Categorie archief: Dieren

Splinter

Auw zeg. 1 onnozele kleine splinter in mijn vinger, maar wat een pijn! En eer dat ding dan ook nog uit mijn vinger was. Ok ja, ik geef toe dat ik het eerst vergeten was, maar na een nachtje slapen werd het mij pijnlijk duidelijk dat ik het beter kwijt dan rijk was. Wat geprul met een naald en een pincet later kon ik gelukkig een zucht van opluchting laten. Hij is weg, de splinter. Maar nu wel gewond aan mijn vinger natuurlijk. Bloed en zo vanal. Ik moet net niet naar Spoed vermoed ik.

Enfin, dat is allemaal niks. Denk ik. Er zijn ergere dingen dan dat. Zoals een konijn dat plots babykonijntjes heeft. Nochtans hadden we het mannetje laten knippen. Maar zo’n wilderik van in de buurt wipte letterlijk even langs, en bam… prijs! Wil je eerst geen dieren, heb je op de duur toch een halve zoo. Blijkbaar. Woef inclusief, want ja, natuurlijk is die gebleven. Kleine hooligan soms trouwens. Kippen die bovenop hun kot zitten? Woefwoefwoef, die moeten eraf! De Duitse herder van de buren iets verderop? Woefwoefwoef en ook grrrrrrrr… die zullen we eens te stekken hebben. Idem met auto’s, fietsers, lopers…
Maar ik wijk af.

Kill your darlings zeiden ze vroeger, als het over schrijven ging. Ik killde bijgevolg een stuk tekst over die konijntjes, herschreef, schrapte, herschreef, schrapte nog eens, en kwam daarna tot de conclusie dat ik het de eerste keer toch stukken beter vond. Maar ja… de backspace killde dat stuk, dus dat is weg. En ik krijg het niet meer geschreven zoals het er eerst stond. Ging alles soms maar zo gemakkelijk. Backspace of erase.. en *poef*, weg is het. Helaas werkt het zo niet.

Ik kwam dan ook nog “Steentje” tegen, van Brihang. Iets anders dan een splinter natuurlijk. Allez ja, ik kende het al even maar nu ik met die splinter zat, sprong dat steentje weer in mijn hoofd. Logisch, toch? Ik zat toch net nog (allez ja, een paar weken terug) met bleinen. Herkenbaar allemaal zo. Jaja, ik weet dat het metaforisch is. Maar ik probeer niet teveel meer te denken. Te rationeel zo soms. Veel te rationeel. Daar draait mijn gevoel ook weleens van in de knoop, want het moet allemaal rationeel blijven. Soms is het dat niet. Rationeel dan. En lig ik ook weleens wakker. Van iets waarvan je dan zou denken dat mensen met wat verstand in hun hoofd beter zouden moeten weten. Niet dus. Helaas. Jammer ook.

Dus ja… ik heb een steentje in mijn schoen… het zou zomaar een hele rotsformatie kunnen zijn.

Adopteer eens een hond…

Ik weet niet meer zo goed hoe het allemaal kwam. In ieder geval: ik ging naar de kapster – zeg nooit zomaar kapster tegen een Katrien waar je dan bevriend mee geraakt 😉 – en zij vertelde over een hondje. Een hondje van een jaar of 10. En dat hondje zocht wegens omstandigheden een nieuwe thuis. Omstandigheden trouwens waar helemaal niets aan te doen is. En dat je zelf maar wenst dat het jou en de jouwen nooit zal overkomen, want it sucks big time.

Maar over dat hondje… ik vertelde dat dan weer tegen mijn man, hij vroeg een fotootje, dat fotootje kwam er, en bon ja… we waren verkocht hé! Vooral dan de dochter. Want zij wou altijd al zo graag een hondje, en dit hondje leek wel heel erg lief. Toch nog enige twijfels. Want ja, allergisch, en het was ook geen pup meer, en en en…

Bon, alle argumenten ten spijt… we kregen het bericht dat we het hondje een paar daagjes ‘op proef’ mochten hebben, indien we nog interesse hadden. Proberen kost niets, dus we besloten het te doen. Op dochterlief haar verjaardag. Ik hoef zeker niet te zeggen dat ze het het beste cadeau ever vond zeker? 😉 Helemaal enthousiast, en wat een leuk hondje, en wat een supercadeau! Scooooren! Alleen was het hondje natuurlijk wel op proef, en ook op voorwaarde dat de eigenaar van het hondje het hondje niet zou missen en het niet zou terugwillen.

Intussen zijn we een week verder, en woont het hondje hier nog altijd. Intussen hebben we zijn staartje zien evolueren van helemaal tussen de benen naar gekruld omhoog. We denken dus dat hij hier wel graag is. Wandelen doet hij ook wel heel graag. Zo graag, dat hij op een avond besloot dat hij dat wel alleen kon doen. Staartje omhoog, en fier als een gieter alleen op pad. Best wel grappig, maar toch ook wel een beetje paniek. Want dit hondje is helemaal niet van ons, we mogen dit niet kwijtspelen! Gelukkig kwam hij wel terug, en sindsdien zorgen wij ervoor dat de ene deur altijd dicht is voor we de buitendeur openen. 🙂

De tuin, daar wil hij nog niet zo graag in. Als we hem dan toch zover krijgen, dan staat hij te blaffen tegen de Golden Retriever van onze achterburen, en elke fietser die passeert krijgt ook de volle laag. We blijven het echter proberen. Deze namiddag ging het al wat beter, en is hij toch 2 uurtjes buiten kunnen blijven. Weliswaar met de tuindeur open en de hor ertussen, maar toch… in het begin krabde hij de hor net niet aan flarden, nu blijft hij er al af. Er is progressie. 😉

Bon ja… het is en blijft natuurlijk een senior van 10 jaar oud. Maar hij is best wel schattig! Hij heeft intussen het wandelen ontdekt, en het spelletje met de bal vind hij ook fantastisch. Eten gaat gelukkig ook goed, en na een wandeling gaat hij flink water drinken. Dus ja.. eigenlijk doet hij het best wel ok.

Het alleen zijn is nog een beetje een issue, maar intussen lukt het al wel om de nacht alleen te blijven tussen 23u en 6u30. En ja, dat is winst, want de eerste nachten kregen we al gehuil, geblaf en gekrab aan de deur om 2u of vroeger. Maar de laatste 3 nachten gaat het – hout vasthouden – goed. Nu nog overdag. Het was niet voorzien, maar de komende 2 dagen zal hij overdag ook alleen zijn. Gelukkig hebben we een bench meegekregen, en daar gaan we de volgende dagen dankbaar gebruik van maken. Een vriend gaat regelmatig komen checken of alles goed gaat, en hopelijk gaat dit goed en krijgen we hem tegen september getraind om de werkdagen alleen te overbruggen.

Want ja… van “even proberen” is dit nu toch al geëvolueerd naar “hij mag toch blijven hé”. Uiteindelijk willen we dit allemaal wel denk ik. Want hij is toch écht wel heel erg schattig. 😉

Willemke konijn

Zondag, een mooie nazomerse dag. Ik haal de was af, en verwacht alle momenten geritsel in het struikgewas. Geritsel, en vervolgens een konijn dat rond mijn voeten komt draaien in de hoop op een aai, en nog meer in de hoop op een haversnoepje. Een konijn dat vervolgens braaf blijft zitten aan de droogpaal, want hij weet best wel dat die haversnoepjes er zullen komen. In afwachting eet hij wat gras, en snuffelt wat rond.

Maar er komt geen geritsel. Het blijft stil. Akelig stil.. Geen konijntje dat om aandacht of snoepjes vraagt, geen konijntje dat komt aangespurt omdat het iemand in de tuin ziet. En terwijl ik de was afhaal, voel ik ze komen, de tranen. Tranen om dat konijntje. Want dat konijntje, dat is helaas net overleden.

Overleden aan wonden die stomme vliegenlarven gemaakt hebben. Op amper 1 dag tijd van springlevend naar een zielig hoopje pels. Vliegenlarven die zo’n konijn gewoon levend opeten. De dierenarts deed nog wat ze kon, maar het mocht helaas niet zijn. Ondanks de verzorging, ondanks de antibiotica, ondanks de zalf, ondanks de pijnstillers. Nadat we van de dierenarts kwamen at hij nog zijn bakje leeg en dronk hij nog, maar de dag erna was het bobijntje duidelijk op. Voeding met een spuitje lukte niet meer, alles kwam er terug uit. En nu, amper 2 dagen later, is het kaarsje helemaal uit.

Of hoe je toch gehecht geraakt aan dat leven in de tuin. Leven dat er ongeveer 6,5 jaar geleden kwam toen dochterlief van 2 van haar neven “een cadeautje” kreeg. Een konijnenhok, en daarbij horend een konijntje. Een prachtig blauwgrijs klein Vlaams reusje dat “Willemke” gedoopt werd.

Nadat het konijntje even bij de kippen gelogeerd had, kreeg het een eigen onderkomen. Stilaan ging het kleine er ook af, en werd het een échte Vlaamse Reus. Maar wel een lieve reus. Eentje die aangehuppeld kwam als je hem riep, en uit de hand at. Eentje dat zich liet aaien, en zich vervolgens aan je voeten nestelde en daar bleef liggen.

Toen we verhuisden, verhuisde Willemke uiteraard mee. Hij kreeg eerst een plaatsje bij de kippen, maar nadat hij ziek geweest was (stomme vliegen, stomme maden, ook toen) en weer genezen, kreeg hij een upgrade naar het andere stuk van de tuin, waar hij vrolijk verder huppelde. En daar had hij zo zijn eigen gewoontes. Overdag kroop hij onder een struik, en ’s avonds kwam hij weer tevoorschijn. We wisten altijd waar hij zat, want na even te rammelen met de doos met haversnoepjes, kwam hij altijd tevoorschijn.

Maar hoe lief zo’n konijn ook is, ook een lief konijntje wordt natuurlijk ouder. En dat was te merken. Echt lopen deed Willemke op de duur niet meer, het werd meer hobbelen door de tuin. En elke keer we hem niet zagen, sloeg de schrik ons om het hart. Een schrik die onnodig bleek, want telkens weer bleef hij opduiken.

Tot een paar dagen terug hij wel erg onbeweeglijk lag waar hij bleef liggen. Diarree… en weer die stomme vliegen die hun eitjes op hem kwamen leggen. Eitjes, waar van die ergerlijke larven uitkomen die zo’n konijntje levend opeten. De dierenarts deed wat ze kon, maar de wonden waren wel erg diep. Op amper 1 dag tijd ging het van een levendig konijntje naar een hoopje ellende. Ja, zo snel gaat dat blijkbaar.

Willemke ging mee terug naar huis, met een resem medicamenten en een zalfje, en werd in een bench in de garage gezet. Maar het mocht niet baten… in tegenstelling tot 2 jaar terug had hij waarschijnlijk gewoon de kracht niet meer om te vechten tegen de wonden die die dwaze larven geslagen hadden..

En dan sta je dus in die tuin. En kijk je naar het spoor dat hij door de gazon getrokken heeft. En verwacht je dat hij daar weer komt aangehobbeld als je hem roept. Ik heb ook al enkele keren willen vragen “of iemand Willemke vandaag al gezien heeft”… tot ik besef dat Willemke niet meer tevoorschijn zal komen. Helaas. Willemke is er niet meer. Maar dat Willemke, daar gaan we nog heel dikwijls over praten. Want Willemke… je was misschien “maar” een konijntje, maar je wordt nu al heel erg gemist!

 

Marcel en Oscar

Vandaag kwamen mijn pubers terug van scoutskamp. 10 dagen hebben ze ergens in de Ardennen op een wei gekampeerd. Het doet hen goed, vind ik. Ze komen telkens bruingebrand en vol nieuwe indrukken terug thuis.

Goed… waar ik het eigenlijk over wou hebben, dat zijn de ‘extraatjes’ die mee naar huis kwamen. Marcel en Oscar heten ze, die extraatjes. En het zijn vriendjes van de dochter. Vriendjes met een pelsje aan. Cavia’s. Heel trots kwam ze met het kooitje in haar handen op ons afgestapt. De cavia’s waren een cadeautje van de leiding voor op kamp, en ze had ze op die 10 dagen tam gemaakt. Maar ja… kamp gedaan, nu werd er natuurlijk een pleeggezin gezocht voor Marcel en Oscar. Dochterlief was kandidate, uiteraard, maar er was ook nog een plan B.

Voor dat plan B in werking trad, moest plan A uiteraard nog ontvouwd worden. Plan A bestond er simpelweg in mama en papa om te kopen. Met de belofte alle dagen de afwasmachine leeg te maken en ALLES te doen wat wij vragen. ALLES! Goh… veelbelovend wel, maar ik geloof er eigenlijk niet zoveel van.  Maar ja… tegen zoveel overmacht kunnen wij niet op. En nog geen 2 minuten later stond er een kooi met 2 cavia’s in de koffer van onze auto.

Nu… er zouden hier helemaal geen dieren komen. Intussen hebben we toch al 3 nijnen, 3 kippen (waarvan er eentje vanavond blijkbaar het hazenpad gekozen heeft, benieuwd of die morgen nog terugkomt), en nu dus ook 2 cavia’s. Zucht. Ik ben toch ook zo’n watje. Morgen dus maar eens behuizing zoeken voor Marcel en Oscar. Nog even, en we hebben een halve zoo.

Dus ja.. maak kennis met onze nieuwe bewoners: Links Marcel, en rechts Oscar. Het meisje is 2 keer dezelfde. 😉

2016-08-13 21.04.24 2016-08-13 21.03.42

 

De ooievaar

Wij verhuisden, maar onze diertjes natuurlijk ook. Behalve de visjes dan, want in de tuin van ons nieuwe huis is (nog) geen vijver. Je kan die visjes natuurlijk ook niet zo lang in afwachting op het droge in het gras laten spartelen. Hoewel, als het nog wat regent…

Enfin, de kipjes en de Vlaamse Reuzen, die zijn wel mee verhuisd. Voor hen moet het voelen als van een ieniemienie appartementje naar een ruime luxe-villa gaan, zoveel plaats hebben ze hier nu.

Het enige probP1040202.JPGleem was dat we 1 mannetjeskonijn, ons Willemke, toch apart van de 2 anderen moesten houden. Apart, omdat hij anders zou vechten met het andere (gecastreerde) konijn, en dat hij met het vrouwtjeskonijn wel andere dingen zou doen. En konijnenbabietjes, die hebben we al een keer gehad, en al onze vrienden zijn nu al voorzien van Vlaamse Reusjes, dus dat is zeker geen optie.

P1040205.JPGDaar bovenop kregen we ook nog een kleine kip cadeau. Een hevig kippeke ook. Het had iets van een youngster vol branie die bij 2 oude rotten terecht kwam. En maar van hier naar daar springen, en de andere kippen maar uitdagen. En op de duur… zat ze in een ander kot. Oeps…. die kon dus nog vliegen! Wij daar achteraan. Alleen liet ze zich niet zomaar vangen. Ze kon niet alleen over de draad, ze kon er ook gewoon door! Maar op de duur hadden we haar, gelukkig, toch te stekken. Vandaag is het toch al veel minder met al die branie. Al gaat ze nog altijd wel lopen als we in de buurt komen.

P1040206.JPGDe nijnen dan. We dachten dat we het goed opgelost hadden. Turbo en Flavie apart, en Willemke bij de kippen. Tot vanochtend. Turbo – we hebben hem niet voor niks Turbo genoemd peinsek – zat los in de tuin. Niet dat dat een groot probleem is, hij kan hier niet weg, maar toch.. hoe kwam hij daar? We zagen geen gat in het hek, hij had ook niet gegraven. Tot op heden blijft het een raadsel. Benieuwd wat dat morgenochtend geeft.

Niet alleen Turbo zag een mogelijkheid te ‘ontsnappen’. Ook Flavie zag kansen, alleen niet de goede. Vinden wij toch. Zij ziet het vast anders. Zij ‘ontsnapte’ naar het hok waar ze absoluut niet mocht komen, bij Willemke! Tegen dat wij het gezien hadden, had Willemke natuurlijk ook al zijn kans gezien. Een vluggertje, dat is dus echt in een wip gebeurd. Maar echt een wip! Dedju! Nu toch maar hopen dat het niet gepakt heeft, anders zitten we hier binnen een paar weken weer met een hoop ieniemienie-nijntjes!

Toen ik gisteren die ooievaars hier zag vliegen, had ik al het vermoeden dat er miserie van zou komen! Ik houd dan alle deuren en ramen potdicht, zien die beesten elders weer mogelijkheden. Niettemin hoop ik toch dat het deze keer losse flodders waren. Vorige keer hadden we 11 (ELF!) van die konijntjes. Wanneer trekken die ooievaars weer naar warmere oorden?

Plat op de buik in de tuin

Vanochtend, zo rond een uur of 8, lag ik plat op mijn buik in de tuin. Jeps. Geheel vrijwillig. Dus neen, ik zag het je wel denken, maar niet dus! Ik was niet ‘gesjoempeld’. Nope.

Even een kleine geschiedenisschets:
Enkele jaren terug ging de dochter met haar neef en zijn toenmalige vriendin op stap. En ze kwam geweldig enthousiast weer thuis. Want bij die neef, daar hadden ze diertjes. Kipjes, en een hangbuikzwijntje, en dwergkonijntjes, en ook Vlaamse Reuzen. En of ze ook eentje mocht?

Nee nee nee! Geen dieren in de tuin, die moet je verzorgen, en wie zou dat dan gaan doen? Jullie kennen het wel.
Om maar te zeggen: dieren zouden er niet komen! Was ik trouwens ook niet allergisch aan dierenhaar? En ‘jamaar, ze zitten buiten’ was géén legitiem excuus! Niet zeg ik!

Nu goed… een week of 3 later zaten er toch 3 kippen in onze tuin. Een witte, een zwarte, en een rosse. K3, inderdaad. Om maar te zeggen, dat ik niks te zeggen heb.

Zo bleek ook nog eens een paar weken later. Want de dochter was jarig, en het was feest, tuinfeest, en de familie kwam. Ook de neef waarvan eerder sprake. En die neef, die had als cadeau een konijntje mee. Hij heeft begot geluk dat hij van het charmante type is en ermee wegkomt. Maar het was wel een schoontje, dat konijntje dan. Een grijs. Samen met zijn broer, ook van het charmante type ja, had hij ook nog een konijnenhok gekocht. Cadeau! Tadaaaaaaaaa! Hmpf.
Dochter mega-content, papa ook, mama al wat minder (hoewel het konijntje wel schattig leek). Wegens geen plaats, werd het konijntje eerst bij de kippen gezet. Kippen, die lieten luid kakelend lieten weten dat ze van dat rare huppelding in hun kot niet gediend waren.

Maar ja, de kippen konden kakelen wat ze wilden, het konijn bleef. En werd “Willemke” gedoopt. Na een tijdje kreeg Willemke zijn eigen stekje, en werd hij de koning te rijk. Al was Willemke eigenlijk toch niet zo ‘ke’ want ja, van het Vlaamse Reus-type. Niettemin bleef het toch Willemke om vergissingen met bestaande neven te voorkomen.

En och jaaaaaaaaa…. kippen in de tuin, dat zijn verse eitjes. En het konijntje was eigenlijk best wel leuk, dus ik kon er wel mee leven. Al een paar jaar intussen.
Enkele maanden terug belde diezelfde neef echter: “of wij niet nog een vrouwtjeskonijn wilden?”. Hij had er nog eentje over, en dat zat nu zo zielig alleen, en Willemke, die zou toch kleine konijntjes moeten maken, want het is toch zo’n schoon konijn? Aargh! Ik liet me overhalen door de rest van het gezin, en er kwam dus een vrouwtjeskonijn bij. Flavie. Flavie, die netjes apart in een kotje gezet werd. Nu ja, kotje, ze kreeg een heuse duplex ter beschikking.

Maar enige tijd terug konden ze het toch niet laten, de man en de dochter dan, en werd Flavieke bij Willemke gezet. Willemke zag zijn kans schoon, en ging dus rap van puntje puntje puntje doen (ja sorry, ik mag de dingen niet bij naam noemen van mijn bijna 13-jarige puberdochter, en ik ga hier natuurlijk ook niet de sekstapes van de konijnen uit de doeken doen).

Daarna werd het spannend: was Flavie zwanger, of was ze niet zwanger? Feit was dat ze na 2 weken al het hooi in haar kot stapelde in het hokje op de verdieping van haar kot. Geen hooisprietje was nog veilig, alles ging daarin, tot het er bijna uitviel, zoveel had ze verzameld. Maar blijkbaar kon het nog altijd een schijnzwangerschap zijn, dus het was best wel spannend.

kneinSpannend ja, tot vorige week. Toen lagen er plots, zo ineens, babykonijntjes in dat hokje. Eentje lag wat apart, en dat eentje heeft het ook niet gehaald. Voor de rest: waren het er 3? 4? Nope! Neefmans telde er 9! Negen!
Ik zag mij dus genoodzaakt dadelijk de hulplijnen in te schakelen, en iedereen in mijn adressenbestand te gaan vertederen met fotootjes van pasgeboren babykonijntjes! 9, astemblief!

Het waren er dan nog geeneens 9. 2 dagen terug deed ik een hertelling, en hadden we er plots 10. TIEN! Tien van die hummeltjes die van die megakonijnen worden! Serieus! Dus ik ben nog steeds druk doende om nu al warme thuisjes voor die beestjes te voorzien.

Maar hoe kom ik nu plat op de buik in de tuin, hoor ik jullie denken? Awel.. nog efkes geduld, want ik geraak er stilaan, aan dat punt in mijn verhaaltje.

Duuuhussss… die konijntjes, dat wriemelt, en dat beweegt, en af en toe wriemelen ze zoveel, dat ze uit het hokje vallen. Helemaal naar beneden. Waar ze niet moeten zijn, want ze krijgen enkel konijntjesmelk in hun nestje natuurlijk! We hadden daarom voor alle zekerheid de weg naar beneden geblokkeerd voor Flavie. Dan kon zij niet naar beneden, en vooral, dan konden de kleintjes niet zo diep vallen.

Think again! Zo’n knein, dat is dus slimmer dan dat blijkbaar! Want madame Flavie had toch ergens de mogelijkheid gezien om de weg naar beneden terug open te maken. En daar zat ze dus vanochtend. Samen met 2 van haar babietjes. En die moesten dus terug in dat nest geraken. Alleen lagen ze nogal ver vanachter, en ben ik nogal aan de kleine kant. Ik zag dus geen andere mogelijkheid dan plat op mijn buik te gaan liggen, om zo de konijntjes weer in hun nestje te krijgen. Goede oefening trouwens. Van plat op de buik met een konijntje in de hand rechtjumpen om dan dadelijk weer te gaan liggen om het volgende konijn te gaan oppikken. Burpees noemen ze die dingen, heel goed als core-training. Maar wél vermoeiend. Zaterdag mag ik trouwens weer…. maar ik wijk weer af! Ik zei het al, het is een afwijking!

Dus ja. Puf en blaas! Maandagen mogen van mij gerust wat rustiger beginnen! En nu vooral hopen dat dit geen traditie wordt, zo ’s morgens vroeg.

Overigens… een konijntje, iemand??? Ze zijn écht heel erg lief! 😉