Categorie archief: Afvallen

En dat afvallen?

Ah ja, ik was weer gestart met het letten op mijn eten want ik wil zo graag kilootjes kwijt en zo vanal hé!

Awel ja, ik ben daar nog altijd mee bezig, of wat had je anders gedacht? Nog niets spectaculairs, dus ik heb eigenlijk niets te melden, behalve dan dat ik iets aan het uittesten ben. En neeneen, geen hocuspocus of andere rare pilletjes, daar doe ik niet aan mee.

Gewoon, iets anders. Met normaal eten. Dus ook geen shakes of van die dingen. Ook geen spierversterkende toestanden. Niks daarvan!

Maar zoals ik al zei: ik ben ermee bezig. Ik ben het aan het leren zeg maar. En uiteraard: I’ll be back, van zodra ik een – hopelijk mooie – update heb. Ha, als dat geen cliffhanger van formaat is, dan weet ik het ook niet meer zulle! 😉

Op naar de jurk!

Bon, iets anders. Want over lopen kan ik het niet hebben, want lopen lukt voorlopig niet.

Ik mis het nochtans. Ik mis de beweging, ik mis het “in de flow” zitten, dat moment waarop je ademhaling helemaal onder controle is, en je gewoon loopt. En ik mis ook het volledig bezweet thuis komen om dan onder de douche te gaan staan. Nu de dagen weer lengen is het ook gemakkelijker om ’s avonds na het werk weer te gaan lopen. Want eerlijk, zo in het donker nog alleen op pad, heel aantrekkelijk is het niet. En gezien ik ook altijd alleen loop, is er ook niemand die mij uit die zetel trekt om te zeggen ‘komaan, gaan, afspraak is afspraak’.

Maar toch… ik mis het dus. Helaas. Ik heb donderdag 6 kilometer gelopen, en sinds vrijdag is de pijn in de rug weer wat erger. Wachten dus maar weer. Afwachten tot het helemaal over is, want het heeft anders blijkbaar toch geen zin. Blegh.
En fietsen is momenteel al helemaal Disney on Ice, daar waag ik mij maar niet aan.

Om maar te zeggen: ik kan het dus niet over lopen hebben. Maar als ik niet kan lopen, en bijgevolg ook niet veel rekening hoef te houden met mijn energie-inname, dan kan ik misschien wel nog eens iets aan mijn gewicht doen. Want bon ja, eerlijk? Het is niet meer wat het geweest is. Gelukkig is het niet meer wat het geweest is, maar het is ook niet meer wat het geweest is. Snapje? Het is gelukkig inderdaad nog niet zo erg dan het ooit geweest is, maar als ik nu niet ga opletten dan zit ik in no-time natuurlijk weer dik boven de 3 cijfers. En die dik… jaaaaahaa, pun intended, inderdeedekes!

Maandag besliste ik dus om al eens wat meer op te letten. Opletten, dus niets te strikt. Gewoon, terug yoghurt als ontbijt. En een boterhammetje minder ’s middags. Of een slaatje. En jaaaaahaaaaa, er is een wafeltje binnengesmikkeld. En een stuk cake. Of 2. En een Lea denk ik. En oh ja, speculaas, maar die heb ik ipv havermout over mijn yoghurt verkruimeld. En omdat ik hoognodig meer moet drinken – 1 glas chocomelk (na het fietsen naar het werk 🙂 ), 2 mokken koffie en een blik cola zero per dag is inderdaad niet genoeg – probeer ik nu ook mondjesmaat meer water te drinken. Of thee. Al levert dat dan ’s nachts wel alle 2u een “ik moet hoognodig plassen maar het is zo koud”-probleem op. Afgelopen nacht was dat. En dat is er dan ook weer over eigenlijk.

Maar het brengt wel op. Of af. -2kg op 5 dagen, enkel en alleen met wat op te letten. En nee, dat is heus niet te snel, want de eerste kilo’s zijn altijd snelle kilo’s, volgende week zal het een pak minder zijn. Ik had er ook over gedacht om terug hulp in te schakelen in de vorm van een diëtiste, meer zelfs: ik had al halvelings een mail getypt naar iemand. Maar ik ga het toch nog eens zelf zo proberen. Op mijne alleen, want ik ben nu toch ook gewend om zowat alles alleen te doen. Me, myself & I, wij zijn een goed team!

Het doel is in ieder geval terug beter in dat ene jurkje passen. Ja, dat leuke zomerjurkje, of wat had je anders gedacht? Meer hoeft niet. Ik ben nogal rap content. En ja, zo oppervlakkig ben ik soms toch ook wel. 😉

Maar nu… muts op, jas aan, hoog tijd dat ik ga wandelen, volk genoeg op de iPod om mij gezelschap te houden. 😉

Tienenveertig!

Het is gebeurd! Jawel! Er was dan ook geen ontsnappen aan, aan deze jaarlijks terugkerende gebeurtenis.

Toch was het dit jaar een beetje speciaal. 50 in 2020. Afgeronde getallen, altijd geweldig. Niet alleen bij het lopen, ook bij het verjaren. Overigens, bij het fietsen heb ik die rare obsessie niet om naar een rond getal te fietsen. Daar is het stop en klaar.
Maar daar ging het niet over. Sommige afwijkingen – waaronder dat afwijken dus – gaan er ook duidelijk met de leeftijd niet uit. 😉

Dus 50 in 2020. Of tienenveertig, zoals iemand op mijn tijdlijn kwam melden. Die houd ik er dus in, want het heeft wel iets. 🙂
En deze ook:

Maar het is inderdaad wel waar. Ik heb het altijd al lastig gehad met dat ouder worden. Want alles ging altijd slechter, en moeizamer, en bladadie bladada. Dat is tot ik ging sporten. Vanaf dan ging het eigenlijk letterlijk alleen maar “level up”. Jarig zijn werd leuker, want met elke verjaardag kon ik meer: verder lopen, verder fietsen, verder wandelen. En dat telkens met wat kilootjes minder. Sky and limit, zoiets.

Dus bon ja… het is een beetje zoals met goede wijn. Ik word beter met de jaren. Ik zeg het maar zelf. Ik zit in ieder geval een pak beter in mijn vel dan toen ik 40 werd. Wat ook niet zo verwonderlijk is, met al dat gewicht minder. Hadden ze mij 10 jaar geleden gezegd dat ik op mijn 50e verjaardag voor mijn plezier een rondje van 10 kilometer zou gaan joggen, ik zou heel hard gelachen hebben en inwendig heel hard gehuild. Want toen dacht ik nog niet eens dat dat lopen überhaupt zou mogelijk zijn voor mij. Dus ja… Spot the difference, tussen deze 2 foto’s zit exact 10 jaar. De eerste is genomen op het etentje voor mijn 40e verjaardag, de 2de een paar dagen geleden tijdens een wandeling. In het West-Vlaams zeggen ze “preus lik tfigtig”. Awel… dat dus hé! 🙂 (overigens stond er eerst fjirtig, maar met dank aan Kristof voor de West-Vlaamse vertaling is het nu correcter 😉 )

In ieder geval: een hele grote dankjewel aan iedereen die, ook al was het maar heel even, aan mij dacht op deze toch wel memorabele dag. Ik heb een huis dat geurt naar bloemen, ik kreeg echt een massa berichten via alle mogelijke wegen, en op het einde van de dag stonden er ook nog vrienden met champagne aan de deur. De dag is dan ook geheel coronaproof (uiteraard) afgesloten met een glaasje op het terras.

Deze oude doos heft bijgevolg het glas op jullie allemaal! *tsjing* ! En op naar de volgende! 😉

Personal Training

Heel lang geleden… neen, zo gaat dit sprookje niet, want dit is nog niet zo lang geleden. Enfin, diegenen die mijn verhaal zowat gevolgd hebben, die weten van waar ik kom en dat ik ooit ver in de 3 cijfers woog.

Met hulp van een personal coach – overigens niet zomaar een Personal Coach, maar wel eentje met een rugzak vol geduld, merci Kristel – WW en wat eigen expertise slaagde ik erin om ongeveer 40 kilo af te vallen. Dit was ook de basis waarop alles wat ik doe nu gefundeerd is. Lopen? Zonder PT was dit nooit mogelijk geweest. Fietsen? Idem en dito. Want zonder die gerichte oefeningen, en zonder het mentale gedeelte – komaan, nog even, je kan dit best – had ik nooit kunnen doen wat ik vandaag allemaal doe, en had ik nooit ontdekt dat ik best wel wat doorzettingsvermogen heb.

Die personal coach, die mij al die dingen leerde dus, die neemt zo af en toe eens wat fotootjes op de groepssessies. Want ik doe dan wel geen personal training meer, de groepssessies probeer ik nog altijd wel zoveel mogelijk mee te doen. Ik voel dat dat mijn bijna 50-jarige lijf (autch, het is dus bijna zover hé!) deugd doet, al is het op het moment zelf wel altijd afzien. En zweten. Dat je zo hard kan zweten door eenzelfde houding aan te houden, ik blijf dat ongelooflijk vinden.

Maar terug naar die fotootjes, want daar ging het mij om. En ook, spot the difference. Een fotootje van 2013, en eentje van afgelopen zomer. Ik dacht eerst eigenlijk dat ik op die van 2020 niet opstond. Ik moet dat beeld van mezelf eigenlijk eens dringend bijstellen heb ik de indruk, nu ik dat zelf zo zie.

Enfin, om maar te zeggen: ik kan zo’n training iedereen aanraden. Want het werkt dus écht hé! Wie kan er mij spotten op de collages? 😉

Tiswa

Normaal gezien had ik vandaag de halve marathon van Gent gelopen. Beetje uitdaging kan nooit kwaad, toch? Want de afstand kan ik best aan, maar het tempo…

Ik had mij namelijk ingeschreven met de gedachte van: we starten samen met de marathonlopers, dan heb ik als trage loper ook zeker tijd genoeg om te finishen. Fout. En lees in het vervolg vooraf eerst eens de regels, Sandra, dat ook. Want daarin stond dat er voor de halve marathon een limiet was van 2u30. 2u30! Hallooookes! Dat is een kwartier sneller dan mijn absolute toptijd!

Stress dus, al weken voor de start. Steven, die sinds enige tijd mijn loopschemaatjes maakt, ging ervan uit dat dat moest lukken. Want er stond 7’30/kilometer, en met de wedstrijdstress erbij zou ik dat zeker wel halen. Ik zou ik niet zijn als ik aan het tellen ging. Want 7’30/kilometer, dat is 8km/u. En 8km/u, dat wil zeggen dat je op 2u30 nog ‘maar’ 20 kilometer gedaan hebt. Wat dus eigenlijk maakte dat ik 2u38 ongeveer tijd had om te finishen. Kijk, dat kwam al meer in de buurt van mijn verwachtingen.

Maar helaas… de corona-epidemie maakte dat het event niet doorging, en ik dus vandaag bijgevolg geen halve marathon in Gent gelopen heb. Ik had ook geen zin om dan maar alleen die 21,2 kilometer te gaan huppelen. Want we mogen dan wel buiten sporten, feit is dat als ik die halve marathon nu alleen loop, ik dat toch niet op wedstrijdtempo doe. Want er is geen wedstrijd. Er is geen volk. Er loopt niemand voor mij, noch achter mij.

Dus bon ja… blijft er niks anders dan gewoon ervoor te zorgen dat ik fit en gezond blijf. Ik fiets elke dag ik thuiswerk een rondje voor ik mijn pjoetertje opstart (ik neem er gelijk maar mijn terugrit bij, dan hebben we dat in 1 keer gehad) en ik blijf lopen. Vanaf de komende werkweek heb ik wegens gedeeltelijk technisch werkloos ook wat meer tijd om er meermaals per week een functionele training bij te doen.

Fietsen, dat is een ander paar mouwen. Die kleine rondjes voor het werk dat lukt mij wel alleen, tot maximum 30 kilometer zeg maar, als ik dan plat val dan kan ik te voet naar huis terug. Grotere rondes durf ik op 1 of andere manier alleen niet aan. Platte banden stress, en nu al helemaal, met de social distancing. Want stel dat ik plat val… dat wiel eruit halen en een nieuwe band steken, dat zou ik moeten kunnen. Maar dan… die buitenband er terug op krijgen. Dat is en blijft dus een ramp. Evenals dat achterwiel terug in dat kader krijgen.
Intussen zie ik de mannen uit mijn fietsgroepje op Strava wel al langere tochten rijden. En dan vrees ik toch dat ik op het einde van dit coronacircus weer niet meekan met hen wegens niet genoeg getraind. Aaargh, gedoe! En ik was nog zo gemotiveerd om dat fietsen dit jaar serieus aan te pakken.

Enfin, 1 voordeel is er wel: ik heb wat meer tijd om in mijn clubtenue te krimpen. Want ik was die kleding vooraf gaan passen, maar ondanks het feit dat ik sindsdien geen gram bijgekomen ben (ook niet afgevallen helaas), zit het toch allemaal wat strakker dan in dat paskotje bij de fabricant. En om dan gelijk een rolmops op een fiets te gaan zitten in kleding waar ik amper ik kan (durf 😉 ) ademhalen… neuh, dat is het ook weer niet. Ik ben trouwens niet de enige die vind dat het strakker zit dan de paskleding. Om maar te zeggen: het ligt écht niet aan mij!

Heel lang geleden… ;)

Heel lang geleden, of zo lijkt het toch al is het nog maar 5 jaar, postte ik onderstaande op Facebook:

En miljaar zeg, wat een confrontatie toch weer met de persoon die ik was. Sindsdien is er al heel veel water naar de zee gestroomd, en zijn er al ettelijke stormen gepasseerd. Niettemin lukt het toch nog altijd min of meer om dat gewicht niet meer zo uit de hand te laten lopen als toen. Ik zou dan ook nooit of nooit meer terugwillen naar die tijd. Ik vind de Sandra van nu dan ook een veel leuker mens dan de Sandra van toen.

Neemt niet weg dat het nog altijd niet “gemakkelijk” is. Gemakkelijk in de zin van dat mijn gewicht helemaal onder controle is. Nope. Er mag nog altijd een kilootje of 20 af, intussen al een kilootje of 25. Want inderdaad ja, kilootjes erbij gaat nog altijd stukken makkelijker dan kilootjes eraf.

Aan het sporten zal het nochtans niet liggen. Ik fiets gemiddeld 3 dagen per week naar het werk, ik doe 2x/week een functionele training (en na die van gisteren wacht er morgen weer spierpijn – die oefening met die kettlebel op de bal, autch! 😉 ), en het lopen bouwt stilaan ook weer op naar meer. En daar bovenop staat ook het nieuwe fietsseizoen voor de deur.

Overigens, over dat sporten: ik ben blijkbaar een erg onaangenaam mens als ik eens een keertje niet mijn nodige dosis sport gedaan heb. Gisteren bijvoorbeeld, besliste ik verstandig wegens de stormwind om niet naar het werk te fietsen. En dat hebben mijn collega’s geweten. Ik ben de hele dag grumpy en lastig geweest.
Vanochtend meldde ik hen dan ook blij dat ik mij al een stuk beter voelde dan gisteren – wat ook effectief zo is, ik voel mij een stuk energieker – waarna ik de opmerking kreeg “dat het sporten mij gisterenavond goed gedaan had”. En toen viel mijn euro. Want inderdaad, ik heb dat tegenwoordig wel nodig, die portie beweging.

Dus ja, dat stuk gaat goed. Hoewel met wat kilootjes minder het nog stukken beter zou gaan. Dat weet ik, dat besef ik. Mijn winst zit in dat verliezen van gewicht. En toch lukt het mij momenteel niet om er ook maar 1 gram af te krijgen. Misschien toch maar eens de grooten truuk met de lintmeter doen, en gaan meten. En de weegschaal weggooien, zei iemand mij ook. Want met al dat gesport moet ik toch wel iets strakker worden, zelfs al is het een halve centimeter?

Enfin, verder hoor je mij niet klagen. Ik doe mijn ding, en ik ben momenteel erg gelukkig met wat dat ding is. En als ik dan deze foto zie, dan ben ik ook erg gelukkig met de Sandra die ik geworden ben. Ik had bijna gezegd: work in progress, maar och… alles kan altijd beter, maar soms moet een mens ook gewoon eens content zijn. Toch? 😉

Foto (c) Marc Fourmois

Goede voornemens

Goede voornemens, ze zijn er weer. Klassiek. Op dieet, gaan sporten. Dat gaat zelfs al zover dat vrouwenbladen artikels als dit gaan posten: “INSPIRATIE: 10 sportieve kapsels waardoor jij je goede voornemens sowieso volhoudt“. Voor mij eerder een reden om de handdoek in de ring te gooien, maar dit terzijde.

Ooit maakte ik ook ergens zo’n vaag voornemen, toen ik in de zetel hing en al moe werd bij de gedachte van tot pakembeet naar de bakker te moeten stappen. En toch zei “iets” mij dat ik zou willen gaan sporten. En och, dat joggen, als ik dat zou kunnen, dat kon ik dat doen wanneer ik tijd en goesting had. Ik zag mij al ronddartelen, op loopsloefkes. Hmz. De realiteit haalde mij in. Ik kon helemaal niet lopen in de lichaamsconditie waarin ik mij bevond.

En dat stuk, dat was ik even vergeten. Ik was even vergeten dat ik ook jaren aan een stuk goede voornemens gemaakt had waar totaal niets van in huis kwam. En toch lukte het op een gegeven moment wel. Geen idee waarom toen plots wel, want als ik daar de toverformule van had, dan was ik nu al welriekend rijk.

Neemt niet weg dat je mij niet moet komen vertellen dat je je goede voornemens niet kan waarmaken, dat je niet kan gaan sporten omwille van die en die en die reden. Want het is heel simpel eigenlijk: als ik het kon, dan kan iemand anders het zeker ook. Met een klein beetje doorzettingsvermogen en iets of wat koppigheid (‘volharding’ klinkt beter dan koppig zei iemand mij gisteren trouwens. Al ging dat dan weer niet over mij 😀 ) geraak je al een heel eind. In mijn geval al eens 33 kilometer ver. En komende vanwaar ik kwam, is dat een hele prestatie. Want het lijkt zo normaal allemaal tegenwoordig, dat ik doe wat ik doe. Dat ik met de fiets naar het werk rijd, dat ik wat looprondjes afwerk, en dat ik op zondag fietstochtjes maak van meer dan 60 kilometer. Tot afgelopen week mijn collega’s het over afvallen hadden aan tafel. En dat ik wel mooi afgevallen was, dat ik geen overschotten vel heb hangen. Ha, ze zouden mij eens zonder kleding moeten zien! 😉

Er is ook niemand die snapt hoe ik dat gedaan heb. Ikzelf tenandere ook niet eigenlijk. Ik vermoed dat op een gegeven moment de puzzelstukjes gewoon allemaal mooi in elkaar vielen. Dat de tijd er rijp voor was om die eerste stap te zetten, toen ik een stuk in de 3 cijfers woog. Want die eerste stap, die heb ik ook moeten zetten. De volgende stappen, die waren er ook niet van vandaag op morgen. Jammer genoeg niet. Hoewel… op zich is de reis naar een doel misschien wel mooier dan het behalen van een doel op zich. Want die eerste keer dat hele halfuur lopen (afgelopen december precies 5 jaar geleden) dat was mooi, maar veel mooier was eigenlijk de weg naar dat halfuur lopen. Besef ik achteraf. Al die trainingen die ik alleen afwerkte. Al die trainingen die ik opnieuw deed omdat het de vorige keer niet goed ging. Al die trainingen waar ik leerde wat doorzetten was, waar ik leerde wat afzien was, waar ik leerde dat het niet zomaar uit de lucht komt vallen. Al die trainingen waar ik uitkeek naar het behalen van dat ene doel. Al die trainingen waar ik naar dat doel toe werkte. Waarschijnlijk was dat de beste leerschool. Dat, en ik wou het natuurlijk ook zo graag.

En misschien is dat wel het beste advies dat ik kan geven: kies een haalbaar doel, en kies ook iets wat je heel graag wilt bereiken. Of dat nu wandelen, fietsen of lopen is. Of iets anders. Dat maakt niet uit. Het belangrijkste is dat je het graag doet. En graag doen, ook dat komt soms door het te doen. Want ik kan niet zeggen dat ik lopen in het begin leuk vond. Oew neen. Lopen was afzien, lopen was zo tegen mijn natuur in. Een natuur die zei: ga maar beter met een koek of iets anders in de zetel hangen. Maar zie… ook dergelijke patronen zijn te doorbreken. Het is soms gewoon kwestie van het doen.

Daarstraks bijvoorbeeld, had ik helemaal geen zin om te gaan lopen. Er was veel wind, ik had echt totaal geen zin, en de stap naar buiten was erg lastig. Maar eens ik buiten was, eens ik aan het lopen was, vond ik het weer fantastisch. Ik heb genoten. Genoten van de frisse wind op mijn gezicht, genoten van het feit dat ik aan het lopen was, genoten van het buiten zijn. De voldoening na het lopen was eens zo groot. Daarom, nog maar eens, ten overvloede, want ik ben er écht van overtuigd: als ik dat kan, dan kan jij dat zeker ook. Just do it. Het is echt niet zomaar een holle slogan. Ga ervoor! Maak die voornemens waar. Het is zo de moeite waard

En bij deze heb ik denk ik mezelf weer genoeg gemotiveerd. Want inderdaad ja, die theorie ken ik zelf op dit moment maar al te goed, in de praktijk echter, gaat het hier ook alweer een tijd niet zoals het zou moeten gaan. Of zoals ik wil dat het zou gaan, en ja, ik weet dat dat aan mezelf ligt. Maar ik heb een doel. Een nieuw doel. Want binnen enkele maanden moet ik in mijn spiksplinternieuwe zomer-fietsuitrusting gaan fietsen. En die nieuwe fietsuitrusting, die zei mij: met wat kilootjes minder ga ik stukken beter zitten! Dus ik ga er ook weer voor, ik ga ook dat voornemen nu eens proberen om te zetten in échte daden. Dit keer moet het, dit keer wil ik het ook weer écht heel graag. Ik ga ervoor! Hop, naar de zomer, hop naar die nieuwe fietsuitrusting. Yes I can! 😉

Schaamte

Een paar dagen terug ging het over schaamte. De aanzet was het feit dat ik op het werk douche, en er daar geen probleem van maak om open en bloot door de kleedkamer annex toiletruimte te eh… flaneren. Nu ben ik meestal (lees: altijd) gewoon alleen daar. De toiletruimte wordt door quasi niemand gebruikt wegens elders ook nog een toilet op de verdieping, en verder douchen er niet zoveel dames waar ik werk. Er werken ook niet zoveel dames, maar dat terzijde. 😀

In ieder geval: ik heb er geen probleem mee om mij te ontkleden en aan te kleden in de ‘gemeenschappelijke ruimte’. Liever dat dan in het kleine hokje waar de douche staat al mijn spullen mee te nemen en mij daar om te kleden. Niet alleen is het daar dan verstikkend warm, het water staat dan ook in no time weer op mijn rug omwille van de vochtige warmte die er hangt van het douchen.

Voor mij is dit tegenwoordig normaal. Ik douche mij in eender welke gemeenschappelijke kleedkamer en schaam mij niet voor hoe ik er naakt uitzie. Voor anderen is dit blijkbaar niet zo evident. En eerlijk? Dat was het voor mij ooit ook niet. Maar ik heb het wel geleerd. Geleerd dat naakt zijn eigenlijk niet erg is, en dat uiteindelijk iedereen hetzelfde is, weliswaar met andere proporties. Maar hey.. dat maakt niet uit, ik zie het al niet meer.

Nochtans was de eerste keer ‘gezamenlijk’ douchen een grote stap. Een heel grote stap. Een stap die ik toch zette. Het was dat, of bezweet weer terug naar huis rijden, terwijl dat toch onnozel was als er douches ter plaatse waren. De eerste keer dat ik van de gemeenschappelijke douches gebruik maakte, was ook in het gezelschap van een vriendin. Wij waren daar maar met 2, en dat maakte de stap al iets kleiner. Maar toch nog groot genoeg. Toen ik merkte dat zij er geen zaak van maakte, besloot ik dat ook niet te doen, mij uit te kleden en mij te gaan wassen. Case closed.

Daarna ging het stilletjes aan alleen maar beter. Douchen met meerdere (mij gekende) vrouwen tegelijkertijd? Check. Douchen met meerdere vreemde vrouwen tegelijkertijd? Ook check. Enneh… uiteindelijk kwam er ook toevallig samen douchen met een paar mannen op het lijstje te staan. Beetje stom, door een organisatie die de douches een kwartier reserveerde voor de mannen, en daarna voor de vrouwen. Er waren echter meer mannen dan vrouwen, en op de duur vroegen de mannen ‘of we het erg vonden dat zij even mee kwamen douchen’. Boh.. ik kende hen toch niet, en het water was toch ook ijskoud en on top werd er vlak daarnaast ook nog spaghetti gekookt (I kid you not!). Dus ook dat… check. Overigens, het jaar erna werden er aparte douches in een tent voor de vrouwen georganiseerd. 😉

En zo werd mijn grens keer op keer verschoven. Van uitermate beschaamd over hoe ik er naakt uitzie, naar who cares hoe ik er naakt uitzie? Want eerlijk? Het maakt mij niet meer uit wie er in een gemeenschappelijke kleedruimte zit. Het maakt mij niet meer uit om samen met andere te douchen. En wat een verademing is dat!

En dan wordt het een beetje dubbel. Want als ik loop of fiets, dan maak ik mij weinig zorgen over hoe ik eruit zie. Sportkleding, die moet vooral functioneel zijn. Goed zitten. En mij mijn ding laten doen zonder dat ik moet liggen sjorren aan de rug van mijn truitje of aan de rand van mijn broek. Ik ben er mij ook uitermate van bewust dat, hoe fris ik ook aan de start van een trainingsrondje of een jogging sta, ik op het einde helemaal bezweet ben. En laat het net dan zijn dat die verdekselse fotografen er staan. Dus ja, ik heb er mij een gedacht van gemaakt. Sporten, dat doe je niet omdat je er tijdens het sporten goed zou uitzien.

In het dagelijkse leven echter, ben ik duidelijk wel bezig met hoe ik eruit zie. Vandaag bijvoorbeeld, had ik de verkeerde jurk naar het werk mee in mijn rugzak. De verkeerde jurk, omdat het een jurk is waar ik een trui wou overdoen. Een trui die ik wel op het werk zou hebben liggen. Alleen.. er liggen een 3-tal truien in mijn kast op het werk, maar dé trui voor op die jurk, die lag er dus niet. Bummer. Ik heb mij bijgevolg de hele dag ongemakkelijk gevoeld. De jurk is ook terug mee naar huis gegaan, waar ik ze anders zou laten hangen hebben om later deze week nog eens aan te trekken, en eens thuis is ze de wasmand ingevlogen en heb ik gedacht: ‘deze gebruik ik deze winter niet meer’.

En dan ook… een bikini of een badpak, wat een horror! Dat lukt mij dus voorlopig dan weer niet, om een badpak aan te trekken en te gaan zwemmen. Want dan ben ik weer teveel bezig met hoe ik eruitzie. Een naaktsauna daarentegen… yeskes! Totaal geen probleem mee.

Heel raar en heel dubbel is dat allemaal. Schaamte, neen. Maar toch ijdel genoeg om bezig te zijn met hoe ik er niet-naakt uitzie. Want naakt, dat ben ik, daar is niets aan te verbergen noch aan te veranderen. Een paar kilootjes minder gaan daar de zaak heus niet meer maken. Gekleed echter, daar kan ik het plaatje mooier maken. En ik vermoed dat het dat is wat ik onbewust wil doen. Onbewust bewust dan toch. Nu goed, ik ben er niet fanatiek mee bezig. Want ook gewone kleding moet gemakkelijk zitten. Dus neen, nog altijd geen hakken voor mij. En minder en minder broeken, want zo’n jurk is toch wel vree gemakkelijk. Want de goede jurk, die verstopt dat buikje, en zet mijn betere kanten wat in de verf. En die kuiten? Die verstop ik zelfs niet meer. Ze zijn dan niet slank, maar ze zijn begot wel gespierd! Wanneer is het weer blotebenenweer? Want die schaamte, die ben ik ook allang voorbij. 😉

Vernieuwd enthousiasme

En dan lijkt zo ineens alles een beetje op zijn plaats te vallen. Eindelijk! Want na maanden van wat aanmodderen op eetvlak, en wat veel gefoefel op loopvlak, heb ik nu toch een soort van ‘plan’ klaar. Of beter: plannen.

Eerst het eten. Ik kom niet echt bij, maar ik val ook niet echt af momenteel. Nadat ik wat kilootjes bijgekomen was en vond dat het maar genoeg moest zijn, had ik mezelf nogal rigoureus op 1200 kcal gezet een paar maand terug, maar echt helpen deed dat niet. Het is te zeggen: ik viel doordeweeks wat af, en kwam dan in het weekend weer wat bij, en de balans bleef zo ‘in evenwicht’, hetzelfde dus. Met nog altijd die extra kilootjes erbij. Sandra zou Sandra niet zijn als ik dat zo zou laten. En dus heb ik eens heel luid ‘help’ geroepen op het juiste moment, en een keigoede tip gekregen. En door die keigoede tip ben ik dan gaan wandelen met Melissa van Melissana.

En dat wandelen dat bracht inzichten. Want zo al wandelend kan je toch wel het een en ander vertellen. Melissa had ook mijn eetdagboek van ongeveer 10 dagen bekeken, en het was eigenlijk simpel: ik eet te weinig voor al de sport die ik doe. Als ik dan in het weekend eens iets extra eet, of dat glas wijn drink, dan zegt mijn lichaam: ola mannekes, extraatjes! Stockeren die handel! En zo krijg je dus een wekelijks jojo-effect. En daar moet ik dus vanaf.

Om niet te ver uit te wijden: ik moet eigenlijk meer eten om gewicht te gaan verliezen en gemakkelijker te kunnen sporten. Niet zomaar eten, maar mijn lichaam voeden met de dingen die het nodig heeft om de tekorten die ontstaan door het lopen en het fietsen op een goede manier aan te vullen. Klinkt logisch hé. En toch kwam ik er niet zelf op. De bedoeling is ook de weegschaal aan kant te zetten, en gewoon te zien wat het ‘voeden’ van mijn lichaam mij brengt gedurende een maand of 2.

Daar bovenop deed ik ook een hertest in het Sportmed Testpoint waar ik in september een eerste keer een test gedaan had. Gedaan met zomaar iets doen, gedaan met lopen in zones van 2 jaar terug, hoog tijd om dat allemaal op punt te zetten. Het goede nieuws is: er is een lichte vooruitgang sinds de eerste test. Mijn loopzones zijn ook weer aangepast, dus dat wordt weer even wennen om in de goede zone te lopen. Het slechte nieuws is, en gelukkig had ik dat zelf ook al beseft: om vlotter te kunnen lopen zou ik nog wat gewicht kwijt moeten. En gelukkig is 1+1 ook 2, en was ik daar intussen ook mee bezig, met dat weer te gaan aanpakken.

Dus ja, ik kan en mag er tegenaan gaan. En dat er tegenaan gaan, dat wilt voor mij zeggen terug opbouwen naar langere afstanden. Het is trouwens nog niet gedaan met de goednieuwsshow: Want ik ga ook weer volgens een schema lopen. Een schema volledig op mijn maat en kunnen dat werkt naar een doel dat ik gezet heb. Met dank aan de collega/loper/trainer die de schemaatjes voor mij gaat maken. Ik ben echt benieuwd wat dit mij allemaal gaat brengen, en ik ben ook erg enthousiast over al die nieuwe dingen. De zin is er helemaal om er vanaf volgende week in te vliegen, zowel qua voeding als qua lopen.

En ja, terechte opmerking: “waarom wachten tot volgende week om erin te vliegen en dat niet gelijk nu doen?” Awel, dat is simpel. Er moet eerst nog een verjaardag gevierd worden, de laatste voor ik op tram 5 stap volgend jaar. En na dat feestje ga ik er helemaal voor!

Mezelf voorliegen

Eerlijk? Ik lieg mezelf soms wat voor. Of ik verdraai de werkelijkheid. Kwestie van die niet onder ogen te moeten zien denk ik.

Dat is toch wat ik daarstraks bedacht tijdens mijn looprondje. Een looprondje wat trouwens beter liep dan ik gehoopt had. Mensen die mij kennen weten dat ik al even aan het sukkelen en rommelen ben qua lopen. Wat te maken heeft met die allergie in combinatie met inspanningsastma. Echter, vandaag had ik zoiets van: vandaag moet het! En daarna deed ik het gewoon. Lopen. En het liep écht wel onverhoopt goed. Netjes binnen de zone die aangegeven is door de coach, en nergens een moment waarop ik dacht van: wat loop ik hier in hemelsnaam te doen? Neen, want het was wel duidelijk wat ik aan het doen was. Ik was aan het lopen, en ik was daar keihard van aan het genieten. Eindelijk!

Het was ook al even geleden dat ik de 10 kilometer nog gelopen had. Ik twijfelde dus even of ik het rondje wat ik in gedachten had wel zou kunnen lopen, en of ik niet zou moeten gaan stappen. Die twijfels die zette ik echter al snel aan de kant. Tuurlijk kan ik dat! En ook, als ik wat lange-afstandsdoelen wil gaan stellen naar het volgende jaar toe, dan moest ik echt nu hoognodig die 10 kilometer lopen. Want 10 kilometer is al wat dichter tegen 16 kilometer, en vanuit 16 kilometer is het ook niet meer zover naar de 21. Of de 25. En neen, verder denk ik momenteel écht niet.
En ik liep ze dus, die 10 kilometer. Zonder noemenswaardige problemen, zonder echt veel boven mijn zone te gaan. Gewoon, lopen, zoals ik dat zo graag doe. Ik had ook best nog wel wat verder kunnen lopen, maar ik besloot wel zo verstandig te zijn en nu niet gelijk die 10 mijl te gaan aantikken. Dat komt wel weer, daar ben ik van overtuigd.

Nu, tijdens dat rondje dat zo lekker liep en waar ik zo van aan het genieten was, bedacht ik mij dus, zoals ik al eerder zei, dat ik niet altijd even eerlijk ben tegenover mezelf. En dan heb ik het over dat gewicht. Dat gewicht waar ik nu toch al levenslang mee worstel. Dat gewicht, dat ooit op een moment zo ver de pan uit swingde, al was er van swingen allang geen sprake meer, dat ik een operatie overwoog. Datzelfde gewicht wat ik toch op eigen wilskracht naar beneden kreeg. Maar ook dat gewicht dat momenteel weer hogere toppen scheert. En ja, dat voel ik. Dat voel ik in mijn kleding, dat voel ik als ik fiets, dat voel ik als ik loop. Uiteraard. Toppunt was een foto van de 11.11.11-loop in Vossem die ik vorige week onder ogen kreeg, en waar ik schrok van mezelf. Neen, dit ging niet de goede richting uit, verre van. Er zijn weer wat kilootjes bij, en daar waar ik mezelf altijd voorhoud dat die paar kilootjes de zaak niet zullen maken, doen die paar kilootjes dat natuurlijk wél.

Hoog tijd dus om weer wat hulp in te roepen. Hulp die mij voorstelde om om te beginnen al eens alles op te schrijven wat ik allemaal eet en drink en wat ik allemaal doe van sport. Nu, die sport, dat is niet het heikele punt. Ik fiets, ik loop, ik doe ook nog eens functionele oefeningen… neen, qua beweging zit het nog altijd wel goed. Ik weet ook wel waar het niet goed zit. In het sneukelen, in het snoepen, in het snacken. En ja, ik geef het toe, in dat aperitiefje, en in dat glaasje wijn. En dat handje chips daarbij. Of een nootje. Of zoiets. Het is maar een handje… jaja, ik weet het, ik weet het. Vele handjes maken 1 grote zak chips natuurlijk.

In ieder geval: alleen al het gevreesde ‘schrijf eens alles op’, maakte dat ik dat ook deed. En dat maakte dan weer dat ik ging opletten op wat ik allemaal eet. Neen, geen koekje, want dan moet ik dat opschrijven; Neen, geen aperitiefje, want dan moet ik dat opschrijven. Resultaat: -1,5kg op 1 week tijd. Autch. Echt. Het is dus niet dat mijn lichaam het niet meer kan, dat afvallen. Het is meer kwestie van het in het hoofd weer goed te krijgen, en de slechte gewoontes er ook weer uit te krijgen. Het is kwestie van die beruchte klik weer te maken. Zodat ik die nog te stellen doelen ook in optima forma kan aanvatten natuurlijk. 🙂 Let’s do it!