Rode Neuzenloop

Rode Neuzenloop. In Mechelen. Leuk concept. Een soort van groepsloop, op een vooraf bepaald parcours, maar zonder wedstrijdelement. Kijk… dat zijn dingen die ik leuk vind. Want dat ‘geen wedstrijd’, dat maakt dat ik al zonder enige stress aan de start kan gaan staan. Geen druk, gewoon lopen.

Nu ja, gewoon lopen. De eerste 400 meter, misschien zelfs iets meer, moesten samen gelopen worden, tot we helemaal op de dijk waren. Een vriend was er die eerste meters al mee aan het lachen: ‘komaan Sandra, kop pakken, blijven gaan’. Had er niet iemand tussen ons gelopen, ik had hem verdorie al een mep gegeven. Voor hen was dit inderdaad maar opwarming, voor mij was het al een serieus tandje bijsteken. Ik voelde dat het tempo voor mij al veel te hoog lag. En dat al van bij de start. Maar ik ging niet afgeven ik zou blijven lopen. Maar ik was niet opgewarmd. En het was best ook koud buiten. En dat betekende dat ik de prijs voor dat “snelle” lopen nog wel zou betalen. Dat wist ik. En inderdaad… iets na de eerste kilometer gingen de scheenbenen protesteren. Damn! En ik had er zoveel zin in. Mijn man en een vriend, die nog bij ons liepen, maande ik maar aan om door te lopen, want ik had pijn en ging even stappen. Ik wou hun looppret ook niet vergallen. Een andere loopvriend bleef echter bij mij. En dus besloot ik na 200 meter weer over te gaan op loopmodus. Volgens mij op tempo nul, maar hij vond het niet erg. Ik was eigenlijk ook wel blij dat hij bij mij gebleven was, in het donker op de dijk… niet dat ik van de schrikachtige soort ben, maar het was wel een soort van ‘morele oppepper’. Hij hield mij bezig door te vertellen over andere loopwedstrijden, en ik voelde mij aldus ook ‘verplicht’ om te blijven lopen. Was ik alleen geweest, ik weet niet of ik het karakter zou gehad hebben om te blijven lopen.

Zo al pratende tikten de kilometers wel gezapig weg.  Voor ik het wist hadden we al 3 kilometer gelopen. We waren al halfweg. Het voelde niet zo aan, het voelde alsof ik nog heel fris was. Wat ik eigenlijk ook wel was. En nog een stukje verder was alle pijn ook zomaar verdwenen.
Ik bleef dus lopen. Hoe langer ik liep, hoe beter het ging. Een diesel heeft er niets aan. Op goed 800 meter van de eindstreep zag ik aan de overkant van het water een licht flitsen. Ik vermoedde al dat daar lawaai zou van komen. Op de duur ken je natuurlijk je vrienden. En inderdaad. Vanop de andere oever werd er luid voor mij gesupporterd. Maar dan ook héél luid! Ik denk dat de watervogeltjes, mochten die al een winterslaap houden, ook bruusk uit die winterslaap gewekt werden. Ik heb – uiteraard – ook teruggeroepen. Dat moest, vond ik. Nog een paar honderd meter verder zagen we plots iemand tegenlopen. Een clubgenote, die mij kwam zoeken. De loopvriend die quasi het hele parcours met mij gelopen had, vroeg of het ok was dat hij een kleine versnelling hoger schakelde, zodat hij nog een tweede rondje kon lopen. Uiteraard! Ik was al blij dat hij al die hele tijd naast mij had gelopen! Ik werd opgepikt door een clubgenote, en samen gingen we door naar de aankomst. Mijn scheenbenen? Die lieten zich niet meer voelen. Ik had eigenlijk best nog wel een rondje van 6 kilometer kunnen lopen, maar goed… het verstand haalde de bovenhand.

rode-neuzen

In ieder geval: het was een leuk loopje, zo op een vrijdagavond. Ik heb geen idee hoe mijn scheenbenen zich de volgende dagen gaan gedragen, maar dit heb ik toch maar weer mooi op mijn conto staan. Hey… ik loop zomaar even tussendoor een kilometer of 6. Waar is de tijd dat ik happend naar adem amper een halve minuut haalde? Echt waar, ik ben hier blij mee. Heel blij. Zeker omdat ik het vandaag eerst niet zo makkelijk vond lopen, met die lastige scheenbenen… en dan blijkt achteraf dat ik gemiddeld toch een 8km/u liep. Dat is niet supersonisch snel, maar ooit liep ik maar 6,5km/u. En die ooit, dat is nog niet eens zo lang geleden. Ik weet nog dat ik toen bij elk looprondje heel hard probeerde om elke kilometer onder de 8 minuten te lopen. En dat elke keer weer heel erg teleurgesteld was dat dat niet lukte. Die ‘toen’, dat was het afgelopen voorjaar. Op een moment liet ik het wel los. Ik had mezelf er wat bij neergelegd dat het mij nooit zou lukken om onder die 8 minuten te lopen. En zie nu! Nu ineens kan ik dat!  Dus ja… reality check! Echt! Er is progressie. Ik ga vooruit. Ik kwam als laatste aan, maar ik heb het wel weer gedaan. En damn! Ik ben én blij én trots dat ik dat kan, dat lopen! Want het was een mooi loopje. Goed georganiseerd, leuke omgeving. Niet zover van mijn ‘roots’ eigenlijk. Ook dat. Ik vertelde het onderweg nog aan mijn loopmaat, dat ik vroeger altijd jaloers keek naar mensen die op de dijk dingen lopen. En nu doe ik dat zelf. Ik kan dat gewoon! Plezant. Echt! Dat is het!
Gisteren praatte ik ook even bij met mijn ‘personal coach’  Zij zei het mij ook nog, dat ik ‘toen’ niet geloofde dat ik ooit nog dat lopen leuk zou gaan vinden. Ze heeft wél gelijk gekregen, en hoe! Lopen, dat is de max! Ook aan 8km/u.:) Zou 10km/u eigenlijk tot de mogelijkheden behoren? *grijns*

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s