Categorie archief: allerlei

Dromen, hoezo bedrog?

Vanochtend werd ik wakker in de armen van Brad Pitt. Tenminste, ik ga ervan uit dat het Brad Pitt was. Blauwe ogen, blond haar en een strakke kaaklijn. Wie zou dat anders kunnen zijn? In ieder geval: de wekker ging, dus ik zei hem dat ik mij even moest rekken om de snooze-knop in te drukken. Hij zei dat dat goed was, want dat we toch nog wel even konden blijven liggen.

Snooze-knop ingedrukt, ik leg mij terug goed, eneh… weg was Brad. Ik heb nog even verdwaasd rondgekeken, maar neen hoor, niets meer te vinden. Op mezelf na, een leeg bed. Ah ja, want manlief was al naar het werk. Anders was er ook geen plaats voor Brad natuurlijk. Waarmee ik, by the way, alleen geslapen heb. Geen andere rare dingen hoor! Niks van, zo’n dromen, daar doe ik niet aan. Ik zeg het er maar al bij.

In ieder geval, het is mij duidelijk: vanavond moet ik op tijd naar bed, om een vervolg aan mijn droom te breien. Brad moet toch nog ergens in de buurt zijn, hij kan toch ook niet zomaar in rook opgegaan zijn zeker! To be continued. Hoop ik. 😉

Koorts

Begin met schrijven of typen. Het staat er. Ik kijk ernaar. Hetzelfde met die titel hierboven. Titel toevoegen. Het staat er. Ik kijk ernaar. Titel toevoegen. Straks, misschien.

Sinds enige tijd lukt het mij gewoon niet. Het lukt mij niet om iets te schrijven, het lukt mij zelfs niet om inspiratie te vinden om over te schrijven. Ja, er is het lopen, maar goed… ik loop talloze rondjes met mezelf, heel veel boeiends kan ik daar niet over vertellen. Zeker niet nu het donker is, en ik eigenlijk – willens nillens – quasi altijd genoopt ben hetzelfde rondje te lopen.

Vorige week was ik anders wel aan het twijfelen. Want zou ik nu toch niet dat bos durven inlopen, om daar dat extra rondje te doen en zo aan de extra kilometers te geraken in plaats van eindeloos rondjes op dezelfde plaats te lopen? Ik heb 3 kilometer lang getwijfeld, en toen moest ik echt kiezen. En durfde ik het toch niet, in het donker in dat andere bos gaan lopen. En koos ik toch weer voor de gekende – en verlichte – weg. Waardoor ik, toen ik op kilometer 7 was, besefte dat ik er nog 3 moest doen en ik eigenlijk al bijna op de eindbestemming was. Wat niet goed is voor mijn moreel, want het einde is het einde, de finish is de finish. Alles wat ik dan nog extra moet lopen, is er dan in mijn hoofd nét iets teveel aan. Enfin, ik liep ze toen toch, met nog eens een stukje richting daar, en nog een rondje hier, en ach, uiteindelijk maakt het ook niet uit zeker?

Dat dacht ik. Maar eigenlijk maakt het wél uit. Want mijn hoofd roept dan keihard dat het einde daar is, en dat ik moet stoppen. En al wat ik dan nog loop, dat zijn eigenlijk lastige kilometers. Lastig, omdat ik dan in gevecht moet met mezelf. Lastig, omdat ik dan met mezelf loop te discussiëren. Toch die kilometers verder lopen, wat maakt het uit of ik ze al dan niet loop… stoppen, doorlopen? Het voordeel van met mezelf in discussie te gaan, is dat ik uiteindelijk de discussie win. Uiteraard. En uiteindelijk loop ik ze toch altijd. Omdat ik ze van mezelf moet lopen. En ook… schema is schema, en alleen heirkracht maakt dat ik van dat schema afwijk.

Heirkracht. Ik denk dat ik daarop wel beroep kan doen voor afgelopen week. Ik liep mijn intervallekes wel, maar door omstandigheden kon ik mijn tweede looprondje van de week niet helemaal lopen zoals gepland en werd het een kort rondje van een 4-tal kilometer. 4 kilometer ook met zere benen en een nogal hoge hartslag voor die paar kilometers. Eigenlijk had ik toen al moeten weten dat dat niet goed was.

Neen, natuurlijk was dat niet goed. Dat bleek zaterdag dan ook, toen ik eerst al niet uit mijn bed geraakte. Slapen, dromen, zweten. Dat dus. Toen ik uiteindelijk mezelf dan toch uit mijn bed kon hijsen, zat ik half-slapend aan het ontbijt. Waarna ik besloot maar weer even op de zetel te gaan liggen. Even dacht ik ja… tot ik dorstig wakker werd en opstond om een glas water te gaan halen, en het al 16u bleek te zijn. Ik had zomaar mijn hele zaterdag verslapen. Lap! En zeggen dat ik vrijdag nog al grappend aan iemand van HR gevraagd had hoe dat zat als ik ziek zou worden in het weekend en ik dan mijn weekend tijdens de week kon recupereren? Profetische woorden zowaar, er schuilt een waarzegster in mij! Waar is mijn bol trouwens? Ja, die kristallen, niet die kerstbol! Ziek worden in een weekend, wie doet dat nu ook?

Zondag zou het bijgevolg vast beter gaan, dat zei ook de waarzegster in mij. Ook gezien de hoeveelheid slaap die ik al gehad had. Dat dacht ik toch. Niet dus. Denk opnieuw. En die waarzegster mag ook weer naar waar ze vandaan komt! Want ik moest alweer mezelf mijn bed uit slepen, en het ging daarna niet veel beter. Ik had het tot de middag gegeven, maar het zou ‘m niet worden. Dus ook hier: bye bye loopje dus! Jammer maar helaas. De hartzeer die ik er vroeger van zou gehad hebben, had ik niet eens. Nope. Ziek is ziek, en ziek wilt zeggen niet lopen. Zo verstandig ben ik intussen al wel geworden. Neemt niet weg dat het toch een streep door mijn plan was, het “laat mij nog eens laatste worden op een loopje”-plan dan. Het werden nougatbollen, en zelfs die had ik niet in huis. Wat ik echter wél in huis had, dat waren de opnames van “4 weddings & a funeral”. De serie, niet de film. De film is pure nostalgie. De serie… mwoah. Ik heb er nu 6 gezien, en ik weet nog altijd niet wat ik ervan moet denken. Want het is een serie. En natuurlijk krijgt zij de man op het einde. Of hij haar. Puh! Zij wel ja. Tuurlijk.

Maar toch… eigenlijk is dat we leuk, met koorts naar wat romantische nonsens zitten kijken. And they lived happily ever after. Morgen wacht weer de realiteit. Tenzij ik toch mijn weekend zou kunnen recupereren? 😉

T-shirt weather

Het zal de tijd van het jaar wel weer zijn. Ik ben weer zo emo als eh… ja, als wat eigenlijk? Zoals Sandra emo kan zijn een paar keer per jaar? Zoiets? Ik denk niet dat daarmee begrepen wordt wat ik bedoel, maar ach, het hoeft ook niet altijd superduidelijk te zijn.

Emo dus. Geen idee. Of wel een idee, maar geen duidelijk. Of wel duidelijk, maar het blijft wazig. Wazig. Dat is het. Denk ik.

Enfin, ik zag een vlinder. Dat ook. Meerdere zelfs. Ik kan er ook niet aan doen, toch? Het is ook T-shirt weer. Echt. Daarstraks zonder jas buiten rondgelopen, qua living on the edge kan dat ook serieus tellen. En niet eens een muts op zeg! Volgende week ziek, maar dan ook dood- en doodziek. Peinsek. Allez ja, er zijn er toch die dat peinzen, ik eigenlijk niet zo. Ook nog in T-shirt mijn looprondje afgewerkt. Eentje met lange mouwen, dat T-shirt dan, niet dat looprondje, maar een kniesoor die daar over valt.

In ieder geval… in de auto naar huis hoorde ik dan ineens dit. En ja, je zal moeten klikken, anders ga je het nooit te weten komen. 🙂 Niet dat dat belangrijk is, verre van. Het is uiteindelijk ‘maar’ een liedje. Maar oh, die sfeer. Ik hou ervan. Ik zie die vlinders daarmee vanzelf ook wel vliegen. Jaja, ik zag ze al fladderen. Sommige dingen zie ik zelf ook wel. In dit geval dus die vlinders.

Zie, dat komt er dan van. Het weer van slag, Sandra van slag. Een beetje heimwee ook. Heimwee naar van die mooie, warme dagen. Dagen waarop niets moet. Dagen met een gouden randje.

Het komt wel weer goed. Doet het altijd. Maar nu nog even niet. Want dit gevoel, eerlijk… het heeft toch ook wel iets.

Schaamte

Een paar dagen terug ging het over schaamte. De aanzet was het feit dat ik op het werk douche, en er daar geen probleem van maak om open en bloot door de kleedkamer annex toiletruimte te eh… flaneren. Nu ben ik meestal (lees: altijd) gewoon alleen daar. De toiletruimte wordt door quasi niemand gebruikt wegens elders ook nog een toilet op de verdieping, en verder douchen er niet zoveel dames waar ik werk. Er werken ook niet zoveel dames, maar dat terzijde. 😀

In ieder geval: ik heb er geen probleem mee om mij te ontkleden en aan te kleden in de ‘gemeenschappelijke ruimte’. Liever dat dan in het kleine hokje waar de douche staat al mijn spullen mee te nemen en mij daar om te kleden. Niet alleen is het daar dan verstikkend warm, het water staat dan ook in no time weer op mijn rug omwille van de vochtige warmte die er hangt van het douchen.

Voor mij is dit tegenwoordig normaal. Ik douche mij in eender welke gemeenschappelijke kleedkamer en schaam mij niet voor hoe ik er naakt uitzie. Voor anderen is dit blijkbaar niet zo evident. En eerlijk? Dat was het voor mij ooit ook niet. Maar ik heb het wel geleerd. Geleerd dat naakt zijn eigenlijk niet erg is, en dat uiteindelijk iedereen hetzelfde is, weliswaar met andere proporties. Maar hey.. dat maakt niet uit, ik zie het al niet meer.

Nochtans was de eerste keer ‘gezamenlijk’ douchen een grote stap. Een heel grote stap. Een stap die ik toch zette. Het was dat, of bezweet weer terug naar huis rijden, terwijl dat toch onnozel was als er douches ter plaatse waren. De eerste keer dat ik van de gemeenschappelijke douches gebruik maakte, was ook in het gezelschap van een vriendin. Wij waren daar maar met 2, en dat maakte de stap al iets kleiner. Maar toch nog groot genoeg. Toen ik merkte dat zij er geen zaak van maakte, besloot ik dat ook niet te doen, mij uit te kleden en mij te gaan wassen. Case closed.

Daarna ging het stilletjes aan alleen maar beter. Douchen met meerdere (mij gekende) vrouwen tegelijkertijd? Check. Douchen met meerdere vreemde vrouwen tegelijkertijd? Ook check. Enneh… uiteindelijk kwam er ook toevallig samen douchen met een paar mannen op het lijstje te staan. Beetje stom, door een organisatie die de douches een kwartier reserveerde voor de mannen, en daarna voor de vrouwen. Er waren echter meer mannen dan vrouwen, en op de duur vroegen de mannen ‘of we het erg vonden dat zij even mee kwamen douchen’. Boh.. ik kende hen toch niet, en het water was toch ook ijskoud en on top werd er vlak daarnaast ook nog spaghetti gekookt (I kid you not!). Dus ook dat… check. Overigens, het jaar erna werden er aparte douches in een tent voor de vrouwen georganiseerd. 😉

En zo werd mijn grens keer op keer verschoven. Van uitermate beschaamd over hoe ik er naakt uitzie, naar who cares hoe ik er naakt uitzie? Want eerlijk? Het maakt mij niet meer uit wie er in een gemeenschappelijke kleedruimte zit. Het maakt mij niet meer uit om samen met andere te douchen. En wat een verademing is dat!

En dan wordt het een beetje dubbel. Want als ik loop of fiets, dan maak ik mij weinig zorgen over hoe ik eruit zie. Sportkleding, die moet vooral functioneel zijn. Goed zitten. En mij mijn ding laten doen zonder dat ik moet liggen sjorren aan de rug van mijn truitje of aan de rand van mijn broek. Ik ben er mij ook uitermate van bewust dat, hoe fris ik ook aan de start van een trainingsrondje of een jogging sta, ik op het einde helemaal bezweet ben. En laat het net dan zijn dat die verdekselse fotografen er staan. Dus ja, ik heb er mij een gedacht van gemaakt. Sporten, dat doe je niet omdat je er tijdens het sporten goed zou uitzien.

In het dagelijkse leven echter, ben ik duidelijk wel bezig met hoe ik eruit zie. Vandaag bijvoorbeeld, had ik de verkeerde jurk naar het werk mee in mijn rugzak. De verkeerde jurk, omdat het een jurk is waar ik een trui wou overdoen. Een trui die ik wel op het werk zou hebben liggen. Alleen.. er liggen een 3-tal truien in mijn kast op het werk, maar dé trui voor op die jurk, die lag er dus niet. Bummer. Ik heb mij bijgevolg de hele dag ongemakkelijk gevoeld. De jurk is ook terug mee naar huis gegaan, waar ik ze anders zou laten hangen hebben om later deze week nog eens aan te trekken, en eens thuis is ze de wasmand ingevlogen en heb ik gedacht: ‘deze gebruik ik deze winter niet meer’.

En dan ook… een bikini of een badpak, wat een horror! Dat lukt mij dus voorlopig dan weer niet, om een badpak aan te trekken en te gaan zwemmen. Want dan ben ik weer teveel bezig met hoe ik eruitzie. Een naaktsauna daarentegen… yeskes! Totaal geen probleem mee.

Heel raar en heel dubbel is dat allemaal. Schaamte, neen. Maar toch ijdel genoeg om bezig te zijn met hoe ik er niet-naakt uitzie. Want naakt, dat ben ik, daar is niets aan te verbergen noch aan te veranderen. Een paar kilootjes minder gaan daar de zaak heus niet meer maken. Gekleed echter, daar kan ik het plaatje mooier maken. En ik vermoed dat het dat is wat ik onbewust wil doen. Onbewust bewust dan toch. Nu goed, ik ben er niet fanatiek mee bezig. Want ook gewone kleding moet gemakkelijk zitten. Dus neen, nog altijd geen hakken voor mij. En minder en minder broeken, want zo’n jurk is toch wel vree gemakkelijk. Want de goede jurk, die verstopt dat buikje, en zet mijn betere kanten wat in de verf. En die kuiten? Die verstop ik zelfs niet meer. Ze zijn dan niet slank, maar ze zijn begot wel gespierd! Wanneer is het weer blotebenenweer? Want die schaamte, die ben ik ook allang voorbij. 😉

Nat. En doornat. Wet Wet Wet dus.

Vandaag wandelde ik door de regen. Iets met een algemene vergadering en dat het wat te stom was om voor die 3 kilometer de auto te pakken en ja, ik kon ook wel met de fiets maar dan was ik nog natter geweest. Dat dus.

Enfin. Bon. Zo al wandelende, in de regen, schoot plots Wet Wet Wet door mijn hoofd. Er schoot nog wel meer door mijn hoofd, maar niet alles moet gedeeld worden. Neen, oh, neen… maar dat is ook weer een ander liedje.
Maar Wet Wet Wet dus… en dat ik dringend 4 Weddings & a Funeral moet terugkijken. En hopen dat het nog altijd even grappig en hartverwarmend is dan toen….

Het heeft soms toch iets, zo’n eh… romantisch liedje. 😀
OK… I’ll get me coat… 😉

I feel it in my fingers
I feel it in my toes
Love is all around me
And so the feeling grows
It’s written on the wind
It’s everywhere I go
So if you really love me
Come on and let it show

Retrospective

Jepla! Zowat schrijven, soms brengt dat toch wel wat inzichten. Neem nu onderstaande tekst, die ik exact 5 jaar terug schreef. Over de positieve dingen. Eens kijken wat daarvan overblijft kan nooit kwaad, toch?

– 5 jaar geleden tekende ik een nieuw contract. De 5 year itch zeg maar, die maakte dat ik zowat alle 5 jaar van job veranderde. Die itch is er momenteel nog lang niet, wat maakt dat de beslissing om 5 jaar terug van job te veranderen, 1 van de beste beslissingen van de laatste jaren geweest is.
-> nu: helaas, het mocht niet zijn. Een herstructurering, een ontslaggolf, en ik was erbij! Zie ook hier… en alle vervolgen daarop, hier en hier . Intussen werk ik ook alweer elders dan hier, en daar kwam dan nog deze post over. Voorlopig blijf ik weer waar ik ben. En hopelijk beslist dit keer iemand anders daar weer niet anders over.

– Gezonder gaan leven. 2 jaar terug leek het nog iets van een heel ver toekomstbeeld, want die vicieuze cirkel bleek heel moeilijk te doorbreken. Ik ben dik, en ik blijf dik, want ik kan er niet aan doen. Dat idee. Intussen ben ik blij dat ik mezelf het tegendeel bewezen heb. Ik kan afvallen, zonder hulpmiddelen. En de sleutel tot dat afvallen ben ikzelf.
-> nu: idem en dito. Het gewicht stagneert, hoewel weer een beetje bij, maar ik blijf achter dat afvallen zonder hulpmiddelen staan. Ik kan dat, de sleutel ligt nog altijd bij mezelf. Het is alleen maar zaak van ook mezelf daarvan overtuigd te krijgen. Soms is het zeggen gemakkelijker dan het doen, en soms is ook de verleiding sterker dan mezelf.

– Sporten! Sport is tof, en dat heb ik dankzij sportieve hulp gelukkig (weer) mogen en kunnen beseffen. Intussen ben ik druk aan het trainen om ooit die 5km te kunnen lopen, voor het eerst in mijn leven, en heb ik ook het gevoel dat mij dat in het komende jaar wel zal lukken. Misschien duurt het zelfs zo lang niet.
-> nu: die 5 km die zijn al een paar jaar dik in de pocket. Intussen mocht ik ook al een paar halve marathons lopen, en liep ik zelfs al verder dan dat. Kers op de taart is nog altijd de 25km van de Great Breweries afgelopen mei. Trots trotser trotst. Zoiets. 😉 Raar woord eigenlijk ook, trots. Zeg het maar eens een paar keer. Raar hé? 😀

– Mijn omgeving. Ik heb een leuk leven, en daar dragen ontelbaar veel factoren toe bij.
-> nu: het is niet allemaal rozengeur en manenschijn, dat was het toen ook niet, en dat is het nu uiteraard nog altijd niet. Maar zolang alles overhelt naar de positieve kant, is het allemaal wel ok.

– Vriendinnen. Ik ben niet de persoon met de meeste vriendinnen ever, maar die paar vriendinnen die ik heb, die paar échte vriendinnen, die zijn goud waard. Zelfs al zien we elkaar maanden niet, toch lijkt het telkens weer of al die tijd er niet tussenzit als we elkaar weerzien. Jullie weten wel wie jullie zijn, en ik voel mij gezegend met jullie. 🙂
-> nu: ze zijn er nog altijd, die paar friendinnekes. En dat is maar goed ook. Want die klik dit maakt dat een friendinneke ook een echt friendinneke is, die is er niet zo vaak. Met uitbreiding geldt dit trouwens ook voor echte friendekes, want die zijn ook niet zo dik gezaaid. Maar dat is niet zo erg, want ik ben heel blij met diegenen die er zijn.

– Muziek. Ik kan intens gelukkig worden van muziek, en ook heel verdrietig. Muziek hoort er gewoon bij, en die muziek die kan heel uiteenlopend zijn. Vanochtend nog met kippenvel in de auto gezeten toen ik Damien Rice 9 Crimes hoorde brengen in de radiostudio, maar evengoed deze namiddag geweldig hard meegebruld met de Summer of 69 van Bryan Adams. Shoot me! 😉
-> nu: een dikke ja voor de muziek, nog steeds. Intussen weer wat dingen ontdekt, intussen weer wat groepen en singer-songwriters gezien. Ze staan allemaal al in het lang en in het breed hier op de blog. En de klassiekers zijn nog altijd de klassiekers, ik brul ze nog altijd even hard (en volgens mijn dochter even vals) mee.

– Schrijven. Ik heb altijd al graag geschreven, maar door omstandigheden deed ik het niet meer. Omdat ik gezonder ging leven, en dat schrijven mij daarbij hielp, ging ik blogjes schrijven op de Weight Watchers-site. Intussen heb ik de smaak weer zo hard te pakken, dat ik ook weer schrijf voor het boekje van ‘de Sparta’, atletiek dus. Over mijn loopervaringen, en over de vriendschap die er in de club is. Ik overweeg nu toch een blog te starten, maar moet eens tijd maken om daar een keer serieus in te duiken.
-> nu: ik schrijf nog steeds, waarvan akte. Het boekje doe ik intussen wegens omstandigheden niet meer, en de blog is ook wat rustiger geworden. Ik hoef niet meer elke dag, laat staan elke week te schrijven. Al blijft de neiging om te schrijven er toch in zitten. Ik heb maanden met een blok in mijn maag rondgelopen, ik wist niet wat ermee te doen, tot ik uiteindelijk besloot het er allemaal schriftelijk uit te gooien. En dat hielp. Gedeeltelijk. Omdat ik schreef met in het achterhoofd wie het allemaal zou kunnen lezen (een openbare blog helpt wat dat betreft eigenlijk niet), maar toen besefte ik plots dat ik ook slotjes in de vorm van wachtwoorden kan plaatsen, om zo zelf te beslissen wie wat leest. Dat helpt ook. 😉

– Lezen. Ik lees alles, maar toch nog het liefst van die boeken waar ik mij helemaal in kan verliezen. Mijn grote geluk, via het lezen werelden ontdekken waarvan ik alleen maar kan dromen (en gelukkig maar 😉 )
-> nu: ik lees nog altijd, maar veel en veel te weinig. Ik ontdekte zo De Reiziger, en via die boeken de Outlander-serie. Sindsdien heb ik niet meer gelezen in het boek. De zin om te lezen is er wel, maar dikwijls ontbreekt mij (dooddoener van formaat, ik weet het) de tijd. Lees: de puf en de goesting. Maar het komt ooit weer goed, met mij en dat lezen. Ik voel het.

– Fietsen. Vroeger fietste ik dagelijks langs het water, vooral langs de Rupel en de Nete. Hier is geen water, behalve 10km verderop. Ik vond dat altijd te ver, dus de fiets bleef staan. Nu niet meer. Deze week nog springen we op de fiets, rijden we naar het water, en verder! Stevig doortrappen, en leeg thuiskomen. 1 van de zaligste dingen die er bestaan!
-> nu: goh… dat fietsen. Ik fietste toen met mijn damesfiets, die ik kocht toen ik nog maar net tussen stuur en zadel paste. Intussen ben ik aan koersveloo nummertje 2 bezig, en ben ik ook al van de ene wielertoeristenclub naar een andere overgestapt. Alwaar ik nu toch een stevig tandje moet bijsteken om mee te kunnen. Niettemin vind ik het nog altijd een goede beslissing, want ik heb al genoten van de ritjes die ik met de nieuwe club deed. Nieuwe paden, andere snelheden. En een langere après ook, al weet ik nog niet goed of dat nu wel een goede zaak is. Foei Sandra, zo blijven plakken! 😉

Goh… en nu ik het zo even nalees…. ik heb nog wel wat positieve dingen, maar ik ga het hier toch bij laten. Ik kan er niet aan doen, ik ben nu eenmaal een blij mens, een positief mens (die occasionele offday niet meegerekend 😉 ), een gelukkig mens, quoi. 
-> nu: de afsluiter van toen mag wat mij betreft de afsluiter van nu zijn. Ik blijf een blij mens, een positief mens, en ik denk ook wel dat ik mezelf gelukkig mag noemen. Offdays horen er nog altijd bij, de ene dag is ook de andere niet. Maar houdt net dat niet het leven wat in evenwicht? Geen plus zonder min. En voor de rest is het wat het is en ben ik wie ik ben. En dat is ok. Zeggen ze… 😉

Rimpels

Daarstraks zat ik samen met mijn dochter naar de Pano-reportage over fillers en Botox te kijken. Gewoon, omdat dat opstond. 17 is ze trouwens, de dochter en volop aan het puberen. Dat puberen, dat gaat overigens de ene dag al wat beter dan de andere dag.

Nu goed, ik ging het niet over het puberen hebben. Want volgend op die reportage kwam plots de vraag “of ik rimpels heb”? Ja doh! Tuurlijk heb ik die! Ik vroeg haar of zij die dan nog niet gezien had, en toen kreeg ik als antwoord “aaaah, maar daarvoor gebruik jij dan die anti-rimpelcrème”.
Blijkbaar werkt die anti-rimpelcrème dus wel heel erg goed, als dochterlief zelfs niet ziet dat ik rimpels heb. Want die zijn er echt wel. Uiteraard. Logisch ook, als je stilaan richting tram 5 aan het bollen bent. (stilaan zei ik mannekes, nog meer dan een jaar hé!)

De volgende vraag lag dan ook voor de hand: “mama, heb jij eigenlijk grijs haar?” Ha! Wie weet dat? Ze wist het niet, en of ze dan als een aapje in mijn haar mocht komen kijken? Echt, ik weet soms niet waar het kind haar vergelijkingen haalt. Maar in ieder geval zat ze een paar tellen later toch met haar handen in mijn haar. Daar ging mijn zorgvuldig geföhnde coiffure zeg! 😉 Nu goed.. ze vond geen grijze haren. “Maar ja mama, jij kleurt je haar ook, dus ik kan dat niet zien hé!” Goh, daar is ook weer iets van. Feit is dat ik mijn haar niet kleur omdat ik grijs haar wil bedekken. Ik wou gewoon eens iets anders, zoveel jaar terug. En dat startte met 1 keer, en op de duur is dat een gewoonte geworden. Dus ja, ik kleur mijn haar. En ja, er zitten daar ook al een paar grijze haren tussen. Ik heb dan ook de leeftijd om grijze haren te krijgen.

Al krijg je als ouder ook automatisch grijze haren én rimpels met een meisjespuber in huis. Maar dat heb ik haar nog niet verteld. 😉

Splinter

Auw zeg. 1 onnozele kleine splinter in mijn vinger, maar wat een pijn! En eer dat ding dan ook nog uit mijn vinger was. Ok ja, ik geef toe dat ik het eerst vergeten was, maar na een nachtje slapen werd het mij pijnlijk duidelijk dat ik het beter kwijt dan rijk was. Wat geprul met een naald en een pincet later kon ik gelukkig een zucht van opluchting laten. Hij is weg, de splinter. Maar nu wel gewond aan mijn vinger natuurlijk. Bloed en zo vanal. Ik moet net niet naar Spoed vermoed ik.

Enfin, dat is allemaal niks. Denk ik. Er zijn ergere dingen dan dat. Zoals een konijn dat plots babykonijntjes heeft. Nochtans hadden we het mannetje laten knippen. Maar zo’n wilderik van in de buurt wipte letterlijk even langs, en bam… prijs! Wil je eerst geen dieren, heb je op de duur toch een halve zoo. Blijkbaar. Woef inclusief, want ja, natuurlijk is die gebleven. Kleine hooligan soms trouwens. Kippen die bovenop hun kot zitten? Woefwoefwoef, die moeten eraf! De Duitse herder van de buren iets verderop? Woefwoefwoef en ook grrrrrrrr… die zullen we eens te stekken hebben. Idem met auto’s, fietsers, lopers…
Maar ik wijk af.

Kill your darlings zeiden ze vroeger, als het over schrijven ging. Ik killde bijgevolg een stuk tekst over die konijntjes, herschreef, schrapte, herschreef, schrapte nog eens, en kwam daarna tot de conclusie dat ik het de eerste keer toch stukken beter vond. Maar ja… de backspace killde dat stuk, dus dat is weg. En ik krijg het niet meer geschreven zoals het er eerst stond. Ging alles soms maar zo gemakkelijk. Backspace of erase.. en *poef*, weg is het. Helaas werkt het zo niet.

Ik kwam dan ook nog “Steentje” tegen, van Brihang. Iets anders dan een splinter natuurlijk. Allez ja, ik kende het al even maar nu ik met die splinter zat, sprong dat steentje weer in mijn hoofd. Logisch, toch? Ik zat toch net nog (allez ja, een paar weken terug) met bleinen. Herkenbaar allemaal zo. Jaja, ik weet dat het metaforisch is. Maar ik probeer niet teveel meer te denken. Te rationeel zo soms. Veel te rationeel. Daar draait mijn gevoel ook weleens van in de knoop, want het moet allemaal rationeel blijven. Soms is het dat niet. Rationeel dan. En lig ik ook weleens wakker. Van iets waarvan je dan zou denken dat mensen met wat verstand in hun hoofd beter zouden moeten weten. Niet dus. Helaas. Jammer ook.

Dus ja… ik heb een steentje in mijn schoen… het zou zomaar een hele rotsformatie kunnen zijn.

Outlander (De Reiziger)

Het begon eigenlijk allemaal met een simpele boekentip. “De Reiziger”, Sandra, die zou je eens moeten lezen. Waarna ik het boek op mijn e-reader zette en het vergat. Om het 3 jaar later weer op te pikken. En het daarna weer aan kant te leggen. Wegens even andere issues.

Uiteindelijk dacht ik er toch weer aan, en herbegon met lezen. En bleef lezen. Het boek vrat aan mij, ik las, ik bleef lezen. En dat was lang geleden, dat een boek mij nog zo ‘had’. Tot mijn frustratie had ik alleen niet altijd genoeg tijd om te lezen. Gevalletje wel willen niet kunnen. Zoiets. Ik uitte mijn frustratie bij een vriendin… en zij meldde mij dat er ook een serie van gemaakt was. Ik had het begot kunnen weten, maar wist het niet. Oh, en dat ik anders even Jamie moest Googlen, misschien was het wel iets?
Hallo! Tuurlijk was het wel iets! De Jamie in de serie bleek nogal de kloppen met de Jamie die ik in gedachten had. Eindelijk zeg, een goed gecast hoofdpersonage! Vind ik hé! (note aan de collega’s: naast team Jason, ben ik ook team Sam . Check die kaaklijn zeg! (en neen, ik ben echt niet zo oppervlakkig! 😉 )

Alleen… de serie staat op Netflix. En daar heb ik geen abonnement op. Een mens kan nu eenmaal niet alles hebben. Echter, de DVD’s waren wel te koop. 4 seizoenen al. En een box van de 3 eerste seizoenen. Ik twijfelde even, want dacht dat het zonder ondertiteling zou zijn. Gezien het Gaelisch voor mij nogal onverstaanbaar is, zou het onbegonnen werk zijn eraan te beginnen zonder ondertiteling. Maar kijk… er bleek wel degelijk een box te bestaan mét ondertiteling, en dus kocht ik hem. Of wat had je anders gedacht?

Een dag erna had ik hem al in huis. Het was wel even schrikken: 16 discs, en 2 tot 3 delen op elke disc. Ik zou dus wel even zoet zijn. En ook… zou ik de rest van het boek dan nog willen lezen? Wat dat laatste betreft weet ik het nog niet heel zeker, ik ben nog aan het lezen. Maar ik ben intussen toch ook al met de DVD’s gestart. Volgens mijn dochter doe ik aan binge-watchen, ik vind dat dat nogal meevalt. Ik heb de box nu goed 3 weken, en ben aan DVD 5. Er staan 2 tot 3 afleveringen op 1 DVD, en ik kijk 1 DVD per keer. 1 aflevering duurt ongeveer 1 uur. Maar ik ben nog altijd in seizoen 1. Er is dus nog veel om naar uit te kijken.

Nu ja, uitkijken… ik volg het verhaal graag, maar sommige verhaallijnen zijn eigenlijk te gruwelijk voor woorden, hoewel ze ontstaan zijn uit woorden, maar ze zijn ook op die manier verfilmd. Wat ik nooit verwacht had Brits-Amerikaanse serie. Wel van het Britse gedeelte, niet van het nogal preutse Amerikaanse gedeelte. Het is een kostuumdrama, het is geen flitsende TV, en je zou denken ‘het kabbelt’, maar het tegendeel is waar. Braaf is het verre van, brutaal soms des te meer. En hoe gruwelijk soms ook, het past gewoon. Het past in het verhaal, het past bij de tijd vermoed ik. Al was ik daar nooit zelf bij.

En ja… daar heb je het dan hé. Ik wou altijd al een keer naar Schotland.. en nu nog meer. Ik wil nu toch echt wel eens die Highlands zien, die groene vlakten, en de bijhorende verhalen erover lezen. Fact of fictie… maakt niet uit. Een goed verhaal, en ik luister geboeid. Net als naar de muziek… klikken mensen, klikken, het is zooo mooi!

Sing me a song of a lass that is gone
Say, could that lass be I?
Merry of soul she sailed on a day
Over the sea to Skye.
Billow and breeze, islands and seas,
Mountains of rain and sun,
All that was good, all that was fair,
All that was me is gone.
Sing me a song of a lass that is gone,
Say, could that lass be I?
Merry of soul she sailed on a day
Over the sea to Skye.