Auteursarchief: Sandra

Over Sandra

Wie ben ik, wat doe ik, en waarom? Het zijn vragen die ook mij bezighouden. In het kort: Muziekgek. Leesjunk. Open boek. Wysiwyg. Of eigenlijk: what you read is what you get. ;)

Efkes tussendoor zo…

Recyclage… altijd plezant! 😉

My thoughts are like butterflies

Eerst klikken op de volgende link, en dan pas verder lezen:

deze link heb ik het dus over…

Je bent gerickrolled! Altijd al eens willen doen eigenlijk. Die kinderhand hé.. .

Enfin, dit gezegd zijnde heb ik eigenlijk verder niet veel te vertellen vandaag. Misschien nog juist efkes den tekst, dan je kan meezingen hé. ’t Is van graag gedaan en zo vanal! 🙂
(Morgen heb ik hopelijk iets interessants te vertellen, al weet je dat nooit zeker natuurlijk! 😉 )

giphy.gif

View original post

Advertenties

11.11.11-loop in Vossem

Om maar met de deur in huis te vallen: neen, ik ben niet tevreden met hoe het lopen vandaag gegaan is. En ja, ik weet ook hoe dat komt.

De bedoeling was eigenlijk om een ‘training tijdens de wedstrijd’ te doen. De eerste 10 kilometer toch. Dat betekent: 17 minuten lopen, 3 minuten stappen. En dat lopen liefst ook aan lage hartslag. Een vriendin zou met mij meelopen de eerste 10 kilometer, zodat ik dat stuk niet alleen moest doen.

Bon, en daar begint het dus al. De vriendin in kwestie, die loopt eigenlijk sneller dan ikzelf. Waardoor ik er nog niet eens aan dénk om mijn tempo te gaan verlagen. Integendeel, ik ga eigenlijk toch nét iets sneller dan ik andere trainingen loop. Zij loopt dan inderdaad aan een lager tempo, en aan een lagere hartslag. Mijn hartslag, die gaat alleen maar skyhigh. Ze stelde mij nog wel voor om toch wat trager te gaan, maar het kwaad was al geschied. Eens de hartslag te hoog gaat, is het onmogelijk om die nog in de zone 1 te krijgen. Dus bon ja, door dan maar. Door met 17 minuten stappen, en 3 minuten lopen. En sjikken, dat ook. Want eigenlijk liep ik niet laatst, maar door dat stappen gingen andere lopers vlotjes over mij. Het is dan ook nog altijd een loopwedstrijd. En dan doet dat toch wel zeer.

Maar goed, het was wat het was. Lopen dus. En ja, stappen. Intussen was de fietser ook achter ons gaan hangen, de man zal ook gedacht hebben “die gaan die 20K nooit helemaal uitlopen”. Het is ook wel een dingetje… een training tijdens een wedstrijd is allemaal goed en wel, en trager lopen ook, maar niet als je al een trage loper bent. En al zeker niet op een dag als vandaag: regen, waardoor het allemaal al kil aanvoelde, en dan moeten die mensen wachten totdat die laatste tergend trage loper doorkomt. Moi dus. Op punten waar ik 2 keer kwam, heb ik mij dan ook verontschuldigd. En overal de mensen bedankt, dat ze blijven staan waren tot ik er ook was.

Mentaal erg lastig loopje dus. Ik zeg niet dat ik niet laatste geweest was als ik de 20K helemaal gewoon gelopen had. Dat niet. Ik zou wel de laatste geweest zijn. Maar ik vermoed dat ik er wel een beter gevoel aan zou overgehouden hebben. Want op kilometer 10 mochten we weer gewoon ons eigen tempo lopen. Voor mij dus het tempo wat ik al de hele tijd liep, voor mijn vriendin een beetje sneller. En dat was ook weer zoiets. Ik zie haar gaan, en wil dan mee. Maar dat kan ik niet, want ik kan niet sneller lopen dan ik loop. En dat is op dat moment mentaal heel moeilijk. Ik kan niet mee. Alweer niet.

Voor de rest: het was echt een keimooi parcours. Ik heb genoten van de pracht van de herfst, van de goudgeel-gekleurde dreven, van de bomen die mij toeriepen “vandaaaaaag is roooooooood”. Want inderdaad, zo uitbundig rood kan ook een boom zijn. En het was super dat die paar clubvriendjes op mij stonden te wachten aan de finish. Want ik had het toen echt wel gehad. En… een kleine mijlpaal ook voor mijn man, die zowaar voor het eerst sinds zijn hartoperatie een paar honderd meter met mij mee naar de finish liep! Hopelijk is hij nu weer vertrokken. Het hart en de longen willen in ieder geval wel, nu hopelijk de knie ook nog! Thumbsup!

Oja, minpuntje toch nog: ik citeer even uit de wervingstekst: “Op kilometer 7 en 16 wordt er water en bananen voorzien. Ook aan de aankomst is er voor alle (sic!) lopers water beschikbaar.” Bananen aan de bevoorrading, check! Water op kilometer 7, ook check.  Op kilometer 16 was het water op, maar daar kreeg ik, met een grote dankjewel aan de meneer die uit zijn auto voor mij een flesje opdook, een flesje Cola Zero. Het was meer dan welkom! Maar dat water aan de finish voor alle lopers? “Sorry, het is op”. Ja, daar had ik iets aan. Not.

Dus neen, geen loopje met een écht goed gevoel dit keer. Het tweede deel liep wel ok, ik kan echt wel 20 kilometer lopen zonder noemenswaardige problemen, maar toch… Hartslag te hoog, mentaal lastig omdat het trainingsgedeelte niet goed ging, en geen water. Ik ga dan ook geen wedstrijden meer ‘als training’ lopen, want dat lukt mij gewoon niet. Ik blijf uiteraard wél gewoon de start-to-marathon-trainingen doen, maar een loopwedstrijd als training, die beker ga ik aan mij laten voorbijgaan. Laat mij die wedstrijdjes maar gewoon lopen, dan ben ik waarschijnlijk ook laatste, maar dan is het gevoel aan de finish wel duizend keer beter. Help! Ik mis mijn bubbel! 😉

fall down

 

Lest we forget

11 november. Wapenstilstand.

11 november. Een dag om meer dan even stil te staan bij het zinloze van de oorlog.

11 november. Om hen te gedenken die hun leven gaven opdat iemand als ik gewoon aan de tafel achter een computerscherm kan zitten schrijven wat ik wil.

11 november. Het is grijs, het waait, en het regent.

11 november. Ik ga lopen. 20 kilometer. En de volle 20 kilometer ga ik in mijn hoofd houden dat afzien relatief is. Dat dit niet eens afzien is, dat er mensen zijn die geleden hebben, opdat ik kan en mag lopen op zo’n herfstige zondagnamiddag. Misschien wel in de regen. Maar wel vrij.

11 november. Lest we forget.

In Flanders Fields

In Flanders fields the poppies blow
Between the crosses, row on row,
That mark our place; and in the sky
The larks, still bravely singing, fly
Scarce heard amid the guns below.
We are the Dead. Short days ago
We lived, felt dawn, saw sunset glow,
Loved, and were loved, and now we lie
In Flanders fields.
Take up our quarrel with the foe:
To you from failing hands we throw
The torch; be yours to hold it high.
If ye break faith with us who die
We shall not sleep, though poppies grow
In Flanders fields.

 

 

 

Perceptie is alles

Ik was zo eens aan het nadenken. Jaja, ik heb mijn momenten. Hoewel ja… nadenken, dat is eigenlijk ook wel lastig. Niets denken, dat is eigenlijk veel beter. Maar goed, ik was dus aan het nadenken.
Dat nadenken, dat kwam eigenlijk door iets wat ik op “De Slimste Mens” hoorde. Het ging over naar het werk fietsen. En wie er naar het werk fietst. En toen zei 1 van de kandidaten dat ze niet naar het werk fietst, omdat ze amper 1 kilometer kan fietsen, dat ze geen conditie heeft. En dat was efkes een eyeopener. Want die dame ziet er dus wel uit alsof ze alle dagen 10 kilometer loopt. Ofzoiets toch ongeveer. Vind ik dan toch hé. Dat ik dat dacht, dat komt omdat ik jarenlang, toen ik zo zwaar was – of toen ik stukken zwaarder was dan nu – altijd dacht dat alle slanke mensen altijd zo’n sportief leven hadden. In tegenstelling tot mezelf. In mijn ogen kon iedereen altijd veel meer dan ik. Veel meer als in: lopen-springen-vliegen-vallen-opstaan-en-weer-doorgaan. Dat dus.

Maar ik moest en ik zou, en kijk: ik kan dat nu: lopen-springen-fietsen-vallen (jeps, dat ook)- opstaan en weer doorgaan. Ik heb dat geleerd. Ik heb daaraan gewerkt. En ik heb daar hard voor gewerkt. Om te kunnen doen wat iedereen doet. Of tenminste, om te kunnen wat ik dacht wat iedereen kan. Want dan zegt er zo’n dame plots op TV dat ze geen conditie heeft.

Daar bovenop, toen ik daarstraks stond te praten met een collega, vroeg die collega mij hoeveel kilometer ik eigenlijk moet fietsen naar het werk. Ik vind dat dan altijd een beetje een gênant momentje, want ik moet eigenlijk helemaal niet zo ver fietsen, vind ik. Het standaard antwoord is dan ook altijd: “via de kortste weg 5 kilometer, maar ik neem de langere weg en die is er 8,5”. Ik vind het ook echt niet veel. Maar ik kreeg als antwoord “knap als je dat kan”. Hmz, beetje vreemd. Tuurlijk kan ik dat, 8,5 kilometer fietsen, da’s niet zo’n big deal.  Vorige week was er ook al een collega die zei “dat dat toch al wel een aardige afstand is”. Ja nu… kweenie. Amper 20 minuutjes rijden, beetje afhankelijk van mijn benen en de wind. Zoveel en zolang is dat allemaal niet. Vind ik nu. Toen ik niet eens tussen mijn zadel en mijn stuur paste, dacht ik daar eigenlijk wel totaal anders over.

Met dat lopen is dat ook zoiets. Ik loop nu dus 10 mijl (16 kilometer) zonder dat ik er specifiek voor moet trainen. Ik kan dat, en ik doe dat. In mijn ogen nog altijd omdat iedereen dat kan. Maar dinsdag zei iemand mij dat ik daarmee nu bij de minderheid behoor van mensen die dat kunnen. Alweer een minderheid, maar nu dus andersom.

Het is vermoed ik allemaal een beetje kwestie van perceptie, en ook kwestie van referentiegroepen. Toen ik veel te zwaar was, refereerde ik aan mensen die slank waren. Nu ben ik minder zwaar en kan ik een stukje lopen en fietsen, en nu refereer ik aan mensen die dat dan weer beter kunnen dan ik. Beter als in: ‘die lopen sneller dan ik, dus die lopen beter, en ik wil dat ook kunnen’. Terwijl… afgelopen zondag zijn een beetje de dekseltjes van mijn ogen gevallen. Het is niet evident, “zomaar” 16 kilometer kunnen hardlopen.
En ik, die zoveel moeite heeft gedaan om dit nu te kunnen, ik zou dat moeten weten. Maar ik was eigenlijk te druk met te denken dat iedereen dit kan. Dat het voor anderen wél gemakkelijk en simpel zou zijn. Ja doh! Echt niet dus Sandra!

Ik hoef eigenlijk helemaal niet te refereren aan anderen. Enkel aan mezelf. Want het traject wat ik afgelegd heb, dat mag er eigenlijk best wel zijn. Van veel te zware couch potato naar wie ik nu ben. Als ik refereer aan die persoon die ik toen was, dan kan ik echt wel zeggen dat dat dag en nacht verschil is. Mijn Garmin zei afgelopen week overigens ook het volgende: “U zit in de hoogste 30% voor uw leeftijd en geslacht.” Bon… op naar de 20% dan maar zeker?  😉

We don't see

In een bubbel…

Beetje vreemd dit. 10 mijl lopen, en in een soort van bubbel zitten de dagen erna. Ik heb nog nooit zo lang in een bubbel gezeten na het lopen. Even ja, tijdens het lopen, en na het douchen ook nog. Maar na twee keer slapen en al 2 hele dagen werken, denk ik nog steeds van: goh, wat was dat plezant zondag, wat was dat een fantastisch loopje.

Want echt, dat was het! Ik heb misschien in mijn vorige blog al een beetje lyrisch gedaan over de omgeving (jaja, understatement, ik weet het, maar ik meende echt elk woord), maar het loopje op zich ging ook echt wel supergoed. Ik voelde mij een beetje als een hinde die dartel de heuveltjes opliep. Geen idee waar dat gevoel vandaan komt overigens, want ik ben verre van een dartele hinde 😀 . Het liep gewoon gemakkelijk. Zelfs de heuveltjes gingen vrij vlot. Oh, hier  bergop? Allright, doen we toch wel even? En ook: damn zeg, 16 kilometer lopen, ik doe dat gewoon, ik moet er niet eens extra voor trainen.

Dus ja, die bubbel. Ik zit erin, en het lijkt er niet op dat ik er snel zal uitkomen. Ik vind de bubbel dan ook lichtjes fantastisch, dus ik blijf er met alle plezier nog eventjes in zitten. En zie, de fotootjes zijn er nu ook. Ik had al gezegd dat ik zou gaan spammen. Wel een beetje raar, zoveel foto’s van mezelf. Maar het gaat om de omgeving hé mensen. Zie eens, hoe mooi daarzo. Zie eens, wat een mooi loopke. Ooh echt… meer dan voor herhaling vatbaar. Er werd mij trouwens gevraagd waarom mijn loopje niet op Strava staat. Het staat er uiteraard wel op, want als het niet op Strava staat, is het niet gebeurd hé! Langs de andere kant: als het niet gebeurd is, dan mag ik nog eens terug. Heel dringend. Om het nog eens te doen. Ik zou het begot niet eens erg vinden!

Ik bedenk mij trouwens ook net: als ik ooit die Rursee-Marathon zelf zou lopen, dan moet ik daarna een week congé-olé-olé nemen, want dan gaat er met mij niets aan te vangen zijn die week erna 😀 Nu ook misschien niet, maar daar heb ik zelf verder geen last van. 😉

Bon, en hier komen ze dan hé: de zie-mij-eens-mega-genieten-van-mijn-16-kilometer-fotootjes!

 

 

Rursee 10 miles

En dan was het plots nog eens tijd voor een leuk loopje. Nu ja, plots, niet zo heel plots. Het stond al enkele weken in mijn agenda, met stip aangekruist nog wel. Want ik had al zoveel mooie dingen gehoord over de omgeving, en ook over het tijdstip waarop gelopen werd, middenin de herfst. Dus ja: een mooi loopje in een mooie omgeving, wat meer kon in wensen?

Niets. Want dat loopje van vandaag, dat steeg mijlenver boven mijn verwachtingen uit. OK, het begin was wat in mineur, want het was stervenskoud, daar aan de Rursee in Simmerath. Nochtans had de weersvoorspelling een mooie 13° gegeven. En daar kleed je je dan naar, uiteraard. Driekwart broek, dun shirt met lange mouwen, singlet. Dat zou wel volstaan. Gelukkig was het toen we thuis vertrokken ook al ijskoud, en had ik in een helder moment nog een looptrui meegenomen. En een multifunctionele hoofdband. Hoera hiervoor, want die dingen maakten dat ik toch niet doodvroor.

2018-11-04 10.33.49.jpgEnfin bon, na de obligate voor-de-start-selfie ging de marathon van start. Even supporteren voor Michaël, en dan terug op naar de tent om terug op te warmen alvorens mijn eigen 10 mijl van start zouden gaan. Ik was overigens zinnens er een ontspannen loopje van te maken. Geen ‘ik ga de laatste zijn’-stress, geen ‘ze moeten op mij wachten aan de finish omdat ik zo traag loop’-stress. Niets van dat alles. Ik wist sowieso dat er nog een pak marathonners na mij zouden aankomen, en dat het dus niet uitmaakte hoe lang ik over mijn 16 kilometer zou doen.

Ik had al van bij de start gezien dat de omgeving supermooi was. Dat het nog mooier zou worden onderweg, dat had ik niet durven dromen. En toch… ik heb zo genoten! Genoten van prachtige vergezichten, van ongelooflijk mooie herfstlandschappen. Genoten van het feit dat ik daar gewoon aan het lopen was, dat ik dat kan. Genoten ook van het feit dat ik zelfs na een zware helling bergop, eens boven gewoon weer terug in loopmodus kan gaan. Genoten omdat ik toch tot meer in staat ben dan ik eigenlijk dacht. 2u30 was mijn doel, gezien de hoogteverschillen ook, maar ik ging over de streep in 2u09 minuten! Mét een brede smile! En een nieuw PR op de 10 mijl. En dat allemaal in modus relax, ik loop hier gewoon 10 mijl! Nee zeker!

 

Genoten ook van die aankomst an sich. Zo leuk, dat laatste minirondje, waar ze ook nog even je naam afroepen. En geweldig, die landgenoten die je dan ook nog even luid aanmoedigen, zelfs al kennen ze je niet. En en en… kers op de taart: een medaille! Ooo yeskes! Het klinkt onnozel, maar ik ben zo blij als een kind met dat onnozel stukske metaal!

Aja, en nog iets: ik was eigenlijk al verliefd, maar misschien ben ik het nu nog meer. Want man man man… echt waar zooooooooooooo mooi daarzo! Ik blijf het maar herhalen ja, maar het is dus ook écht zo hé! Dit moet echt met voorsprong het mooiste loopje zijn dat ik in mijn korte loopcarriére al gelopen heb.
Voor loopjes als deze wil ik gerust nog weleens vroeg uit mijn bed komen. En kou lijden. Echt waar. It was a bjoetifoel deei!

Oh, en gezien ik nu ook gezien heb waar de marathon passeert (nog meer mooie plekjes, inderdaad), heb ik nu toch maar beslist van iets op die bucket-list-die-ik-niet-had-maar-nu-dus-wel te zetten: ooit loop ik de Rursee-Marathon! ’t Zal nog niet zijn zeker!

 

PS: ik weet wel dat PS’en eigenlijk niet gelezen worden, dat PS’en blijkbaar gewoon carrément genegeerd worden. En toch moet er nog efkes een PS bij. Want vandaag zijn er dus net geen duuzend foto’s genomen langs het parcours. Alleen kon ik niet wachten met enthousiast te zijn over mijn loopje van vandaag. Zei ik al dat het daar zo mooi is? 😉 Dus bon ja… als die foto’s die daar genomen zijn een beetje leuk zijn, dan volgt er uiteraard nog spam met loopfoto’s aan de Rursee. Zeg niet dat ik u niet verwittigd heb! 🙂

 

 

 

Bis en tris nog aan toe…

Ik ben zo nogal van de herhalingen. Soms bijt mij iets, en dan laat het mij niet meer los. Dan wil ik ook niet dat dat loslaat. Soort van wisselwerking dus. Het overkomt mij meermaals met muziek. Uiteraard. Waar zou het anders over gaan? Zo van die liedjes die je binnenstebuiten keren, dan weer even verdwijnen, maar telkens weer keihard terugkomen en datzelfde weer eens opnieuw doen.  Terwijl je heus wel weet wat ze doen, trap je er toch telkens weer in en ga je toch nog maar eens luisteren. And again, and again and again and again… (lost in a Forest, inderdaad ja, dat idee) Samen met hardlopen of een keer goed doorstampen op de fiets op het grootste mes, is en blijft muziek de beste therapie. Gezien ik morgen pas weer ga lopen, blijft het vandaag bij muziek. En als ik geen tegenwind heb ook bij dat doortrappen. En doortrappen, dat ook, inderdaad, maar daar heb ik geen fiets voor nodig.  Want soms zijn de dingen ook maar gewoon wat ze zijn. En soms moet je je daar ook gewoon een gedachte van maken. Al is dat soms ook moeilijker gezegd dan gedaan.
Bon… het klinkt allemaal wat zwaarder dan het allemaal is. Uiteindelijk, the only way is up! Toch? Alleen past dat liedje nét niet in mijn muziekkraam van vandaag. Emo it is, emo it stays. Neen zeker! 😉
Enfin, lang verhaal kort: hieronder en hierboven toch wat klikbare linkjes. Niets nieuw onder de herfstige zon. Still got the blues…

En voeg daar ook nog maar een Forevermore aan toe…. of een Unthought Known…

Want dit is eigenlijk exact wat ik vorige week op een mooie herfstavond gedaan heb.

Feel the air up above
Oh, pool of blue sky
Fill the air up with love
All black with starlight