenen die dit niet kennen: aanrader, google maar een keer, en neen, ik ben niet gesponsord) bij de afwas en van die dingen, en dan komt er altijd weer een moment waarop ik kou krijg. En dat moment is het moment waarop ik telkens weer denk: ik ga douchen ipv nu mijn loopkleren aan te trekken en in het donker en in de kilte te gaan lopen. Het nodigt ook niet echt uit, dat donkere en dat kille, om dan nog alleen te gaan lopen. Ik weet dat er mensen zijn die daarvan genieten en dat net leuk vinden, maar mij kan het eigenlijk niet echt bekoren.

Neen, doe mij maar het daglicht om mijn toerekes te lopen. En och ja… voorlopig is er toch ook niet echt iets om naartoe te trainen. Want een doel hebben is voor mij blijkbaar toch ook wel belangrijk. Een doel, en het ‘gewicht’ wat er aan dat doel gehangen wordt. Zo is momenteel het doel ‘zoveel kilometer fietsen dit jaar’ voor mij belangrijker dan het loopjaardoel. Neen, ik zeg nog niet hoeveel kilometer. Ik zie wel hoever ik geraak, het hangt ook allemaal nog van de (weers)omstandigheden af. Eerlijkheidshalve moet ik toegeven dat ik dat doel ook wat heb moeten bijschroeven wegens wat dubbele ritten in Garmin Connect.

Dubbele ritten zegt u? Ja, want ik heb een nieuwe fiets-GPS, maar had daar in het begin toch niet heel veel vertrouwen in en registreerde dus ook nog de ritten met mijn horloge. Waarna ik thuis op Garmin Connect 1 van de 2 ritten verwijderde, maar blijkbaar heb ik dat niet consequent gedaan. Nu dus wel. Alles is ontdubbeld, alles is correct. Ik zal dus nog even moeten doorfietsen, gelukkig is het jaar nog niet helemaal om.

Dus ja, ik sport nog, ik blijf bezig. Al de rest, dat komt wel weer. Ooit. En misschien. Ik weet dat ik ooit heel enthousiast was om die marathon te gaan lopen, maar intussen heb ik zoiets van och… er zijn wel andere zaken. Komt die marathon, dan komt hij. Indien niet, ook goed. Toch? Nu eerst maar eens naar die andere mijlpaal toeleven, iets met een tram en een ander cijfer. En daarna zien we wel weer wat er komt. 🙂