Auteursarchief: Sandra

Over Sandra

Wie ben ik, wat doe ik, en waarom? Het zijn vragen die ook mij bezighouden. In het kort: Muziekgek. Leesjunk. Open boek. Wysiwyg. Of eigenlijk: what you read is what you get. ;)

Angels

Er zijn zo van die liedjes die je bij je nekvel pakken, en je nooit meer loslaten. Kippenvel, al van bij de begintune. Dit is er zo eentje. Ogen dicht en genieten. Zo breekbaar, zo mooi… en ja, misschien wat cheesy, maar iedereen heeft zo af en toe weleens van die cheesy-momentjes, is het niet?

Light reflects from your shadow
It is more than I thought could exist
You move through the room
Like breathing was easy
If someone believed me

They would be
As in love with you as I am
They would be
As in love with you as I am
They would be
As in love with you as I am
They would be
In love, love, love

And everyday
I’m learning about you
The things that no one else sees
And the end comes too soon
Like dreaming of angels

And leaving without them
And leaving without them

Being
As in love with you as I am
Being
As in love with you as I am
Being
As in love with you as I am
Being
As in love, love, love
Love, love, love
Love, love, love

And with words unspoken
A silent devotion
I know you know what I mean
And the end is unknown
But I think I’m ready
As long as you’re with me

Being
As in love with you as I am
Being
As in love with you as I am
Being
As in love with you as I am
Being
As in love, love, love

Hanging by a moment

Verdorie! En dan is plots die vakantie alweer om, en rest niets anders dan de herinneringen om op terug te kijken… Mooie herinneringen, dat wel. Neemt niet weg dat ik me toch altijd afvraag waarom de tijd zo vliegt als het leuk is.

Raar gegeven is dat toch. Want de tijd is de tijd. Een dag duurt 24 uur, een uur duurt 60 minuten, en een minuut duurt 60 seconden. Zo raar dat je dat dan soms anders percipieert. Soms tergend traag, soms flitsend snel. Die vakantie, die was dus in een flits voorbij. Terwijl de tweede helft van deze week voorbij lijkt te kruipen. Ik ben weer aan het werk, dus ja… dat betekent ook weer vroeger opstaan, en proberen op tijd naar bed te gaan. Proberen. Want ’s avonds vliegt de tijd dan plots weer wel, en is het in no time weer middernacht. Ik zei het al… tijd, het is en blijft een raar gegeven.

In ieder geval, ik ben net nog eens door de fotootjes van de afgelopen vakantie gegaan. En het zijn fotootjes waar ik oprecht blij van wordt. Want die tijd, die tikt dan wel door – snel, traag, of gematigd – er zijn blijkbaar toch genoeg momenten waarop de tijd even stil is blijven staan. I’m hanging by a moment…

 

Muziek verzacht de zeden

De radio staat aan. En irriteert mij nogal. Neiked (what’s in a name?) gilt van Sexual. Ik vraag mij af of überhaupt iemand zich daar “sexual” van gaat voelen, van dat gegil. Ik hoorde daarstraks ook al Beyoncé, “we run the world”. Ik run dan liever toch elders. Rihanna broebelde daarnet ook al iets van “wahwahwah”. Wah?

Het zal wel aan mij liggen, maar ik versta daar dus de ballen van. Ik word hier echt niet warm van, ik word er eigenlijk eerder koud van. En lastig. Het werkt op mijn zenuwen. Probleem is dat dat dan van de ganse dag niet overgaat, en ik mij op de duur dan aan alles ga ergeren. Hoezo, muziek verzacht de zeden?

Ik vind dat trouwens een raar spreekwoord, “muziek verzacht de zeden”. Die zeden, wat zijn dat? Wat is dat? Waar staat dat voor?
Vandale zegt:
ze·de (dev(m)meervoud: zedenlandsgewoonte, gebruik, manierzeden en gewoonten (in het meervoud) heersende opvatting over wat je wel en niet hoort te doen, m.n. op seksueel gebied.

Duuuhuuss… als ik het goed begrijp, dan verzacht muziek alles wat je wel en niet hoort te doen op seksueel gebied? Brengt mij terug bij die Sexual. Ha! Ik zie mij daar nog niet zo snel, en traag ook niet, iets op doen op seksueel gebied. Iew zeg!

Ik heb het uiteraard ook even aan mijn bijna-beste-vriend Google gevraagd. Die gaf mij een hoop antwoorden, maar nergens een antwoord waar ik iets aan heb. Pff.. sommige vrienden, daar heb je ook gewoon niks aan!

Intussen hoor ik dit op de radio, in een live-versie, en heb ik kiekenboebelen:
Have you ever been alone at night
Thought you heard footsteps behind
And turned around and no one’s there?
And as you quicken up your pace
You find it hard to look again
Because you’re sure there’s
Someone there

Want jaaaa, dit doet wél iets met mij! Vooral ook omdat ik de groep in kwestie al live zag. Zulke dingen helpen natuurlijk ook. En ook, meestal ga ik – de paar uitzonderingen bevestigen de regel – niet naar concerten van groepen of zanger-s-essen die ik niet graag hoor. Ik heb het inderdaad wel gedaan, om anderen plezier te doen. Maarreh… ik vrees dat zowel die anderen als ikzelf daar weinig plezier aan gehad hebben, want als het mij niet bevalt, dan is dat ook aan mij te zien peinsek. Dus neen… dat doen we toch maar niet meer.

De radio heeft zich trouwens herpakt. Rammstein, Ich will. Aja, Tuurlijk will ich. Ofzoiets. 😀
Ich will dass ihr mir vertraut
Ich will dass ihr mir glaubt
Ich will eure Blicke spuren
Ich will jeden Herzschlag kontrollieren

Enfin, intussen denk ik dat het wijs is van de radio maar gewoon uit te zetten. En zelf mijn muziek te kiezen. Er staan op mijn iPod nog wat dingen die ik nog moet beluisteren wegens net gekregen. Toeval wil dat 1 van de groepen die ik dringend moet beluisteren vandaag volgende video op de smoelenboek zette. Hoewel… toeval? Dat bestaat niet! Toch?

Met vier naar Lier

“Schrijf daar maar eens een stukje over”, aldus een Fietsmadam. En eigenlijk, waarom ook niet? Want die Fietsmadam, die had zichzelf toch wel overtroffen vandaag, in wat volgens haar haar snelste rit ooit is.

We waren maar met 4 – het is vakantieperiode voor iets – en we reden een route die we wel meer rijden. Nu, ’t is te zeggen… ik zou de route moeten kennen, maar feit is dat ik eigenlijk niet zo geweldig ben in het onthouden van die fietsroutes. Als ik alleen rijd, kies ik dan ook op veilig: richting kanaal, en dan naast het kanaal naar Leuven, en weer terug. Oftewel langs de Zenne- en Rupeldijk richting Willebroek, en – inderdaad – van daaruit ook weer dezelfde weg terug. Ik ben daarom ook altijd content dat andere Madammen wél leuke routes uitzoeken om te rijden. Zo kom ik ook nog eens ergens. 🙂

Deze route, die gaat via de Zenne naar de Nete en dan zo door naar Lier. Lier, de stad van de Zimmertoren. Ik was er deze week al vlakbij geweest, zo wou iemand mij toch doen geloven, maar zo goedgelovig ben ik dan ook weer niet.

Lier dus. Met vier. Er waren maar 2 mogelijkheden: of ik reed achteraan, of ik trok (mee) de kop. Feit is: ik had goede benen. Kwestie van het goede paar te kiezen ’s ochtends natuurlijk. Dat, en ik heb natuurlijk ook nog maar net een goede hoogtestage achter de rug. Dus die goede benen, die draaiden nogal goed op mijn fiets. Aan de kop, want goed ja, ik kan dat eigenlijk wel. Ik ben wel erg slecht in tempo houden, dus ik ga meestal veel te snel.  En ja, dan moet de rest mee in dat tempo. ’t Is te zeggen, ze moeten niet mee, maar ze gingen wel mee. Ik heb een paar keer gevraagd of het niet wat trager moest, maar neen, dat moest niet. Knap. Rijden op karakter, totaal uit de comfortzone.

Mijn enige probleem is eigenlijk dat mijn voet, de rechter meestal, gaat ‘slapen’ als ik te lang ingeklikt zit. Ik heb voorlopig geen idee wat ik daaraan kan doen, behalve dan af en toe stoppen om hem even uit te klikken. Het is namelijk de voet die altijd ingeklikt blijft, want ik klik links uit aan oversteekplaatsen enzo.

Maar bon, die comfortzone, daar gingen we dus los door. Het tempo bleef losjes rond de 27 à 28km/u hangen, en ik heb uiteraard ook nog even geprobeerd of het nog hoger kon. En ja, dat kon nog, maar daarna waren de benen wel choco. Ook de mijne ja, aan 33km/u. Blijkbaar dachten sommige Fietsmadammen eerder ook dat ik een soort van motortje in mijn frame zitten had, omdat dat fietsen zo “gemakkelijk” lijkt bij mij. Ha! Fijn dat zij vinden dat het zo gemakkelijk lijkt, ikzelf voel het toch ook wel. Zeker na het kopwerk tegen de wind in, dat laat zich toch wel flink in de benen voelen. Dat, plus dat de rit van vrijdag natuurlijk ook nog in de benen zat.

Evengoed: net geen 65km totaal aan een gemiddelde van 24,5km/u! Superknap gereden van ons vind ik dat. Het drankje na de rit was dan ook weer geweldig verdiend. Dat is als je geld mee hebt natuurlijk, om dat drankje te betalen. Ik wist vanochtend toen ik de deur dicht trok dat ik toch iets vergeten was, maar ik kwam er zo 1-2-3 niet op. Dat probleem werd netjes opgelost, want de dames betaalden mijn drankje voor het geleverde kopwerk. Ik ga daar nog mee meerijden, met die Madammen!

De kaderkat

Zo. De Ottonenlauf is achter de rug, de looptrainingsschema’s mogen weer even de kast in, tijd voor die andere hobby. Fietsen. Ik heb dat fietsen wat verwaarloosd de afgelopen maanden, ik geef dat grif toe. Ik heb zelfs mijn fiets wat verwaarloosd, het slijk van een rit van een paar maanden terug hangt er nog altijd aan.

Ik was eigenlijk zinnens om deze week nog wat te bekomen van alle sportieve inspanningen van de afgelopen week, en dan weer de fiets op te stappen. Kwestie van ook alle Fietsmadammen de kans te geven terug uit vakantie te komen, enzo. En ook kwestie van mijn spieren wat rust te gunnen. Want ik heb het even uitgeteld, wat ik zo op een week tijd gedaan heb. Wandelen (en over de rotsen klauteren) en lopen samen kom ik toch algauw op ongeveer 90 kilometer totaal.

DSC02709.JPG

Negentig zeg! Ik! Halloooowwww! Geen wonder dat mijn spieren wat rust kunnen gebruiken, dacht ik zo. Dat denken, ik moet dat niet meer doen. Want toen een vriend vroeg om vandaag te gaan fietsen, zei ik zomaar onnadenkend gewoon “ja”.

Vanochtend om 9u30, fietsen dus. Ik zag het zitten. Dat was tot we ongeveer 10 kilometer gereden hadden en mijn ketting ging ratelen. Oepsie. Uitklikken (ha!) en stoppen dus maar. Na een kort nazicht bleek er niets aan de hand, en kreeg ik als tip dat ik niet zo laag moet schakelen. Dat lager rijden wel eleganter is, maar dat ik met al die kracht in mijn benen dat eigenlijk niet nodig heb. Ja goed, zo kan je het ook omschrijven dus. Door dus, maar dan niet-elegant!

rechtslinksDat klikken is en blijft anders wel een dingetje. Ik vergeet nu niet meer dat ik aan mijn fiets vasthang, maar ik klik mij toch graag ruim op tijd uit. Wat lastig is, als je met iemand meerijdt die last-minute beslist hoe we gaan rijden. “Hier naar rechts”, waarna hij links inrijdt. Iewww! De stress!

 

En toen moest de kaderkat nog komen! De kaderkat ja! Zo’n gevlekte tijger die plots uit de haag naast mijn fiets sprong, en die denk ik door het kader van mijn fiets gesprongen is. Het kan bijna niet anders. Een soort van tover-kaderkat dus. Die kat en ik, wij konden elkaar eigenlijk niet meer ontwijken, en toch heb ik ze niet geraakt. En zij mij niet. Een gelukje, anders had mijn fietspartner mij van de betondallen mogen schrapen. Zoiets.

Die betondallen trouwens op die fietspaden, dat is toch ook wat. Maar ik ga dit keer niet zagen over de slechte fietspaden. Of toch, misschien nog over dat ene scheve fietspad. Als het wat regent schuif je daar zo naar beneden. Gelukkig regende het niet. Alweer een gelukje! Zoveel gelukjes dit keer zeg. Er was ook nog het gelukje van de fietspartner die wél een lekkere koek voor onderweg bij had (en die ook wou delen) in plaats van die droge rommel die ik zelf mee had? Wawasdazeg, nooit meer!

4578b7a09c4a91c76599eb98b6a64ab5Enfin, we hebben een stuk van de Dodentocht gereden, het was ook al pokkedruk in Bornem. We hebben ook een wijk “ontdekt” (inderdaad, “kom, we rijden hier rechts in 😀 “) waar alle straten vogelnamen hebben, en waar een raar huis staat dat bestaat uit een schoorsteen met wat bakstenen rond, we hebben ook Temse zien liggen, en de brug. Hulst zal voor een andere keer zijn, want er moest vandaag ook nog in de tuin gewerkt worden.

Maar zo’n rit, dat brengt dus wel wat op. Ik kan blijkbaar ook meer dan ik dacht. Alweer. Want ik had nooit gedacht dat ik 75 kilometer aan gemiddeld 25km/u kon rijden. Mijn benen laten zich nu wel voelen, maar dat mag ook vermoed ik. In ieder geval: ik denk dat ik nog wat reserve heb, alles kan nog altijd beter. En dat is wel een heel fijn gevoel. Weer een gelukje. Soms kan het gewoon niet op!

Ik liep een halve marathon!

Streckenprofil Ottonenlauf.JPG

Dit dus. Vanaf Meisdorf. 26 kilometer. Ik! Ik heb dit gedaan, ik heb dat gelopen! Ik besef het eigenlijk nog altijd zelf niet zo goed, maar ik heb dus écht een hele halve marathon gelopen!

Het aanloopverhaal is gekend, dat staat hier in het lang en het breed op de blog. Uiteindelijk besliste ik van mijn hoofd niet meer verder zot te laten maken, en er gewoon voor te gaan. Zelfs nadat plan A, het rustig aan doen met mijn vaste loopmaatje in het water viel nadat mijn loopmaatje geblesseerd geraakte. Plan B  was mee te wandelen met onze wandelaars, maar ik was niet als wandelaar ingeschreven (met dank aan de mannen die mij daar ook even op wezen 😉 ). Ik zou er ook spijt van gekregen hebben, mocht ik de afstand gewandeld hebben. Plan W, dat was wel het goede plan. Plan W van plan Wijn. Een plan dat eigenlijk heel simpel was: elkeen van de club die voor mij finishte, moest mij een glaasje wijn betalen ’s avonds. Aha! Win-win, vooral voor mij dus! Gedaan met de stress, gedaan met het mezelf de gordijnen in te laten jagen. En ’s avonds wachtte mij een goedkope avond, meer dan 1 avond zelfs. Want als ik het goed geteld had, dan zouden er zeker 7 personen voor mij aan de aankomst komen. De 8e persoon was wat twijfelachtig, want die zat op de langere afstand. In theorie kon het, want ik had mijn doel op 4u gezet. Gezien hij ongeveer 3u45 (apeupres) op de marathon doet, zou het wel kunnen.

Bon, uiteindelijk was de dag en het uur daar, en werd de start gegeven. Het is te zeggen, het startschot ging eigenlijk pas af toen we al een paar honderd meter verder waren, maar dat is een detail. Ik wist dat het parcours gelijk omhoog zou gaan, en dat deed het ook. Pff. Waar was ik aan begonnen? En dat tempo! Ik besloot van het toch verstandig te doen, en niet mee te gaan met de rest. Rustig aan dus, zelfs al ging een snel-wandelaarster (hallo! dat tempo!) mij voorbij. Wat verder ging het bergaf, en hupste ik haar weer voorbij. Geen idee of ze daar blij mee was, erg vriendelijk was ze niet.

De 2 mannen “wandelaars” van de club werkten met een schema. 5 minuten wandelen, 5 minuten lopen, behalve als ik nog niet zou gepasseerd zijn, dan zouden ze 10 minuten wandelen. Dus die mannen en ik, wij pingpongden een beetje. Bergop liepen ze mij voorbij en zei ik elke keer ‘tsjing tsjing’, en bergaf liep ik hen weer voorbij en ging de wijnteller weer op nul. 😀

Ik was ook blij dat ze nooit echt ver weg waren. Ook omdat onderweg een ‘halfnaakte oudere’ man beslist had om zich een beetje over mij te ontfermen. Eerst kwam hij een praatje maken, hij kwam ook alsmaar zeggen dat ik een mooi gelijkmatig tempo liep, en dat ik goed bezig was. Op zich niet erg, maar op een gegeven moment vroeg hij blijkbaar ook aan 1 van mijn clubgenoten of ik zijn vrouw was. Toen hij daar negatief op antwoordde, kwam hij als een speer weer mijn richting uit. Dat had ik nu nodig. Not!

De redding kwam iets verder. 1 van de 2 “wandelaars” liet het wandelschema voor wat het was, en kon de roep van het bergop-lopen niet weerstaan. De andere “wandelaar” wachtte mij op, en liep met mij mee verder. De ‘halfnaakte’ Duitser deed eerst nog een poging om mee te lopen, want hij wou ook heel graag Nederlands leren.

Enfin, lang verhaal kort: na de “drank en eten”-bevoorrading (‘hé kijk, ze hebben hier ook bokes met choco’) geraakten we hem toch kwijt. Idem voor de wandelaarster die ons bergop weer bijgehaald had. We liepen haar voorbij, en we zouden haar niet meer zien.

Nu goed… ik laat het allemaal gemakkelijker klinken dan het was. Bergop was ook wel echt bergop, en dat was best zwaar. Bergaf daarentegen, dat was wel leuk. Of zoals mijn looppartner zei: het tour de France-gevoel al lopend. We zagen vooraf waar we moesten opletten om niet uit de bocht te gaan, het tempo was meer dan ok, het liep vlotjes. De bergop die we op kilometer 10 verwacht hadden, die kwam iets later, maar was wel de moeite. Het bergaf-gevoel richting aankomst liet wel op zich wachten.

De inzinking die ik verwacht had, omdat ik niet meer dan aan 17 kilometer geraakt was qua training, die kwam er niet echt. Kilometer 17 was wel het punt waarop ik even aanhaalde dat ik nog nooit verder dan dat gelopen had, maar mijn looppartner vond dat geen reden om te stoppen. Niet dat ik dat zinnens was overigens. Dus we liepen verder. En verder. Op kilometer 20 begon ik wel mijn benen te voelen, maar verder… het liep, en het liep, en het liep. Dus bleven we lopen. Mijn loopmaatje had vooraf gezegd dat ze mij tegemoet zou komen om de laatste 5 kilometer mee te lopen, maar we zaten al op kilometer 3 van de aankomst toen we haar zagen. Ze was verrast ons daar al te zien. 🙂 Het laatste stuk was dan nog het lastigste. Een lang saai stuk langs een fietspad, maar wél met 2 bevoorradingen op 3 kilometer. Stoppen was absoluut geen optie meer, en uiteindelijk kwam de atletiekpiste in zicht! Ik had het gehaald, ik had het gedaan! Op een veel betere tijd nog dan ik zelf gedacht had. 3u17 minuten! Astemblieft! Dit had ik zelfs in mijn stoutste dromen niet durven dromen!

Ik ben blij, ik ben trots, ik ben vanalles tegelijk. Het doet toch wel iets met een mens, zoiets. 🙂 Miljaar zeg! Een halve marathon! Ik! Wie had dat ooit kunnen denken!

 

 

 

Illusion

I know it’s hard to tell how mixed up you feel
Hoping what you need is behind every door
Each time you get hurt, I don’t want you to change
Because everyone has hopes, you’re human after all
The feeling sometimes, wishing you were someone else
Feeling as though you never belong
This feeling is not sadness, this feeling is not joy
I truly understand. Please, don’t cry now

Please don’t go, I want you to stay
I’m begging you please, please don’t leave here
I don’t want you to hate;
For all the hurt that you feel,
The world is just illusion, trying to change you

Being like you are
Well this is something else, who would comprehend?
But some that do, lay claim
Divine purpose blesses them
That’s not what I believe, and it doesn’t matter anyway
A part of your soul ties you to the next world
Or maybe to the last, but I’m still not sure
But what I do know, is to us the world is different
As we are to the world but I guess you would know that

Please don’t go, I want you to stay
I’m begging you please, please don’t leave here
I don’t want you to hate for all the hurt that you feel
The world is just illusion trying to change you
Please don’t go, I want you to stay
I’m begging you please, oh please don’t leave here
I don’t want you to change;
For all the hurt that you feel,
This world is just illusion, always trying to change you

Please don’t go, I want you to stay
I’m begging you please, please don’t leave here
I don’t want you to hate for all the hurt that you feel
The world is just illusion trying to change you
Please don’t go, I want you to stay
I’m begging you please, oh please don’t leave here
I don’t want you to change;
For all the hurt that you feel,
This world is just illusion, always trying to change you