Op fietsweekend

Woensdagavond, 18u30. Het plan voor vanavond was: nog eens meefietsen met de madammen. Evenwel, ik kan niet. Serieus niet. De zin is er wel, maar de druk om nog een verslagje te schrijven is te groot. Een verslag waar ik ook mijn instructies voor gekregen heb. Want dat, dat en dat zou er toch zeker moeten instaan! Ik heb het opgelijst in mijn GSM. Dat dergelijke lijstjes voor mij niet werken, dat weten die madammen natuurlijk (nog) niet. Evengoed wil ik hen wel het plezier gunnen om het lijstje op zijn minst hier even op te sommen. Dit is dus in het kort het fietsweekend:

  • Kiekens!
  • Tilburg-miserie
  • Lekkere La Trappe
  • Nagefloten
  • Vallen alvorens klikpedalen te hebben (offeh… zie ook mijn vorige blog 😉 )
  • Laat ze lopen als ze wilt lopen
  • Liever dik in de kist dan een feestje gemist
  • Ik doe al heel mijn leven water bij de wijn, maar nu is de wijn op en drink ik alleen nog water
  • Een papieren staart, een bejaarde dame én een molen
  • Weke poepekes
  • Een zalfje in een douchekappeke
  • En tot slot: een fietsuitdaging!

Van sommige dingen weet ik nog perfect waar het over ging. Die kiekens bijvoorbeeld, dat werd ons nageroepen door een meneer in Lier. Want die meneer zijn madam was van ons geschrokken toen wij de bocht in gingen. Nochtans, we reden allemaal netjes op 1 lijntje én aan de goede kant. Kunnen wij eraan doen?

Andere dingen zijn dan weer niet uit te leggen. Situatiehumor. De papieren staart bijvoorbeeld is er zo eentje. Hilarisch op het moment zelf, maar hoe vertel je dat nu een paar dagen later in een blog? Niet, want het was een gevalletje “je had er moeten bij zijn”. Jammer voor diegenen die er niet bij waren, maar wel een geweldige herinnering voor zij die wel “daar bij die molen” waren.

de-molen

Dus ja, waar kan ik het nog over hebben?

Misschien moet ik eens beginnen bij het begin: het weekend dus. Ik had mij in een onbewaakt moment er eigenlijk weer laten inbroebelen. Niet in het weekend zelf, doch wel in het fietsen naar de bestemming. “Wij fietsen toch tot daar hé!”. Ja, tuurlijk, dacht ik, met iets lekker fris in mijn hand, bekomend van een fietstocht van 70 kilometer. Dat dat de laatste langere fietstocht was die ik nog zou doen voor het fietsweekend, daar was ik mij toen nog niet van bewust. En hoe dichter het weekend kwam, hoe meer stress ik kreeg. Want ik had toch al een week of 5 niet meer meegefietst. Kon ik dat wel, goed 120 kilometer fietsen? En wat als het niet meer zou gaan? Een bezemwagen hadden we niet. Damn… daar had ik mezelf toch even serieus voor blok gezet.

Maar goed, wat moet moet zeker? Wij weg dus… dat was nadat ik eerst terug naar huis gereden was omdat ik mijn handschoenen vergeten was, en dat was ook nadat ik tot het besef gekomen was dat ik 2 rechterhandschoenen meehad. De linkerhandschoenen staken in mijn zak voor het weekend. En die zak, die stond elders vertrekkensklaar om nagebracht te worden. Ik wou eerst nog zo rijden, met de rechterhandschoen aan mijn linkerhand, maar gelukkig had een clubgenote die met de auto naar Nederland reed een extra paar in haar auto liggen. Pfieuw! Gered! En gelukkig maar, want anders hadden mijn handen na mijn val van een paar uurtjes later er ook helemaal anders uitgezien! Verstrooid zijn, ik zou er een hobby van kunnen maken de laatste tijd.

trappist-proeven

Enfin, goed 130 kilometer en een bezoek aan de brouwerij van La Trappe later vond ik toch dat ik dat goed gedaan had. Speekmedalje! ’t Zal nog niet zijn zeker! Een lekker diner en nog wat drankjes later doken we ons bed in. En neem dat duiken maar letterlijk. Veel te zachte bedden, voor mij mag het toch iets harder. Maar bon… ik heb wel geslapen. En gelukkig maar, want de dag erna wachtte ons nog een fietstocht van goed 70 kilometer.

Het mooiste moment tijdens die hele tocht was het inhaalmanoeuvre op de dijk langs de Maas. Een clubgenote had het namelijk op zich genomen om actiefoto’s van iedereen te nemen. Daardoor moest ze, nadat wij allemaal gepasseerd waren, alleen tegen de wind in beuken om de groep terug bij te benen. We besloten met 3 om haar op te wachten, en zo met zijn vieren samen terug naar de groep te rijden. Het Tour de France-gevoel zeg maar. Wat was dat zalig fietsen! Tegen 30km/u astemblief, mét wind. Het besef dat ik dat gewoon kan en doe… mooier dan dat wordt het echt niet!

tdf-moment

En was het de euforie? Was het iets anders? Ik weet het niet, maar op een gegeven moment liet ik mij op 1 of andere manier toch weer vangen. De dame die namelijk het makkelijkst bergop fietst, liet weten dat ze na dit weekend haar fiets aan de haak zou hangen tot in mei wegens andere prioriteiten. Ik zag mijn kans schoon. Te schoon misschien, want ik had al een keer achter haar aan gereden bergop. Om haar toch net niet te kloppen en halfdood boven te komen. Maar het was een verdienstelijke poging. Duhus… ik dacht: als zij nu al die maanden niet fietst, en ik blijf lekker wél fietsen, en ik train stiekem zo ook wat hellingen bij, dan moet zij toch te kloppen zijn in mei? En lap! Een soort van weddenschap was weer geboren. En nu hang ik er dus aan vast. In mei gaan we de competitie aan. Omtereerst naar boven fietsen. De bedoeling was dit op de heuveltjes in Kobbegem te gaan doen, maar iets zegt mij dat het toch misschien eerder richting Huldenberg/Tervuren zal gaan. Ik zal dus stiekem nog héél veel moeten gaan bijtrainen.
Dusseuh… Als iemand zin heeft om met mij de komende maanden mee bergop te gaan rijden, heel graag! (voor de slechte verstaander: dit was een warme oproep hé!)

middagstop

Na nog eens een duik in het te zachte bed wachtte ons op zondag nog een terugrit. Een terugrit waarvoor ik best toch weer wat stress had. Want ik had al goed 200 kilometer in de benen, wat zou dat geven? Awel… dat gaf goed. Het fietste best lekker, en buiten wat zadelpijn verteerde ik ook deze rit wonderwel. Het fietste, en het bleef fietsen. Zoiets. En ja, aan het staartje. Ik ben een achterhoede-rijder denk ik.

Maar ik ben echt best wel trots op mijn fietsweekend met de madammen. Als ik maar wil, dan kan ik toch veel meer dan dat ik ooit gedacht had dat ik zou kunnen. Nu nog dat bergop fietsen… *krabt zichzelf nog eens in het haar en denkt bij zichzelf: “kieken!”*

Advertenties

6 gedachten over “Op fietsweekend

  1. pipsesippi

    Ik wil toch dat van die poepekes weten…. Wat was er met die poepekes? Poegatjes, om op te eten of echte poepekes? Neen serieus… Ge kunt dat niet zomaar schrijven en dan doen of uw neus bloedt (jaja… ik weet al dat er echt bloed bij was, jajajajajaja….). Maar allez kom, die poepekes?

    Like

    1. Sandra Berichtauteur

      jamaar ja… ge kent dat van ‘what happens in Oisterwijk stays in Oisterwijk’… dus ik kan dat van die poepekes niet vertellen. Ik kan wel zeggen dat het niet over poepegatjes gaat… en daarbij zeg! Weke poepekes en fietsen, allez kom… peinstnekeerna! 😛

      Like

      1. pipsesippi

        Blij met je snelle antwoord want ik zat met mijn royale derrière al serieus op hete kolen. “Poegatjes” zijn die om te eten, allez hier toch, als kind noemden wij die ook “Poepekes” he? Bij Maria in ’t snoepwinkeltje, elke week voor 10 frank – niks van de onderste “root” pakken want daar kon “den Blacky” aan…. daar werden die poepekes ook week van. Maar ik kan er mij iets bij voorstellen… “zweetreet” en zo, met bloed erbij bij sommigen. Ik ken het… weliswaar niet van ’t fietsen, maar ben ooit zo onnozel geweest om een dagtocht te doen per paard in de Ardennen (ik kan geen paardrijden, ik kan er alleen blijven op zitten)… ik had dat toen ook allemaal. Maar serieus, van die onderste “root” zijt gij toch ook afgebleven he?

        Like

      2. Sandra Berichtauteur

        Poepekes ja, zo noemden wij dat. Voor 10 frank had je trouwens toen een zak vol bij Maria. Ik weet eigenlijk niet of ik van de onderste”root” afgebleven ben… zou ik daar heden ten dage nog de gevolgen van dragen peinsde?
        Enfin, wat dat fietsen verder betreft: ik heb een goede fietsbroek (mag ook wel voor dat geld), en daar horen geen accessoires bij. Allez ja, accessoires in de zin van extra kussentjes hé! 😀

        Like

      3. pipsesippi

        Weke poepekes gegeten = weke poepekes hebben denk ik. Uw broer was slimmer, die pakte “nestels” van de bovenste “root”.

        Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s